De Gereformeerde bondsdiensten te Alphen aan den Rijn
In het voorjaar van 1954 ging ds. J. Stehouwer met emeritaat. Er waren in Alphen toen drie predikanten (Oudshoorn is kerkelijk altijd een zelfstandige gemeente gebleven). Er werd door de afdeling van de Geref. Bond een comité gevormd, dat handtekeningen verzamelde van belijdende leden te Alphen onder een verzoek aan de centrale kerkeraad, om in de komende vacature van een G.B.-predikant te beroepen. Motief: de ondertekenaars wilden graag een prediking overeenkomstig Schrift en belijdenis. De G.B.-predikanten begeren het Woord te brengen in overeenstemming met de belijdenis van de Ned. Herv. Kerk en dus kan hiertegen geen overwegend bezwaar zijn.
Door de korte voorbereidingstijd konden niet alle belijdende leden bezocht worden, maar toch kwa. men 350 namen onder het petitionnement te staan. De c.k. reageerde echter nauwelijks. Het comité kreeg nul op het rekest en ging op een avond in de week een predikant vragen. Als gevolg van deze actie kwam het tot een gesprek met een commissie uit de centrale kerkeraad. Als het comité beloofde, de door de weekse avonddiensten te staken, zouden in 20 diensten per jaar G.B.-predikanten worden uit. genodigd. Zo geschiedde, zij het op wat eigenaardige wijze.
De gemeente breidde zich uit en een vierde predikantsplaats kwam in zicht. Evenals bij vacatures in de tussenliggende jaren verzocht het comité: Beroep s.v.p. een G.B..predikant. Dat was op 24 februari 1960.
Op 29 maart 1961 wendde het comité zich opnieuw over deze zaak tot de c.k. en eveneens tot het Breed Moderamen van de Classicale Vergadering. Dit laatste gebeurde mede als gevolg van publikaties van ds. J. H. Bogers in Het Kerkblad van de Ring Alphen aan den Rijn, waartegen de c.k. niets wilde doen, en waarop het comité niet mocht antwoorden. In deze publikaties werden de hervormd- gereformeerden heftig aangevallen.
De praeses van de Classicale Vergadering verzekerde ons, dat het Breed Moderamen weinig invloed had. Bovendien wist het B.M. eigenlijk nog nergens van, hoewel men juist de Alphense predikanten had ontvangen. Het zou minstens nog twee jaar duren, ' voor de vierde predikantsplaats gesticht zou worden', zei de praeses.
Binnen acht maanden was de vierde predikantsplaats echter een feit, nl. in januari 1961. De c.k. antwoordde heel vriendelijk op ons verzoek, maar toch negatief: De vierde predikantsplaats zou door een confessioneel predikant worden bezet. Omdat men kennelijk vreesde, dat een evangelisatie gesticht zou worden, werd het aantal G.B.-diensten tot 24 opgevoerd.
Het comité werd nu omgezet in een Vereniging Hervormd Verband op Geref. Grondslag.
Sinds 1961 gaan 24 keer per jaar G.B..predikanten in onze gemeente voor. De c.k. kondigt deze diensten trouw aan met: voor de G.B. Soms waren er moeilijkheden, soms verschenen er vrouwelijke ambtsdragers in deze diensten. In 1970 besloot de c.k. dat per 1 oktober '71 ook in de G.B.diensten de nieuwe psalmberijming gebruikt zou worden. Met veel moeite is gedaan gekregen, dat dit besluit opgeschort werd.
Op 1 februari van dit jaar besloot de c.k. onderleiding van de praeses ds. J. H. Bogers, dat per 1 januari '74 ook vrouwelijke ambtsdragers in de zogenoemde G.B.-diensten voluit dienst zouden mogen doen. Tot heden was dit niet het geval, al waren er soms moeilijkheden. Het bestuur heeft zich een en andermaal tot de c.k. gewend over deze zaak. De c.k. berichtte ons op 10 april en op 31 augustus, dat het besluit onverkort zal gehandhaafd blijven.
Het bestuur voerde drie redenen aan, waarom het deze regeling niet kon accepteren: a) vrouwelijke ambtsdragers zijn in strijd met Gods Woord; b) de te vragen predikanten zullen niet langer bereid zijn in Alphen aan den Rijn voor te gaan; c) de groep, die deze prediking begeert, blijft weg.
In de door het Hervormd Verband op G.G. op 16 augustus aan de c.k. verzonden brief werd erop gewezen, dat het vragen van predikanten, die desnoods vrouwelijke ambtsdragers aanvaarden, geen oplossing biedt. De kerkgangers, voor wie deze diensten belegd worden, zullen wegblijven.
