Pronken met andermans veren
De laatste weken is er een pittige discussie ontstaan over plagiaat. Aanleiding daarvoor is een predikant die preken geheel of gedeeltelijk van anderen heeft overgenomen. Plagiaat is pronken met andermans veren, of, iets minder vriendelijk gezegd, het stelen van teksten van een collega. Van een predikant mag worden verwacht dat hij preken houdt die hij zelf heeft geschreven, en niet die van iemand anders.
Ooit las ik een anekdote over Abraham Kuyper. Tijdens een examen vroeg hij aan een kandidaat die een preek had ingeleverd: “Hoeveel is van uzelf?” De kandidaat antwoordde: “Negentig procent.” Kuyper zei daarop: “Bij mij is het andersom. Negentig procent is niet van mij, maar heb ik aan anderen te danken.” Kuyper pleegde geen plagiaat, maar wilde hiermee duidelijk maken dat niemand werkelijk origineel is en dat je je eigen originaliteit gemakkelijk overschat. Alles wat je weet, heb je bijeengesprokkeld uit wat anderen hebben gezegd en geschreven.
Anders gezegd: we doen eigenlijk niets anders dan gedachten van anderen overnemen, en dat is ook heel normaal. Wel is het fatsoenlijk om je bron niet te verzwijgen. Dat plaatst het verhaal over plagiaat in een iets milder perspectief. Anna Looije schrijft in het Nederlands Dagblad (10-01-26) een beschouwing over predikanten die plagiaat plegen.
Nederlands Dagblad
(Maar) bij een derde berisping moet je je ook afvragen wat nu echt de reden is dat zo’n predikant telkens de fout ingaat. Bij een volle agenda zijn er immers andere dingen die een welwillende predikant kan doen dan plagiaat plegen. Als het tekort aan voorbereidingstijd chronisch is, moet er natuurlijk gesproken worden met de kerkenraad. Misschien heeft een dominee er gewoon geen zin in. We moeten niet vergeten dat het mensen zijn. Als die zich niet constructief opstelt, ligt de verantwoordelijkheid om iets te veranderen bij de dominee. Hij kan het hogerop zoeken. Misschien moet hij uitzien naar een andere gemeente. Of misschien zelfs uitzien naar een andere bediening, als het ambt zoals de denominatie dat heeft ingericht te zwaar valt.
Leendienst
Een te hoge verwachting van de kerkenraad is voor een predikant geen excuus om van plagiaat een gewoonte te maken. Als het incidenteel voorkomt dat het niet lukt om een preek voor te bereiden, bijvoorbeeld in een week met verscheidene sterfgevallen, of moeilijkheden in de privésfeer, kun je daar afspraken over maken. Samen met de kerkenraad kan besloten worden dat je in zo’n week een preek die je eerder in een andere gemeente hebt gegeven ‘recyclet’. Of dat je er met toestemming een leent van een collega-predikant. Niet een leesdienst, maar een leendienst, zeg maar. Als dat transparant gebeurt, pleeg je geen plagiaat. Niet zozeer de drukte, maar dat een dominee niet openlijk wil toegeven dat ook hij maar 24 uur in zijn dag heeft en beperkt energie en dat het daarom gewoon niet altijd lukt. Er zijn natuurlijk mensen in de gemeente die dat niet willen of kunnen begrijpen en die afkeurend zullen reageren. Zolang dominees die wel alles lijken te kunnen (tegen welke prijs?) de norm zijn voor wat een goede dominee is, zullen er altijd dominees zijn die voelen dat ze hoe dan ook met een preek op de proppen moeten komen. Eentje kopiëren is dan makkelijker dan ‘zwak’ lijken. Ook kan het zijn dat een dominee zich een beetje minderwaardig voelt omdat zijn hoorders een sterke voorkeur hebben voor een bepaalde stijl van preken of exegese die de predikant zelf niet beheerst. Elke denominatie heeft wel een paar ‘model-dominees’ die hoog staan aangeschreven, en dan krijg je het probleem van de ‘wannabees’, de gewone dominees die het ook wel zo willen kunnen. Dat maakt de verleiding van plagiaat groter. Maar drukte of onzekerheid zijn niet de enige mogelijke aanleidingen voor plagiaat.
