Ingezonden
Mijnheer de Redacteur.
Beleefd verzoekt ondergeteekende u de volgende regelen als «Ingezonden» in »De Waarheidsvriend» op te willen nemen en zijn vragen te willen beantwoorden.
De inhoud van mijn schrijven is een droeve klacht over de houding die vele Gereformeerden tegenover des Heeren H. Avondmaal aannemen.
Wanneer een van onze belijdenisgetrouwe leeraren optreedt om — hetzij in een morgen-of avondbeurt — het Woord te verkondigen, dan zijn niet zelden de grootste kerken eigenlijk te klein.
En als dan dezelfde predikanten het Heilig Avondmaal bedienen, dan kan men gewoonlijk wel met een kogel door de kerk schieten, zonder iemand te raken.
Och! wat treurige openbaring van het volk des Heeren in zooverre zij zich hieraan schuldig maken. Hoe is het mogelijk, dat zij die zichzelf hebben leeren kennen als ellendige en verlorene zondaren, en in het bloed des Kruises vrede en verzoening vonden, inplaats van nu den dood des Heeren te gedenken, juist op dien dag zich begeven naar andere samenkomsten en alzoo het oordeel over zichzelf halen. Want immers heeft de Heere gesproken : wie Mij verloochenen zal voor de menschen, zal ik verloochenen voor Mijnen hemelschen Vader.
Mijns inziens schuilt de oorzaak hierin veelszins in onkunde.
Want als men er eens over spreekt, dan bemerkt mën, dat de een het gevoels-leven tot grondslag van zijn vrijmoedigheid in de toenadering legt. En wanneer dat mystieke leven niet gevoelig wordt ervaren, zoodat er geen levende verootmoediging en heilbegeerte is, in dien zïn zooals het wél-wezen des geloofs dit leert, dan is er voor dezulken geen vrijmoedigheid.
Nog weer anderen weten met een zekere geloofwaardigheid te vertellen, dat zij in geen 5 a 10 jaar tot dezen plicht inwendig geroepen werden.
Als ik de laatsten goed bekijk, dan geloof ik, dat hoogmoed hierin spel voert; en op z'n zachtst uitgesproken een verregaande ziekelijkheid.
Doch om nu tegen zulke misstanden onder het volk des Heeren te protesteeren verzoek ik U Eerw. beleefd doch dringend de volgende vragen te beantwoorden:
1e. Wat is de grond voor het gebruik van des Heeren H. Avondmaal ?
2e. Wat is de grond voor onze vrijmoedigheid in de toenadering ?
en 3e. is er ook een statelijke toenadering, en Avondmaalsviering ?
Hopende, dat het doel: verbreiding en verdediging der waarheid hiermede bevorderd wordt, eindig ik, met biddend opzien tot God om den zegen des H. Geestes,
U hartelijk groetend,
Utrecht,
G. DE VINK.
Onderschrift van de Redactie:
Wij gelooven dat hier een zaak wordt aangeraakt die van zéér groot belang is. Allernoodzakelijkst om besproken te worden.
De tafel des Heeren mist — naar het oordeel der liefde gesproken — vele dischgenooten, die wegblijven tot oneer van Gods heiligen Naam, tot smaadheid van Christus, tot schade voor de ziel.
Omdat men het steunpunt in den mensch zoekt, terwijl het ligt in Gods genadeverbond, in de borggerechtigheid Christi. Men denkt dat men er Gode een dienst mee bewijst door weg te blijven. En Satan voert dan intusschen zijn triumf. De God des levens wordt verlaten en de koning des doods wordt nagevolgd.
Terwijl de groote Zoon van David lieden die kreupel zijn aan beide voeten aan zijn disch wil noodigen, om dan van dag tot dag verzadigd te worden, hinkt en springt men op krukken tusschen de menschen, om te praten, te. redeneeren en honger te lijden naar de ziel; om mager te worden, telkens méér. O, er zijn zooveel verschrompelde levens.
En al blaast men zich op, men blijft mager.
Omdat men het steunpunt zoekt in het vleesch, in het menschelijk gevoel, in de wijsheid der duisternis — Gods verbondseisch voorbijloopt en het gebod der liefde: »doet dat tot Mijne gedachtenis», onnadenkend en wispelturig vertreedt.
O, men vindt de broeders en zusters zoo lief, maar des Heeren tafel loopt men voorbij.
De Heere zij ons nog genadig.
