Uit de Pers.
BIJVOEGSEL BEHOORENDE BIJ „De Waarheidsvriend" van 10 December 1909.
Fellere strijd.
De „Wekstemmen", onder redactie van Dr. A. Troelstra en Ds. H. C. Briët, N. Herv. predikanten te Utrecht, had in het Weekblad voor de Vrijzinnige Hervormden van 11 Nov. j.l. dit berichtje gelezen:
„De Vereeniging tot Evangelisatie in Noord-Brabant, classis 's Hertogenbosch, ontving van Z.K. H. den Prins der Nederlanden f50." Zoo luidt een bericht in de „Bossche Courant."
Het doel van genoemde Vereeniging is, het vrijzinnig element in de Hervormde Kerk, in het zuiden des lands overwegend, maar, hoewel nog in de meerderheid, gaandeweg slinkend, geheel uit te roeien.
Nu weet ik niet, of die gift aan Prins Hendrik is gevraagd; de heeren zijn er anders brutaal genoeg toe.
In ieder geval is het schenken een teeken van bedenkelijke partijdigheid.
Of zou Z. K. H. ook genegen zijn, aan Protestantenbond en Viijzinnig Hervormde Vereeniging eene gift te schenken voor hun doel, om te beletten, dat de Orthodoxie, die in het Piotestantisme niet thuis behoort, niet voortwoekere? " J. H.
En daarop laat „De Wekstemmen" dan o. a. volgen:
„Wij nemen dit stuk op om twee redenen. Vooreerst, omdat er uit blijkt dat de schrijver het „bedenkelijke partijdigheid acht", als de vorstelijke personen een daad doen, waaruit blijkt, dat zij niet onverschillig zijn ten opzichte van het belijdend karakter der kerk, waartoe zij behooren. Wij zouden het „bedenkelijke onverschilligheid" achten, wanneer deze hooge personen meenden aan hunne hooge positie verschuldigd te zijn, om niet uit te mogen spreken, dat de droeve toestand onzer kerk hun ter harte gaat.
Ons dunkt, wij mogen ons verblijden, wanneer onze Vorstin en haar Huis aldus toonen iets te gevoelen van den nood der kerk.
In de tweede plaats nemen wij dit stuk op, omdat hier zoo maar eventjes in het voorbijgaan het doodvonnis gestreken wordt over alle rechtzinnigheid. Echter op een wijze, die zichzelf oordeelt. J. H. schrijft immers: dat de orthodoxie niet in het Protestantisme thuis hoort.
Wij antwoorden: onze kerk is niet eene Protestantsche Kerk zonder meer; ze is eene Geref. Kerk. Eene Protestantsche Kerk bestaat eigenlijk niet. Men heeft wel eens getracht Protestantsche gemeenten te vormen (d. w. z. zonder te letten op het onderscheid tusschen Gereformeerd en Luthersch, tusschen Remonstrantsch en Calvinistisch enz.), maar dat is alles op niets uitgeloopon. Protestantsch eischt eene nadere bepaling. Het is een aan de waarheid willen ontkomen, wanneer men schrijft over: de orthodoxie die niet in het Protestantisme thuis hoort. Wat in het Protestantisme al of niet thuis hoort, zullen we nu maar niet uitmaken. Maar in onze Herv. (Geref.) Kerk hoort de loochening van Jezus Christus als den eenigen Zaligmaker, als het vleeschgeworden Woord, als het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, als den om onze zonden Gestorvene en den om onze rechtvaardiging Opgewekte, zeker niet thuis.
Uit alles blijkt ondertusschen, dat de strijd tusschen orthodoxie en modernisme weer feller zal worden. Dat is aan de eene zijde smartelijk. Maar aan de andere zijde verheugen wij ons er over, opdat de zuiverheid der beginselen bewaard blijve en opdat in de orthodoxie al meer alle halfheid en verwatering teruggedrongen worde. En alleen in den strijd wordt de weg tot oplossing der moeilijkheden ons duidelijker."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 december 1909
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 december 1909
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's