Spontaan dopen
Spontaan dopen gebeurt steeds vaker, zo lijkt het wel. Ook het Graceland Festival had voorzichtig deze deur opengezet. Kan dat zomaar gewoon? ‘Dopen is net als trouwen: als mensen het zien, willen ze ook.’
Aldus bericht het Nederlands Dagblad (18-08-25) over een nieuwe dooppraktijk. Op het Graceland Festival van dit jaar werden bezoekers die daar behoefte aan hadden gedoopt. Omdat de Protestantse Kerk gelieerd is aan dit festival, roept deze dooppraktijk serieuze vragen op aan de kerk. Wordt deze ‘doop’ door de kerk erkend? Gaat er een dubbele dooppraktijk ontstaan: een kerkelijke en een niet-kerkelijke? Kunnen en mogen bijvoorbeeld Alpha-curussen ook gaan dopen? Wordt de doop op deze manier niet een hyper-individueel gebeuren, terwijl de kerk – het lichaam van Christus – erbuiten gehouden wordt? Het ND meldt dat de PKN de mogelijkheid verkent om te dopen op een festival, maar de festivalorganisatie heeft hier niet op gewacht en ging maar vast aan de slag.
Nederlands Dagblad
Het Graceland Festival introduceerde dit jaar iets bijzonders: bezoekers kregen de mogelijkheid zich te laten dopen. ‘We bespreken dit al jaren en nu komt het er hopelijk eindelijk van’, zei festivaldirecteur Gerda van Veen vooraf in deze krant. Het initiatief richtte zich vooral op bezoekers die zich buiten kerkelijke gemeenschappen bevinden. ‘We zien de doop als een heilig iets, het is geen aangekondigd onderdeel van het festivalprogramma.’
En er werd inderdaad gedoopt, alleen niet via de weg die Graceland samen met de Protestantse Kerk in Nederland had bedacht. Dit was op eigen initiatief, maar ‘wij kenden de groep die dit initieerde en het voldeed 100 procent aan wat wij bieden’.
Bij de genezingsdiensten van Tom de Wal, de voorman van de beweging Frontrunners, staat een badje achter in de zaal. Deze zomer waren er ook diverse evangelisatieacties waarbij gedoopt werd. Zo gingen op 21 juni meer dan duizend mensen in verschillende steden de straat op, hierbij werden tientallen mensen gedoopt.
Willem Fiege, initiatiefnemer van Soulwinners – dat onderdeel is van Frontrunners – zei in deze krant: ‘In alles wat we doen, vallen we voortdurend terug op de Bijbel. We willen zo radicaal mogelijk doen wat het Woord zegt.’ Voor Fiege betekent dit dat de prediking van het evangelie, bekering en doop bij elkaar horen. (…)
Voor Fiege geeft het Woord van God de blauwdruk van de doop: ‘Dopen was altijd onmiddellijk. Niet wachten tot morgen zodat ‘tante Truus’ erbij kan zijn, maar meteen. En dopen is net als trouwen: als mensen het zien, willen ze ook.’
Hans Maat van LIFE Schools heeft gemengde gevoelens over dopen tijdens evangelisatieacties. ‘Vanuit de vroege kerk weet ik dat mensen eerst door het hele proces van bekering en bevrijding heen moesten en basisonderwijs kregen voordat ze gedoopt werden.’
Toch raakt een spontane doop in Zwolle hem, vertelde hij eerder aan deze krant: ‘Het ging bijna zoals bij Filippus en de kamerling (in Handelingen 8, red.). Soms is dopen zo’n natuurlijk gevolg van evangelisatie dat het bijna onnatuurlijk is om het uit elkaar te halen.’ Maar Maat benadrukt een cruciaal punt: ‘Ik vind ook dat deze personen dan verbonden moeten worden met een christelijke gemeente.’ (…)
In het Nieuwe Testament vinden we verschillende voorbeelden van een spontane doop: Paulus, de gevangenbewaarder, Lydia. Het verschil is wel dat er toen nog geen gemeente was. De apostelen moesten voortdurend verder trekken of werden gedwongen de plaats waar zij het evangelie verkondigden te verlaten. Zij moesten ter plekke dopen of de doop nalaten. Dat is niet te vergelijken met onze situatie. Wat de kamerling betreft: het was voor hem de enige mogelijkheid om zich te laten dopen. Hij ging naar een land waar geen christelijke gemeente was, waar hij dus niet gedoopt kon worden. Het was nu of nooit. Zoiets kun je een nooddoop noemen. De mogelijkheid van nooddoop is er altijd geweest en ook gepraktiseerd, bijvoorbeeld in oorlogstijd, als militairen op een missie gingen waarvan ze waarschijnlijk niet zouden terugkeren. Dat is wel iets anders dan je op een festival laten dopen.
Een heel ander onderwerp, maar niet minder actueel, is de Gaza-oorlog. Daarover schreef Bernd Timmerman, historicus en socioloog, een helder opinieartikel in Trouw (18-08-25). Verontwaardiging over het lijden van Palestijnen mag niet in de plaats komen van kritisch denken, vindt de politiek linksgeoriënteerde Timmerman. Het artikel spreekt voor zich.
Trouw
In het debat over het Israëlisch-Palestijns conflict laten vooral links-progressieve partijen een reflex zien: sterke emotie gepaard met zwakke rationele onderbouwing. Begrijpelijke verontwaardiging over lijden van Palestijnse burgers verdringt kritisch denken.
De reacties op het geweld in Gaza kenmerken zich door morele selectiviteit: Israël wordt als hoofdverantwoordelijke aangewezen, terwijl de rol van Hamas nauwelijks benoemd wordt. Zo ontstaat een simplistische tegenstelling van onderdrukker en slachtoffer, met als standaardoplossing een Israëlische terugtrekking.
Die benadering miskent de realiteit van actoren met verschillende intenties, middelen en verantwoordelijkheden. Israël is aanspreekbaar op humanitaire hulp, rechtsstatelijkheid, militaire strategie en diplomatie; Hamas opereert volledig buiten morele en juridische kaders. Toch eisen we vooral van Israël verantwoording, terwijl Hamas – dat een slachtpartij heeft begaan, zich mag verschuilen onder Gazanen, en gijzelaars vasthoudt – nauwelijks ter verantwoording wordt geroepen.
Waarom wordt Israël opgeroepen tot de-escalatie, terwijl Hamas openlijk mag vasthouden aan een ideologie die vrede uitsluit en haat predikt? Na de aanval van 7 oktober 2023, waarbij 1200 Israëlische burgers werden vermoord, was er kortstondig morele ophef. Maar na enkele dagen volgden oproepen aan Israël tot wapenstilstand, sancties en ‘proportioneel geweld’. Het geweld van Hamas werd bijna vanzelfsprekend gevonden of zelfs begrijpelijk.
(…) Ook lijkt het alsof kritiek op Hamas gelijkstaat aan onverschilligheid over Palestijnen. Juist uit solidariteit met Palestijnse burgers moet Hamas veroordeeld: het blokkeert democratisering, wijst onderhandelen af en gebruikt burgers als pionnen. Wie bezorgd is over burgers, roept ook Hamas ter verantwoording.
Internationaal is de asymmetrie eveneens groot: Israël wordt continu gemonitord en veroordeeld, Hamas ontsnapt grotendeels aan controle of eisen tot ontwapening en erkenning van Israël. Waarom mag van Israël verwacht worden dat het zich maximaal inspant voor vrede, terwijl van Hamas niet eens wordt geëist dat het stopt met terreur?
Die asymmetrie ontstaat uit gemakzucht en dogmatisme. Die past in een moreel kader waarin westers staatsgeweld verdacht is, en geweld van niet-statelijke actoren of moslimstaten een excuus krijgt.
Deze benadering houdt de morele scheefgroei in stand. Vrede vraagt dat ook Hamas en anderen worden beoordeeld als actoren met verantwoordelijkheid. Weigeren dat te benoemen is geen empathie, maar morele verlamming, gevoed door een eenzijdig naïef wereldbeeld.
Die verlamming draagt bij aan het voortduren van het conflict, het mislukken van onderhandelingen, een hysterische polarisatie en het lijden aan beide zijden. Het activisme van de straat mag niet overwaaien naar de politieke arena. Waar emotie en slogans het plein domineren, vraagt de Tweede Kamer om analyse, argumenten en consistentie.
Leuzen als ‘Free Palestine’ en ‘Palestine will be free’ klinken krachtig, maar bieden geen antwoord op de vraag hoe vrede bereikt kan worden en wat daarvoor van alle partijen wordt gevraagd. Wie denkt dat een eenzijdige Israëlische terugtrekking of internationale erkenning van Palestina automatisch stabiliteit brengt, overschat symbolische politiek en onderschat de vernietigingsdrang van Hamas en andere terreurorganisaties en autocratische staten.
Een Israëlische terugtrekking is alleen mogelijk bij een onvoorwaardelijke capitulatie van Hamas en vrijlating van alle gijzelaars. Los daarvan moeten hulp en voedsel worden toegelaten, maar dat vereist wederzijdse garanties.
Vrede vraagt niet om morele schijnduidelijkheid, maar om de moed ook ongemakkelijke vragen te stellen aan alle betrokkenen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 september 2025
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 september 2025
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's