De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Israël is nog niet thuis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Israël is nog niet thuis

4 minuten leestijd

Een nacht van waken was dit voor de Heere om hen uit het land Egypte te leiden. Daarom is dit een nacht ter ere van de HEERE: een waken voor alle Israëlieten, al hun generaties door. Exodus 12:42

Denk eens aan de donkerste nacht van Jezus. Aan die donkerste nacht van al Zijn donkere nachten, die ten slotte voor ons de nacht van onze verlossing bleek te zijn.

Jezus bevindt zich met Zijn drie meest vertrouwde vrienden in Gethsemane. Hij overnachtte daar wel vaker met de leerlingen als ze in Jeruzalem waren. Maar nu slaapt Hij niet. Deze nacht is voor Hem een doorwaakte nacht. Het gaat er voor Hem om spannen.

Petrus, Jakobus en Johannes zijn niet zo lang hiervoor getuige geweest van de hemelse glorie van Jezus, maar nu gaan ze Jezus in Zijn volkomen misère en diepste gebrokenheid zien. Ze zien dat er iets met Hem gebeurt. Ontsteld is Hij en ontdaan. Hij lijkt ineens Zichzelf niet meer te zijn.

Kalm had Hij nog het brood gebroken. Maar dat kalme is nu helemaal weg. Jezus heeft een verwilderde blik van angst in Zijn ogen.

Die drie vrienden, daar verwacht Hij wat van. ‘Blijven jullie hier alsjeblieft met Mij waken?’ Hij smeekt om hun tederheid en sympathie. Hij is zo alleen.

Verbijsterd

Maar hoe bitter wordt Hij teleurgesteld. Tijdens Zijn doodsnood zijn ze ingedommeld. ‘Van droefheid’, zegt het Evangelie het nog wat verzachtend. Ze waren verbijsterd. Ze waren zo moe. Jezus heeft niets aan ze. En Hij voelt dat.

Hij voelt dat ook in het slapen van ons. Hij moet het doen, Hij alleen. Toen wij sliepen, deed Christus Zijn werk. Wij hebben er niets aan bijgedragen, wij hebben niet eens toegekeken. In nameloze eenzaamheid droeg Christus de last. Maar het geeft niet. Hij verwijt het ons niet. Hij waakt tot ik door de rivier en door de woestijn ben getrokken en veilig ben aangekomen.

In onze tekst zien we ook God de Heilige Geest. Er is niemand in Egypte achtergebleven. Er trekt zelfs veel volk van allerlei aard met Israël uit Egypteland op. ‘Veel gemengd volk’, zegt de Statenvertaling. Zij liften mee met Israëls bevrijding. De randbewoners van deze wereld. Daar schemert al iets in door van wat later vervuld wordt: in Abraham worden al de volkeren van de aarde gezegend.

Het is ruim genoeg. Maar dat moet ons geestelijk niet gemakzuchtig maken. God zegt: ‘Kom, niet achterblijven. Niet het tij laten verlopen. Kom eruit allemaal!’ Egypte heeft geen toekomst. Dat kun je zien aan de dood van de eerstgeborenen. In Egypte ben je een slaaf. Zelfs de farao bevindt zich daar in het diensthuis. En de directeur van uw bedrijf misschien ook. Werken moet je daar, en verdienen, om ten slotte toch nog niet gelukkig te zijn.

Het waken van God verplicht ons om ook te waken. ‘Daarom is dit een nacht ter ere van de Heere: een waken voor alle Israëlieten in al hun geslachten.’

Bevrijding

Maar wat is dat waken? Dat is bidden en ‘naarstig’ (dat betekent: er komt nooit wat tussen) naar de kerk gaan. Maar het is vooral: stil worden voor God. Je valt stil als je leest van de God die wakker lag van het lot van Zijn volk toen het uur van zijn bevrijding had geslagen. Waken is niet ‘tot actie overgaan’. Maar het is ‘stilvallen’. ‘Wie ben ik, dat U naar mij omgezien hebt?’ Het is wakker zijn door je over te geven aan Zijn leiding en liefde.

Zo vernieuwt Gods Geest ons. Wij kunnen het in de wereld die God niet vreest niet meer harden, maar wij hebben onze medemensen om Jezus’ wil lief. Alles wat ons kinderen van de nacht maakt, is in Christus weggedaan en overwonnen. ‘Waar zal ik me bergen, waar moet ik naartoe?’

Ik weet dat God er wakker van ligt. Hij zegt vandaag en in de laatste nacht van ons leven: ‘Nu gaan we. Door de nacht naar het licht van de nieuwe morgen. Nu gaan we naar huis.’

Het was, net als elke zondag, weer Israëlzondag. Israël is nog niet thuis. En de Palestijnen hebben geen thuis. Wij bidden om de dag dat de volkeren van de aarde elkaar omarmen en als broeders thuiskomen in vrede.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 2025

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Israël is nog niet thuis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 2025

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's