Per brief dd. 31 augustus jl. berichtte de c.k. het bestuur, dat hij nu zelf de predikanten gaat vragen. Dit houdt dus in, dat de te vragen predikanten erop kunnen rekenen, vrouwelijke ambtsdragers in de kerkeraadskamer aan te treffen en soms ook door een vrouwelijke ouderling naar de kansel ge. leid zullen worden.
Als motief werd ook aangevoerd, dat nimmer bezwaren tegen de vrouw in het ambt waren aangevoerd. Dit is onjuist. In o.a. een brief van 11 maart 1963 aan de c.k. heeft het bestuur principieel bezwaar gemaakt tegen de benoeming van vrouwelijke ambtsdragers. In ons blaadje 'Hervormde Klanken' is meermalen over deze kwestie geschreven. Dit is de praeses van de c.k., ds. Bogers, uiteraard bekend.
De c.k. gaat dus zelf predikanten vragen (voorheen deed het bestuur dit op data, door de c.k. opgegeven). In hoeverre de gevraagde predikanten toezeggingen zullen moeten doen inzake het gebruik van het Liedboek, dat per 1.1.'74 wordt ingevoerd enz., is ons bestuur niet bekend. Dat men predikanten zoekt, die bereid zijn 'mee te werken' is wél zeker.
Het bestuur van het Hervormd Verband op G.G. deelt mede, dat het vanaf 1 januari '74 geen verantwoordelijkheid meer op zich kan nemen voor zg. G.B.-diensten in Alphen aan den Rijn, die door de c.k. worden belegd.
Een en ander zal ook financiële consequenties hebben, daar de bereidheid om de kerkelijke bijdrage te voldoen, nog meer zal afnemen.
De confessionelen in onze gemeente zijn eveneens bezorgd over de gang van zaken. Zij zien ook, dat de nieuwe maatregel het kerkbezoek ongunstig zal beïnvloeden. De confessionelen zouden de oude regeling dan ook gaarne handhaven en ook voor het herv.-geref. gemeentedeel een plaats inruimen. De gevolgde tactiek van de c.k. lijkt het meest op uitverkoop houden.
'Als jullie bezwaar hebben tegen vrouwelijke ambts. dragers, gaan jullie maar elders kerken', werd ons gezegd. Men heeft de bijdragen van de herv. gereformeerden zeker ook niet nodig. Ds. Bogers stelde aan het begin van dit jaar vóór de Adventskerk maar af te breken. Deze rendeert niet meer. Het aantal predikanten wordt per l.l-'74 van vier naar drie teruggebracht. De begroting voor dit jaar sloot met een tekort van ƒ40.000, —, ondanks vele besnoeiingen.
Zal er over enige jaren nog een kerk zijn ? De vijand rukt vast aan, met opgestoken vaan... Moge er in Alphen aan den Rijn vertrouwen zijn op de Koning der Kerk, de Heere Jezus Christus, aan wien alle macht gegeven werd in hemel en op aarde. Uiteindelijk beslissen niet de mensen, hoe schijnbaar-machtig ook, maar Hij en Hij alleen. Het bestuur geeft het over aan Hem, die ook nu nog Zijn Kerk regeert. Hij brengt al de Zijnen thuis, ook uit Alphen aan den Rijn.
Wij vrezen voor afbraak van de kerk, maar de psalmist mag zingen: Ik weet, hoe het vast gebouw van Uwe gunstbewijzen, naar Uw gemaakt bestek in eeuwigheid zal rijzen !
Geve de Heere maar veel gebed voor onze gemeente. Maar dan zal er ook de schuldbelijdenis moeten komen: Wij hebben gezondigd, mitsgaders onze vaderen, wij hebben verkeerdelijk gedaan; wij hebben goddelooslijk gehandeld.' (Ps. 106 : 6). Wat waren we dikwijls lauw en weinig geïnteresseerd, en dat, terwijl het om Gods Rijk gaat, om Zijn Woord en om Zijn eer. 'Zo Gij Heere, de ongerechtigheden gadeslaat; Heere wie zal bestaan? ' (ps. 130:3). Moge Gods Woord heerschappij hebben in onze vaderlandse kerk, in de gemeenten en ook in Alphen aan den Rijn. Tot eer van Zijn Naam.
Het bestuur van het Hervormd Verband op G.G. te Alphen aan den Rijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's