Uit het kerkelijk leven.
De Classieale Vergadering.
Woensdag 29 Juni zullen weer overal de Classieale Vergaderingen worden gehouden.
Zulks geschiedt elk jaar éénmaal, en wel elk jaar' op den laatsten Woensdag van Juni. Vroeger was dat anders.
Toen had men elke drie maanden een vergadering van de Kerken, die in één zelfde Classis waren gelegen, (zie artikel 41 van de Dordtsche kerke orde.)
Maar sedert we de kerkelijke organisatie van 1816 hebben vergadert de Classis nooit meer dan éénmaal in de twaalf maanden. Dat is — volgens de nieuwere methode van kerkregeering — genoeg. De heeren die-in het Classicaal Bestuur zitten zullen overal wel voor zorgen. Daar hebben zij de Kerken niet voor noodig. De Gemeenten zijn eenvoudig onmondig verklaard en daar is 't mee uit!
Die onmondigheid der Gemeenten komt elk jaar op de Classicale Vergadering schitterend uit. Want als we Woensdag 29 Juni samen komen dan vinden we daar een voorzitter, secretaris, penningmeester enz. die ons vriendelijk ontvangen, die ons een plaats aanwijzen, die ons zeggen wat we mogen hooren en wat we moeten doen en dan ... is 't uit!
De vergadering is geen vergadering van Gemeenten, van Kerken.
En de vergadering kiest niet uit haar midden een voorzitter enz.
De vergadering; heeft ook niet het recht om de zaken der Gemeenten, in de Classis gelegen, te bespreken en af te doen. De vergadering staat ook niet meer op den bodem der Geref. belijdenis.
Zoo was 't vroeger. Maar zoo is 't nu niet meer. Nu zit er een Bestuur.
En als dan de broeders uit de verschillende gemeenten gezeten zijn en de voorzitter heeft de vergadering geopend, dan mag de vergadering aanhooren het kort verslag van hetgeen het Class. Bestuur dit jaar gedaan heeft, op welke daden de vergadering geen woord mag zeggen, noch ter goed-noch ter afkeuiing.
De Gemeenten handelen dus niet. Het Bestuur handelt. En het Bestuur heeft inderdaad niets te maken met hetgeen de Gemeenten denken of willen.
Hebt ge ooits zoo iets onbijbelsch, zoo iets ongehoords aanschouwd? Wat was het vroeger anders!
Toen kwamen de Gemeenten samen en de Gemeenten deden wat de taak der Gemeenten was, n.l. opzicht houden over elkander, te samende belangen bespreken der verschillende Gemeenten, elkander helpen met raad en daad, verschillen behandelen en beslechten — waarbij de vergadering voor sommige dingen deputaten benoemde, die moesten doen wat de vergadering hun opdroeg, die aan de volgende vergadering verantwoording moesten doen en die door de volgende vergadering dan ontslagen of gecontinueerd werden.
Toen kwam het uit, dat men zich voelde elkanders leden te zijn en samen één lichaam te vormen. Toen stond men samen onder de tucht van Gods Woord en men diende elkander als broeders. Maar nu is er een Geest van heerschappij, van hoogheid, van heerschzucht, van den eerste-tewillen-zijn. Nu zitten er een paar vooraan, jaar na jaar, en van uit de hoogte worden de rechten der Gemeenten veracht en men draait zich behaaglijk rond in het gestoelte der eere. Is dat niet in strijd met Gods Woord?
Staat er niet geschreven: „Gij weet. dat de oversten der volken heerschappij gebruiken over hen en de grooten gebruiken macht over hen, maar onder u (d.i. in Mijn Kerk, zegt Christus tot Zijn apostelen) zal het alzoo niet zijn". Staat er niet geschreven: „Eén is uw Meester en gij zijt allen broeders"?
En waar is de toepassing van deze goddelijke ordinantie in onze Herv. kerk?
't Is alles ingericht naar wereldsch model. Naar 't model van macht en heerschappij. Naar 't model van rangen en standen. Vele edelen en vele machtigen. De bureaulist is 't model geworden in Gods Gemeente.
De rijksambtenaar 't voorbeeld in Christus' kerk. Hoogheid ophouden de lust van hen tot wie de Heiland sprak, in de voetwassching het werk van een slaaf verrichtend: , Ik laat u dit exempel na, opdat gijlieden elkander zoudt doen gelijkerwijs Ik u gedaan heb".
Op de Classicale 'Vergadering mag men aanhooren het kort verslag van hetgeen het Class. Bestuur gedaan heeft. Aanhooren. Maar niets zeggen, 't Minste niet. Aanstonds klopt de voorzitter met zijn hamer en op dit teeken van zijn macht is de mond van allen gestopt. Onder geen enkele omstandigheid mogen de Gemeenten dan spreken.
En dan stelt de voorzitter de stemmingen aan de orde. De stemmingen voor leden van het Classicaal Bestuur en ook — zoo noodig — voor leden van het Prov. Kerkbestuur, die gekozen zijnde geen zitting nemen, om, zooals vroeger de deputaten een hun opgedragen taak te verrichten onder verantwoordelijkheid van de Gemeenten — neen, die zitting nemen in het Bestuur en dan niets meer met de Classicale Vergadering te maken hebben!
Zoo gaat een groot gedeelte van de vergadering voorbij.
Opening — verslag van het Class. Bestuur — stemmingen voor leden van het Class.-en voor het Prov. Kerkbestuur;
Héél de morgen vergadering is voorbij. En de Gemeenten hebben geen mond om te spreken.
En wanneer de hand nog schrijft, dan schrijft zij om haar rechten uit handen te geven! Treurig. 't Is zonde voor God. 't Is de ellende voor de Kerk.
's Middags mag er gesproken worden door de vergadering. Niet te lang, want de gemeenschappelijke maaltijd wacht en daar moet op gelet worden. Het recht van de soep enz. mag op een Class. Vergadering niet geschonden worden. Dat is van ouder op kind gewoonte geworden, zegt men! En wij hebben zelf méér dan eenmaal dat soeprecht ter vergadering door den voorzitter hooren bepleiten.
Maar er mag dan gesproken worden. Gesproken over de voorstellen van wetsverandering door de Synode des vorigen jaars toegezonden aan de kerkeraden. Ook mogen de leden der Classicale Vergadering zelf voorstellen doen en die bespreken — als er tijd voor is en ... als de voorzitter het toelaat.
Dus, dat is nog al heélwat voor de Class. Vergadering! De voorstellen van de Synode mogen besproken worden. Ze worden aan de orde gesteld.
En de leden van de Class. Vergadering mogen zelf voorstellen doen en die behandelen; b.v. - over vrouwenkiesrecht, over het nadeel van den gemeenschappelijken beker bij de Avondmaalsviering, over de Tuchtschool, over de armenwet enz. enz. Liefst niet over ... belijdeniskwesties. Neen, asjeblieft niet. De tijd ontbreekt. 't Geeft heete hoofden en koude harten. 't Bevordert de partijschappen in de Kerk. En we zijn toch allen broeders! De liefde is toch 't voornaamste! Dus ... niet over de belijdenis. Dan maar over wat anders. En dan kort.
En ... als er dan gesproken is heeft de Synode het volle recht om bij al het gesprokene te doen alsof er niets gezegd is, doende haren eigenen wil. Vreemd, niet waar?
Want het leek wel aardig, dat de Class.Ver. de voorstellen van de Synode mag bespreken, aanmerkingen mag maken, aanvullingen geven enz. enz.
't Is al héél wat van dat hoogste college om aan zulke lage menschjes zooveel vrijheid te gunnen.
Maar de Synode behoeft zich aan de stemming der Class. Vergadering over haar eigen Synodale voorstellen in het minst niet te storen.
Zij heeft ze eenvoudig aan de hoofdelijke stemming der .. . Prov. Kerkbesturen te onderwerpen en is de meerderheid van de leden dezer college's er vóór, dan vaardigt de Synodale commissie de dingen uit als een wet voor allen!