(…)
Preektijgers
Is het een idee om de echte preektijgers binnen een kerkverband te stimuleren om samenvattingen ter beschikking te stellen? Sommige predikanten houden van het pastorale werk, maar niet van het zwoegen in de studeerkamer. En het is makkelijker dan ooit om een goede preek van internet te vissen. Je kunt livestreams kijken van kerken uit jouw theologische hoekje. Er staan hele archieven online. Je kunt kunstmatige intelligentie (AI) een preek laten samenstellen. Je kunt allerlei hulpmiddelen vinden, zoals illustraties of outlines van preken. Kortom, een dominee die liever gaat schaatsen heeft opties genoeg. Er zijn ook bepaalde persoonlijkheden die kicken op de spanning van iets doen wat verboden is en kijken of ze ermee wegkomen. Die regels bewust overschrijden omdat dit de sleur van hun bestaan doorbreekt. Die mensen heb je in iedere beroepsgroep, dus ongetwijfeld ook onder predikanten. Misschien is het soms zelfs om een kerkenraad een hak te zetten, als er sprake is van verstoorde verhoudingen. Een soort stille wraak van een ondergewaardeerde predikant. Plagiaat door predikanten is hoe dan ook een rode vlag. Er is iets mis. En dat los je niet op met begrip of een tuchtmaatregel, hoe terecht ook.
Protestantse Theologische Universiteit
Looije noemt allerlei hulpmiddelen die de predikant in onze tijd ter beschikking staan om een preek te maken. Ook AI komt langs. Dat is een nieuw fenomeen. De theologische opleidingen springen erop in. Op de website van de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) en van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap lees ik: Kunstmatige intelligentie (AI) doet steeds meer zijn intrede in de samenleving. Als voorganger heb je misschien ook al eens gebruik gemaakt van AI. Bijvoorbeeld bij het voorbereiden van de eredienst. Wat betekent het gebruik van AI voor het ambacht van preek schrijven? Kan AI een dienstbaar hulpmiddel zijn, of staat het op gespannen voet met waarden als authenticiteit en beroepseer? Wat doet het met je spiritualiteit wanneer je gebruik maakt van AI? Werkt de Geest ook door een chatbot?
ChatGPT
Wat vindt AI hier zelf van? Ik heb aan ChatGPT de vraag gesteld wat de nadelen van AI zijn voor het maken van een preek. Ik kreeg het onderstaande antwoord. Volgens mij is het de moeite waard om over dat antwoord na te denken.
AI kan helpen bij inspiratie en structuur, maar er zitten ook duidelijke nadelen aan het gebruik van AI voor het maken van een preek:
1 Gebrek aan geestelijke diepgang
Een preek is meer dan correcte woorden; ze komt voort uit gebed, persoonlijke geloofsbeleving en roeping. AI heeft geen geloof, geen relatie met God en geen geestelijk onderscheidingsvermogen.
2 Geen pastorale betrokkenheid
Een voorganger kent de gemeente, haar zorgen, cultuur en actuele situaties. AI kan die context slechts oppervlakkig of helemaal niet aanvoelen, waardoor de preek minder raakt.
3 Risico op theologische onnauwkeurigheid
AI kan Bijbelteksten verkeerd interpreteren, uit hun context halen of verschillende theologische stromingen vermengen zonder dat dit bewust gebeurt.
4 Minder authenticiteit
Gemeenteleden merken vaak of een preek persoonlijk en doorleefd is. Een door AI gegenereerde preek kan algemeen, afstandelijk of ‘vlak’ overkomen.
5 Afname van persoonlijke groei van de prediker
Het worstelen met de tekst, het zoeken naar woorden en het luisteren naar Gods leiding zijn vormend voor de voorganger zelf. AI kan dat proces deels wegnemen.
6 Verleiding tot gemakzucht
Er ontstaat een risico dat AI een vervanging wordt in plaats van een hulpmiddel, wat kan leiden tot minder voorbereiding en afhankelijkheid van technologie.
7 Ethische en vertrouwensvragen
Als gemeenteleden niet weten dat AI is gebruikt, kan dat vragen oproepen over eerlijkheid en integriteit in het ambt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 januari 2026
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's