Psalmberijmingen beproefd
Van 1773, naar 1967, naar DNP en KEP
Onder de titel ‘Proeven van psalmberijmingen’ organiseerde het Reformatorisch Dagblad in het najaar van 2025 een aantal avonden om mensen kennis te laten maken met het palet aan Psalmberijmingen dat aan het ontstaan is. En dat zijn er heel wat. In dit artikel kijken we naar de belangrijkste en wat ze uniek maakt.
De oudste berijmingen die tijdens de bijeenkomsten werden toegelicht en gezongen, waren die van Datheen en de Statenberijming uit 1773. De jongste loot aan de stam is de Klassiek Eigentijdse Psalmberijming (KEP), die nog volop in ontwikkeling is. Daartussen bevindt zich een breed scala aan berijmingen, zoals de berijming van 1967 uit het Liedboek voor de Kerken, de berijming van ds. C.J. Meeuse (predikant binnen de Gereformeerde Gemeenten), de berijming van ds. H. Hasper die in het Gereformeerd Kerkboek van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt werd gebruikt en deels is overgenomen in Weerklank, en tot slot De Nieuwe Psalmberijming, een initiatief van Stichting Dicht bij de Bijbel.
De Klassiek Eigentijdse Psalmberijming maakt deel uit van Zingen uit de Bron, een project van het Interkerkelijk Kenniscentrum (IKC). Dit project is volop in beweging en heeft als belangrijke drijfveer de Psalmen dicht bij de jeugd te houden. Op Zingenuitdebron.nl zijn niet alleen de nieuwe berijmingen te vinden, maar ook materialen om binnen het gezin met de Psalmen aan de slag te gaan. Opvallend is dat de namen van de dichters niet bekendgemaakt worden, in tegenstelling tot bij de andere berijmingen. Wel wordt Enny de Bruijn genoemd als betrokken redacteur. Inmiddels zijn twintig Psalmen beschikbaar, evenals de Lofzang van Zacharias.
De vraag dringt zich op: voegt deze berijmingin-wording werkelijk iets toe aan de bestaande varianten? In dit artikel volgt een beknopte vergelijking van de verschillende berijmingen die in de eredienst gebruikt kunnen worden als mogelijke opvolgers van de berijming van 1773. Om dit concreet te maken, wordt steeds een kleine steekproef genomen; te beginnen bij Psalm 1.
Psalmberijming van 1967
We beginnen met de berijming van 1967. Lange tijd stond deze bekend als de nieuwe berijming, maar die benaming is inmiddels achterhaald. Dichterlijk staat deze berijming op hoog niveau. Waar de berijming van 1773 regelmatig gebruikmaakt van samentrekkingen en het woordje ‘ai’ om een overgebleven noot te vullen, bevat ‘1967’ werkelijk prachtige vondsten.
Neem het begin van Psalm 65: “De stilte zingt U toe, o Here.” Dat is precies wat er in de grondtekst staat: stilte, een lofzang tot U, Heere. Fraai is ook dat het woord ‘Here’ wordt gebruikt (al staat er eigenlijk God), terwijl in ‘1773’ vrijwel uitsluitend ‘Heer’ voorkomt; de slot-e verborgen achter een apostrof die oorspronkelijk niet werd geschreven.
Nog zo’n mooie vondst treffen we aan in Psalm 81 vers 8: “Ik ben Hij die is, God zal Ik u wezen.” Letterlijker kun je de uitdrukking “Ik ben de Heere, uw God” nauwelijks weergeven. Dichterlijk is dit een hoogstandje, maar precies daar schuilt ook een mogelijke zwakte voor gebruik in de eredienst: kan de gemiddelde gemeente dit verheven taalgebruik wel goed meebeleven?
Daarnaast gaat er soms iets uit de onberijmde tekst verloren. In Psalm 1 zien we in het Hebreeuws een duidelijke opbouw: gaan, staan, zitten; waarvan de laatste stap in ‘1967’ verdwenen is. Ook de trits goddelozen, zondaars en spotters is niet volledig behouden: de zondaars komen in de berijming niet terug. Toch blijft de berijming van 1967, ook al is het ‘nieuwe’ er inmiddels af, een prachtige.
