‘Traagheid is onze kracht’
Nieuwe columnist dr. Mariëtta van der Tol
De 34-jarige dr. Mariëtta van der Tol begint in dit nummer als columnist (zie pag. 7). Ze is onderzoeker in politiek, recht en religie aan de University of Cambridge, de stad waar ze ook woont. Wat lezers kunnen verwachten? Een kritische vriend.
Mariëtta van der Tol richt zich in haar onderzoek op de impact van radicaal-rechts op het staatsrecht in Europese landen, in het bijzonder de positie van etnische, religieuze en seksuele minderheden. Al woont ze al jaren niet meer in Nederland, Van der Tol weet zich verbonden met de Gereformeerde Bond en het gereformeerde belijden, vertelt ze tijdens een videogesprek. “Ik had afgelopen week een gesprek met een Amerikaan uit de neocalvinistische traditie. Hij was verrast om te horen dat ik ook een gereformeerde achtergrond heb. En hij verbaasde zich erover dat ik er om zo te zeggen tussenin ben blijven staan: mijn manier van leven is anders dan in Nederland, omdat de kerkelijke en sociale setting hier ook anders is, maar ik heb nog wel een diepe liefde voor de traditie waar ik uit kom.”
Hoe verklaart u die liefde voor de gereformeerde traditie?
“Door de eeuwen heen heeft onze traditie over ingewikkelde dingen moeten nadenken. Die worsteling, waarbij mensen op een eerlijke manier probeerden de Bijbel te begrijpen, met hoofd en hart, daar kunnen we vandaag ook nog onze winst mee doen. De traditie is niet alleen iets wat je aangereikt krijgt en doorgeeft – je lééft er ook in, je reflecteert erop, je bent er zelf onderdeel van. In een tijd vol vraagstukken over menselijke waardigheid, over zorg voor zwakken in de samenleving en in de wereld, kan de kerk een sleutelrol vervullen. Want er staat nogal wat op het spel!”
Welke antwoorden heeft de kerk volgens u?
“Als we het hebben over menselijke waardigheid, hebben we vaak terecht iets te zeggen over abortus of euthanasie. Tegelijk vormt die menselijke waardigheid het hart van het bestaan gedurende ons hele leven: de mens is naar Gods beeld gemaakt. Dus je komt niet zomaar aan het leven, dat recht heb je niet. Dat mogen we in ons denken over politiek, economie, of sociale zekerheid serieus nemen. De
Reformatie vraagt van iedereen zelf de Bijbel te lezen en zelf over grote vragen na te denken. Dat kan in elke tijd van christenen net iets anders vragen, maar de traditie stelt ons ook in staat om voorbij onze eigen tijd te kijken. Dat vind ik mooi.”
U bent betrokken bij een lokale gemeente van de Anglicaanse Kerk in Cambridge. Wat draagt u daar bij vanuit uw eigen kerkelijke achtergrond?
“Ik denk een stukje reflectie en theologische verdieping over maatschappelijke vraagstukken. Bijvoorbeeld over thema’s als zonde en verzoening: wat betekent dat in de samenleving, in de wereldpolitiek? En hoe kunnen christenen hun eigen verhaal brengen in een tijd waarin van alles tot rechts of links wordt versimpeld? Daar mag ik soms een lekenpreek over houden, bijvoorbeeld tijdens de college evensong. Mensen voelen bij mij vaak iets van ernst. Ik neem het leven ernstig, dat is deels karakter en deels gevoed door mijn opvoeding in de gereformeerde traditie.
Maar ik vind het ook belangrijk om meer praktische dingen te doen. Onze kerk staat echt met beide benen in de samenleving, in een arme wijk in de stad. Ik kwam hier in 2020 al even, in de coronatijd, voor een korte stage en zette met een aantal mensen een zogeheten community fridge op. Dat was een initiatief om vers eten uit de winkels bij mensen te krijgen die tijdens de pandemie ineens hun baan hadden verloren. De kerk had lokaal al een goede reputatie op het gebied van sociale betrokkenheid en al snel bereikten we drie keer per week ruim honderd huishoudens. Na een half jaar kreeg ik een nieuwe baan in Oxford en gaf ik het stokje door. Het project ging door en veranderde na de pandemie in een huiskamer met verwarming, koffie, een spelletje voor mensen die thuis in de kou zitten.
Overigens bestaat de gemeente uit leden van allerlei maatschappelijke achtergronden: van mensen die nauwelijks kunnen rondkomen tot professoren. Daarin is de kerk, trouwens ook in andere plaatsen tegenwoordig, vaak een unieke plek in een gefragmenteerde wereld. De meeste gemeenteleden komen uit de arbeidersklasse en middenklasse. Met een enkele uitschieter naar de sociale bovenlaag.”
Waar u er eentje van bent?
“Nou nee, ik ben niet opgegroeid in een elitaire familie. Wij hadden het thuis niet breed, maar ik had het geluk dat ik dankzij beurzen in Yale en Cambridge kon studeren. Ik studeerde dan wel aan een elite-universiteit, maar jarenlang leefde ik van dertien pond per week en moest ik de eindjes aan elkaar knopen. Sinds ik werk, mag het op zich een onsje meer, maar ik ben nog steeds zuinig. In huis is zowat alles tweedehands.”
U houdt zich bezig met religie, politiek en recht. Hebt u voorliefde voor een van deze vakgebieden?