En de voorstellen van Kerkeraden, Class. Vergaderingen enz. kan de Synode eenvoudig voor kennisgeving aannemen en op zijde leggen, en zij behoeft de voorstellers niet eens te antwoorden!
Zoo is het met onze Class. Vergaderingen gesteld. Ze staan zóo... dat de Heiland zegt: alzoo zal het onder u niet zijn!!
Nu is hier geen genezing door een keer méér te vergaderen in het jaar. Nu is hier ook geen genezing door de Class. Verg. meer rechten te geven. Of ja — zij moet haar oude rechten weer terug krijgen. Maar... dan moet onze Kerk haar Geref. belijdenis hebben voor allen!
En staande op den grondslag van éen zelfde 'belijdenis voor allen, worde de Class. Vergadering weer een vergadering van de Kerken die in éen Classis liggen, waarbij de vergadering dan hare rechten terug krijge, waarvan we lezen in art. 41 en 44 van de Dordtsche Kerkeorde, die aldus luiden:
De Classicale Vergaderingen zullen bestaan uit genabuurde Kerken, dewelke elk een Dienaar en een Ouderling, ter plaatse en ten tijde door de vorige vergadering bij 't scheiden bepaald (zóo nochtans dat men de volgende vergadering niet langer dan 3 maanden uitstelle) — daarhenen zullen afvaardigen, voorzien van behoorlijke credentie.
In deze samenkomsten zullen de Dienaars bij beurte, of anderszins die van de vergadering verkozen wordt, presideeren, zóo nochtans dat dezelfde tweemaal achtereen niet zal mogen verkozen worden.
Voorts zal de Praeses onder anderen een iegelijk afvragen: of zij in hunne Kerken hunne Kerkeraadsvergadering houden; of de Kerkelijke discipline geoefend wordt; of de armen en scholen bezorgd worden; ten laatste, of daar iets is, waarin zij 't oordeel en de hulp der Classis tot rechte instelling hunner Kerk behoeven.
Ook zullen in de laatste vergadering vóór de Particuliere (Provinciale) Synode verkozen worden, die naar deze Synode zullen gaan".
De Classis zal ook eenige harer Dienaren, ten minste twee, van de oudste, ervarenste en geschikste, autoriseeren, om in alle Kerken, van de steden zoowel als op 't platte land, alle jaar visitatie te doen en toe te zien of de leeraars, kerkeraden en schoolmeesters hun ambt getrouwelijk waarnemen, bij de zuiverheid der leer blijven, de aangenomen orde in alles onderhouden en de stichting der gemeente, mitsgaders der jonge jeugd naar behooren, zooveel hun mogelijk is, met woorden en werken bevorderen, teneinde zij diegenen, die nalatig in het een of ander bevonden worden, in tijds broederlijk mogen vermanen en met raad en daad alles tot vrede, opbouwing en 't meeste profijt der Kerken en scholen helpen dirigeeren.
Iedere Classe zal deze visitatoren mogen continueeren in hunne bediening, zoo lang het haar zal goed dunken, ten ware dat de Visitatoren zelven, om redenen waarover de Classis oordeelen zal, verzochten ontslagen te worden".
De Class, vergadering moet dus een vergadering van kerken uit de Classis zijn. Die genabuurde kerken hebben samen een gemeenschappelijke belijdenis. Die gemeenschappelijke belijdenis is onze Gereformeerde belijdenis.
En staande op den grondslag van die belijdenis zijn de rechten van de Class. Verg. ons in de Dordtsche kerkeorde in hoofdlijnen aangegeven. Laat onze Kerk weer in de praktijk worden de Gereformeerde Kerk van Nederland. Dan kunnen ook de Classicale Vergaderingen weer gansch anders worden ingericht.
De eere Gods is er mee gemoeid. Gods Woord eischt het. Onze belijdenis roept er om.
De Kerk zal zoó alleen hersteld worden. Uit den grond opbouwen dán, op het fundarnént der Apostelen en Profeten!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's