Financiën.
„Van harte geluk gewenscht met de 40 gouden tientjes", zoo schreef mij een vriend. „Hoe grooter de stappen worden, die in de richting van den Bijzonderen Leerstoel gedaan kunnen worden, hoe beter. De gedachte aan een „verborgen zegen" (die intusschen dan toch duidelijk openbaar wordt) zal wel bij meerderen opgekomen zijn. Het is een bijzonder aangename ervaring, te meer als daarbij bedacht wordt dat die zegen komt van Hem, Wiens het goud is en het zilver en het vee op duizend bergen."
Dezen zelfden toon vind ik in tal van brieven, die ik dezer dagen ontving, waarin men zijn blijdschap uitte over de milde gift. Geve de Heere dat wij onder alles maar in de laagte mogen blijven en ons niet gaan verbeelden dat het komt van onzen ijver en ons werken, maar dat Hij het is, die het ons alles schenkt uit genade en om niet en dat wij blijven bedenken dat, als de Leerstoel er komt, wij dien als uit Gods hand ontvangen. Laat ons in dat bewustzijn voortgaan. Blijft de Heere ons zegenen, dan zullen allen die thans nog van verre staan en nu nog een afwachtende houding aannemen, wel van zelf tot ons komen. Och, wat zullen wij er van zeggen.
Iemand schreef mij dat een jong Herv. Geref. predikant hem had gezegd: Het is niets met dien Bond en het wordt niets ook, want het is geen zaak des gebeds. Wat wij daarvan zeggen zullen? Niet veel. Ik ben ook jong geweest en heb ook wel eens groote woorden gebruikt en veel gezegd dat ik later weer moest inslikken. Maar dat hindert niet. Men moet in deze school des levens zooveel leeren en afleeren, en zoo zal het hiermee ook wel wezen. Dat er in deze zaak niet gebeden wordt is alweer een ondoordacht oordeel vellen, waarvan het tegendeel niet moeielijk te bewijzen valt uit de talrijke brieven, die ik van velen van Gods kinderen ontving.
Maar genoeg, wij laten het er bij en verheugen ons intusschen dat wij van heinde en verre allerlei goede tijdingen ontvangen. Zoo zond ons Ds. P. Kruit te Zegveld f5.—, gecollecteerd voor het Leerstoelfonds tijdens een spreekbeurt voor den G. Z. B. door Ds. A. Luteijn te Ooltgensplaat. Zoo gaat het goed! Bij mij brengt men giften voor de Zending en de Zendingvereenigiug ontvangt giften voor den Leerstoel, Elk op eigen terrein arbeiden. Gescheiden en toch vereenigd. Hartelijk dank aan den gever en aan Ds. Kruit voor de moeite.
Ook C. Bardelmeijer te Zegveld zond mij wederom de collecte van de maand Februari niet het bekende busje No. 20.
Het bedroeg zelts f 5.20. Er schijnen op Zegveld veel vrienden van den Leerstoel te wonen. Moge hun aantal steeds toenemen.
Uit Rijswijk (Z.H.) 'n tijding die mij verbazend veel genoegen deed. P. Voskamp, onze verzamelaar, deelt ons mede dat zich aldaar een kringetje heeft-gevormd, voorloopig van een elftal, die zich wenschen te vereenigen tot een Afdeeling van den Geref. Bond tot verbreiding en verdediging van de Waarheid in de Ned. Herv. (Geref.) Kerk. Zij noodigen daartoe een of twee leden van het Hoofdbestuur uit om hun in deze van voorlichting te dienen. Gaarne gaan wij er eens heen om te trachten vasten voet te krijgen en een bres te schieten in dit oude bolwerk van het Modernisme. Geve de Heere dat het plantje tot een grooten boom worde.
Benschop zou alzoo spoedig zijn plaats verliezen als onze Benjamin.
Verschillende verzamelaars zonden mij bewijzen van hun werkzaamheden.
C. Verwaay te Asperen de namen van 2 nieuwe abonnees.
E. Valk te Gorinchem 1 abonné, met verzoek om ex. om mede te werken. (Breng het zilverpapier maar bij mij als u eens in Delft komt, en uw verzoek zal ik aan Ds, v. Grieken overbrengen).
Uit Herwijnen van J. v. Aalsburg jaarlijksche bijdrage van 50 ets.
Onze verzamelaarster te Delft, Mej. J. Bakkeren, heeft een collega opgezocht in Oude Tonge, nl. L. v. d. