Boekbespreking
G.A. van de Weerd Het Evangelie naar Mattheüs (deel 1) Uitg. PMI Boeken, Veenendaal; 845 blz., € 74,50.
Gert van de Weerd legt opnieuw een forse Bijbelverklaring op tafel, nu over de eerste veertien hoofdstukken van het Mattheüsevangelie. Aan energie ontbreekt het de Veenendaalse auteur kennelijk niet en ook dit commentaardeel mag een prestatie worden genoemd. De literatuurlijst achterin geeft blijk van brede belezenheid. Het commentaar volgt een vast stramien. Na een korte introductie geeft Van de Weerd een overzicht van verschillende vertalingen, die hij vervolgens bespreekt. Regelmatig voegt hij kanttekeningen en excursen toe, waarin hij dieper ingaat op grammaticale kwesties of kernbegrippen.
Vooraf legt Van de Weerd zijn kaarten op tafel. Hij wil een verklaring bieden ‘in absolute gehoorzaamheid aan de Griekse grondtekst zonder dat enige dogmatiek daar invloed op heeft’. Het is duidelijk dat de auteur weinig opheeft met de historisch-kritische exegese; deze is er volgens hem op uit ‘de boodschap van de Bijbel in diskrediet te brengen’.
Ik deel met de auteur de liefde voor zorgvuldige bestudering van de Griekse tekst van het Nieuwe Testament. Toch wil ik twee kanttekeningen plaatsen. Ten eerste: dé Griekse grondtekst bestaat niet, welke handschriften we ook prefereren te gebruiken. Daarbij is het van belang de Textus Receptus niet te vereenzelvigen met de Meerderheidstekst; het betreft twee verschillende tradities.
Ik kan hier niet uitgebreid stilstaan bij de uitlegkundige keuzes die Van de Weerd maakt, noch bij zijn unieke visie op de eindtijd. Wel verdient zijn bespreking van het Griekse demonstratieve lidwoord aandacht. Deze is interessant, al is de materie complexer dan hij suggereert. Opvallend is ook zijn uitgesproken mening over de eeuwige kwelling van hen die verloren gaan. Volgens Van de Weerd zwijgt de Schrift hierover. Dit is een typisch voorbeeld van de dogmatiek die de exegese overstemt. Zonder volledig te willen zijn, wijs ik erop dat uitgerekend in het Mattheüsevangelie het woord ‘eeuwig(e)’ altijd gekoppeld is aan óf ‘leven’ óf ‘vuur’. Sommige bochten neemt de auteur bijzonder krap.
Ten slotte: het is vanzelfsprekend geoorloofd om andermans standpunten af te wijzen, maar laten we dat doen op een zorgvuldige toon. Een betoog wint zelden aan overtuigingskracht door het gebruik van negatieve superlatieven. Die maken een vruchtbaar gesprek bij voorbaat moeilijk. In dat licht zou het commentaar aan kracht hebben gewonnen als het aantal bijvoeglijke naamwoorden en uitroeptekens aanzienlijk was teruggebracht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 augustus 2025
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 augustus 2025
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's