“Ik vind het vooral belangrijk om ze in samenhang te bestuderen. Er zijn bijvoorbeeld veel mensen die alles van theologie weten, maar niet weten hoe een rechtssysteem werkt of hoe het politieke spel wordt gespeeld. Door bruggen te slaan tussen die disciplines hoop ik bij te dragen aan wederzijds begrip tussen mensen die op deze vakgebieden actief zijn. Want vaak praten ze langs elkaar heen en zijn ze alleen maar bezig op hun eigen kleine werkterrein. Ik vind het bijzonder dat ik op de universiteit zo veel ruimte heb gekregen om het gesprek over theologie, politiek en recht te voeren. Mij was vroeger altijd verteld dat religie en geloof op de universiteit niet welkom waren. Maar het is echt welkom en wordt actief door mijn collega’s gesteund.”
Centrale vraag in het onderzoek dat Van der Tol doet, is hoe religie zich verhoudt tot opkomend nationalisme. In haar boek Constitutional Intolerance (2025) onderzoekt ze de invloed van radicaal-rechts op de ontwikkeling van het staatsrecht in Nederland, Frankrijk, Hongarije en Polen.
Ze signaleert, ook in de kerk, sentimenten die trappen tegen bestaande systemen en instituties, zoals de MAGA-beweging (Make America Great Again, red.) dat doet in Amerika. Van der Tol benadrukt: “Hoe begrijpelijk die sentimenten ook zijn, laten christenen en de kerk ervoor zorgen dat onze mening hierover altijd onderbouwd wordt geventileerd, passend in de structuur waarin we ons bevinden. Je ziet in de VS hoe het overheidssysteem om zeep wordt geholpen, en de democratie dreigt te verdwijnen. Daar moet de kerk niet medeplichtig aan worden.”
Het vertrouwen in de overheid is in Nederland sinds de coronacrisis sterk gedaald. Is het ook niet terecht dat je je als christen zorgen maakt over wat de overheid doet? En dat je dat misschien met wantrouwen volgt?
“Natuurlijk is dat soms terecht, net als je je gedachten kunt hebben over de school van je kinderen of je kerkverband of de pensioenverzekeraar… Maar laten we accepteren dat bij zulke instituties dingen langzaam gaan. Dus ook veranderingen gaan langzaam. Dat is hoe we met elkaar hebben afgesproken dat processen verlopen, juist om te zorgen dat ze zorgvuldig gaan.”
Die traagheid komt over als zwakheid.
“Precies, maar het is onze kracht. Want als we snel dingen oplossen, maken we vaker fouten en dat kan betekenen dat je vaker schade moet vergoeden. Dat is ook duur. Er zijn ook veel grensoverschrijdende thema’s – internationale criminaliteit, milieurampen en oorlogen – die je niet even snel kunt oplossen. Het klinkt misschien een beetje luthers, maar in plaats van tegen systemen aan schoppen, kunnen we meer van onze tijd steken in wat we binnen die systemen wel kunnen bereiken. Met alle fouten en beperkingen, want zonder onze democratische instituties zijn we als gewone mensen nog kwetsbaarder in deze wereld.”
U noemde al het verdwijnen van de democratie in Amerika. Waar moeten wij in Nederland bang voor zijn? Of beter gezegd: wat kunnen wij doen om het tij te keren?
“Machthebbers als Trump in de VS en Orbán in Hongarije hebben de democratie nodig gehad om aan de macht te komen. Tegelijk breken ze haar zonder echte visie af – denk aan Elon Musk die op een bijeenkomst met een kettingzaag stond te zwaaien. Ik zie daarin een soort cultus van kracht, van masculiniteit die zegt: ‘Als jij de sterkste bent, mag jij bepalen hoe het gaat.’ Dit spreekt sommige christenen aan; maar het staat haaks op het Bijbelse gedachtegoed waarin God, zoals we onlangs vierden, als Kind naar deze wereld komt. Zeggen wij straks: ‘Ja, er zaten mensen in de gevangenis, maar ik ben ze niet gaan opzoeken. Iemand had geen kleren, maar ik heb hem ook geen kleding gegeven. Een ander had honger, maar ik vond het niet mijn taak om hem te voeden’? Laten we als christenen alert zijn en niet meegaan in die politieke maalstroom van kracht, waar eigenlijk een darwinistisch wereldbeeld achter schuilgaat. Ik vraag me weleens af, als ik kinderen mag krijgen, wat zouden zij of mijn kleinkinderen mij in 2065 vragen over deze tijd?”
En wat zou dat zijn?
“Zagen jullie die verandering in de wereld aankomen? Hadden jullie het daarover met christenen uit andere landen? Probeerden jullie elkaar bij te staan en bij te sturen? Hoe zorgden jullie ervoor dat die spanningen in de maatschappij niet oversloegen op de kerkelijke gemeenten? Zo vul ik het maar een beetje in, maar ik kan me voorstellen dat die vragen tegen die tijd gerechtvaardigd zijn.”
We gaan de komende tijd maandelijks een column van u lezen. Wat kunnen we verwachten?
“Ik denk, heel eerlijk, dat ik een aantal van die grotere politieke vragen naar voren zal brengen. Vragen waar ik zelf kritisch over nadenk, en waar ik mensen in de Gereformeerde Bond graag in meeneem. Zie mij dus maar als een kritische vriend. Maar wel iemand die fundamenteel je vriend wil zijn.”
Mariëtta van der Tol
Mariëtta van der Tol werd geboren in 1991. Ze studeerde rechten en geschiedenis in Utrecht, theologie aan Yale University en politicologie aan de University of Cambridge. Van 2020 tot 2024 werkte ze als postdoc aan de Blavatnik School of Government in Oxford en van 2024 tot 2025 was ze docent politicologie aan Lincoln College, Oxford. Van 2025 tot nu is Van der Tol Assistant Research Professor in Cambridge.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's