En geve in onze Hervormde Kerk de zuivere waarheid weer terug; ook de goede practijk bij de viering van des Heeren H. Avondmaal.
Gaarne willen we over dit onderwerp nog wel eens een en ander schrijven. Want ach, wat voor Gods kinderen de meeste nuttigheid afwerpt en tot vertroosting der ziele en versterking des geloofs kan zijn — en daarin het meest tot verheerlijking van Sions Koning kan strekken — wordt door Satan het meest aangevallen. Daarbij wordt de ziele het meest geslingerd.
Daarbij dreigt altijd het grootste gevaar.
En dan is het goed, dat steeds onderzocht wordt bij het licht van Gods Woord, wat waarheid is.
Dan is het noodig dat we elkander waarschuwen en dat we trachten saam te wandelen in den weg door den Heere bepaald.
Mijnheer de Redacteur!
Met groote instemming las ik uwe beschouwing over de Staatscommissie voor de Indische Kerk. Het deed mij genoegen, dat u op deze eenzijdigheid het licht eens laat vallen. Het geeft mij aanleiding om uwe beschouwing nog iets aan te dikken, door op enkele andere eenzijdigheden te wijzen, die aantoonen, dat de Gereformeerden in de Herv, Kerk, die toch het grootste contingent van antirevolutionaire stemmen aanbrengen, voor deze Regeering er niet zijn.
De Regeering is zeer ijverig in het opvolgen van de wenken der Roomschen; slaat ook veel acht op ethische en óud-liberale elementen en last not least, zorgt trouw voor de leden der Gereformeerde Kerken.
Dit blijkt duidelijk uit het minst beteekenende, namelijk uit de decoraties.
Er kan geen non 40 jaar in eenklooster zitten, geen R. C. schoolmeester 40 jaren dienst hebben, of fluks rijdt minister Heemskerk er met een kruisje heen.
Alle vooraanstaande ethischen, zelfs de bitterste tegenstanders der regeeringsbeginselen als Dr. Bronsveld, zijn versierd met ordeteekenen; en alle leden der Theol. Faculteit van de Vrije Universiteit zijn eervol gedecoreerd, niet slechts de oude ea zeer verdienstelijke leden, ook de jongeren. Van verdienstelijke Gereformeerde Hervormden is der Regeering niets bekend. Slechts de heeren Duymaer' van Twist en Mr. Schokking heeft zij als Kamerleden niet kunnen voorbijgaan. Waren zij dit toevallig niet geweest, ook hun deel zou geweest zijn bij de vergetenen.
Nu geldt dit de decoratie, die na de bekende lintjeszaak er zeker niet in waardeering bij het volk op vooruitgegaan is; maar gij ziet, de richting der Regeering teekent zich af. En er zijn ernstiger dingen, die de levensbelangen der Hervormde antirevolutionairen raken.
Voor de Vrije Universiteit is geen moeite gespaard om haar den effectus civilis en nóg wat te bezorgen.
Voor de theologische faculteiten, die aan de Herv. Kerk ten goede komen moeten, is niets gedaan.
Wel werd een wettige toezegging gedaan, maar de heer Heemskerk deed niet alleen niets, maar diende zelfs een voorstel in de zaak af te stellen.
Zoo komt hij aan licht ethische en moderne wenschen tegemoet en de Geref. elementen der Herv. Kerk mogen toezien.
Zeer gewichtige belangen staan op het spel op allerlei terrein en telkens blijkt, dat de huidige regeering er meer aan denkt, hoe zij verschillende dissentieerende fracties tevreden zal stellen, dan dat zij regeeren moet in overeenstemming met bepaalde beginselen. Zij wordt meer geleid, dan dat zij leidt.
Voor de Hervormden onder de antirevolutionairen ligt daarin een ernstige prikkel om eens tot zichzelven te kómen. Elke fractie krijgt het lot, dat zij verdient. Wel hebben wij in den heer Duymaer van Twist een trouwen en moedigen pleitbezorger voor onze belangen, maar het staat te bezien of hij alleen in staat is te bereiken wat voor ons bereikt moet worden. En de vraag rijst of het niet de tijd wordt om, zooals de heeren op het gebied der Jongelings-Vereenigingen doen, ook op politiek gebied verzamelen te blazen voor alle Hervormde antirevolutionaire elementen.
Wij willen geen houthouwers en waterputters zijn.
U dankend voor de opname,
22 Oct. '10.
SPECTATOR.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 oktober 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 oktober 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's