Geen leervrijheid.
„De vrijheid der Kerk, welke vrijheid hierin moet bestaan, dat de Kerk zich naar haren aanleg, naar haren aard, naar haar karakter en naar haar beginsel kan ontwikkelen en kan laten gelden, gedoogt geen leervrijheid in de Kerk.
Kerkelijke vrijheid is niet, dat ieder in de Kerk naar goedvinden kan handelen, maar dat de Kerk zelve haar karakter kan handhaven en de willekeur en de losbandigheid binnen hare grenzen kan beteugelen.
De leervrijheid maakt inbreuk op de vrijheid der Kerk.
De leervrijheid in de Kerk maakt alle banden, die voor de orde noodzakelijk zijn, los, en is daardoor de ontbinding van de Kerk, haar dood.
En als men nu zegt, dat dan de Evangelieprediker niet vrij is in de Kerk, antwoord ik, dat hij als Evangelie-prediker geheel vrij is om het Evangelie te prediken, maar niet om te verkondigen al wat hij wil.
Vrijheid in de Kerk voor ieder! Maar ... binnen de perken, die de aard der kerkelijke gemeenschap voorschrijft; binnen de perken, die wegens de vrijheid der Kerk zelve geëerbiedigd moeten worden.
Zegt men dan nóg: vrijheid der Kerk is vrijheid voor den Evangelieprediker om te prediken wat hij wil. Dan houden wij vol, dat dit eenvoudig bandeloosheid is, die in een geordende Kerk niet mag geduld worden.
't Is niet anders dan de dood voor de Kerk.
De ware vrijheid is: gebonden aan Gods Woord!"
(Overgenomen.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 december 1909
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 december 1909
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's