Die Man.
Ziet, ik stel ulieden voor, zegen en vloek. Deut. 11 : 26.
Die Man.
Een vloek — een zegen.
Een schaduw valt door heel den loop der tijden vanaf den dag van 's eersten menschen schuld, tot Gods belofte in Bethlem werd vervuld: de schaduw van den Man van heil of lijden.
Ja, heel de rij van Isrels Godgewijden, Profeten, Priesters, Koningen, onthult voor 't open oog den Man, die door geduld en lijdzaamheid zijn Sion komt bevrijden.
Die Man — een Held, Wiens afgewezen hand aan 't godloos volk op zijn verkeerde wegen het wraakvuur wijst, dat nooit is uitgebrand.
Die Man — een Rots, die over 't dorstig land Zijn schaduw spreidt en met een milden zegen het volk bezoekt, dat daar zijn tenten spant.
Herwijnen, 1910. H. J. SMIT
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 december 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 december 1910
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's