Meeuse
Dan komen we bij de berijming van ds. Meeuse. Bij de verschijning ervan zou hij hebben opgemerkt dat hij niet hoopte dat die in zijn kerk de berijming van 1773 zou verdringen; en dat is ook niet gebeurd. Tijdens een gemeenteavond over het zingen in de eredienst liet ik de aanwezigen ooit onderzoeken welke berijming het dichtst bij de onberijmde Bijbeltekst blijft, aan de hand van Psalm 1. Welke berijming stak volgens dit criterium met kop en schouders boven de andere berijmingen uit? Dat was de berijming van ds. Meeuse.
Bij deze berijming staat niet het dichterlijke aspect centraal, maar juist de nauwkeurige aansluiting bij de grondtekst; niet verrassend voor het werk van een predikant. Toch heeft de berijming ook dichterlijk zeker waarde, al haalt zij niet het niveau van ‘1967’.
Kijken we opnieuw naar het begin van Psalm 1 als lakmoesproef, dan zien we dat zowel de trits goddelozen – zondaars – spotters als de reeks gaan – staan – zitten prachtig behouden zijn. Ook wordt vrijwel overal het voor ons zo vertrouwde ‘Heere’ gebruikt in plaats van ‘Heer’. Kortom: een berijming die dichterlijk onder ‘1967’ staat, maar inhoudelijk dicht tegen de onberijmde tekst aanleunt.
De Nieuwe Psalmberijming
Dan De Nieuwe Psalmberijming (DNP). In deze berijming stond vooral de verstaanbaarheid centraal. Dat heeft geleid tot een veel vertrouwelijker, bijna alledaags, taalgebruik dan we uit de berijming van 1773 kennen. Zo wordt vaak ‘je’ gebruikt in plaats van ‘gij’ of ‘u’, wat voor velen wat vervreemdend kan aanvoelen. Waar in ‘1773’ regelmatig elementen zijn toegevoegd die niet in de onberijmde tekst voorkomen – denk aan het slot van Psalm 130, waar de nieuwe gedachte “zo doe Hij ook aan mij” de beweging van heel Israël naar individu juist doorbreekt, is in De Nieuwe Psalmberijming juist opvallend veel weg-berijmd. Van het begin van Psalm 1 blijft bijvoorbeeld weinig over: geen staan, geen zitten en zelfs geen goddelozen.
Ook Psalm 119 is drastisch ingekort: er blijven slechts 44 coupletten over, precies de helft van die in ‘1773’. Wat lengte betreft, staan deze twee berijmingen dus aan tegenovergestelde uitersten. Samengevat: populair en toegankelijk taalgebruik, maar wel ten koste van veel inhoud uit de onberijmde tekst.
Weerklank
De bundel Weerklank, die in veel van onze gemeenten in gebruik is, bevat een mengelmoesje van bestaande berijmingen, aangevuld met enkele nieuw berijmde Psalmen. Psalm 1 is zo’n nieuwe tekst. In deze versie is ‘staan’ vervangen door ‘deelnemen’ en is de volgorde aangepast. De goddelozen ontbreken, terwijl de zondaars zijn omgevormd tot “mensen die kwaad doen”. Omdat veel lezers vertrouwd zullen zijn met Weerklank, volsta ik met de opmerking dat de bundel heeft geprobeerd het beste uit verschillende berijmingen samen te brengen en daar redelijk in geslaagd is.
Klassiek Eigentijdse Psalmberijming
En nu waar het uiteindelijk om te doen was: de Klassiek Eigentijdse Psalmberijming (KEP). Als we weer naar Psalm 1 kijken, lijkt er veel verloren gegaan in de berijming. De beweging van gaan – staan – zitten is hier helemaal verdwenen. Jammer dat hier niet gebruikgemaakt is van deze Psalm in de berijming van Enny de Bruijn, genoemd als betrokken bij het IKC-project, in het bundeltje Nieuw berijmd, die hier qua aansluiting bij de onberijmde tekst veel hoger scoort. Maar het zou niet eerlijk zijn om de berijming op grond van Psalm 1 alleen even ‘weg te zetten’. Tenslotte moeten er in elke berijming keuzes worden gemaakt. De KEP heeft zeker dichterlijke kwaliteit en is Bijbels betrouwbaar. De berijming voelt qua geestelijke ‘sfeer’ heel vertrouwd. Het is beslist een initiatief om op de voet te blijven volgen, en nu al is het begeleidende materiaal van grote waarde voor het gebruik thuis. Het is mij niet bekend of Enny de Bruijn mee-berijmt. Haar bundel met 25 Psalmen smaakt beslist naar meer. Misschien zou de combinatie De Bruijn en KEP weleens tot iets moois kunnen leiden. We zien gespannen uit naar het vervolg.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's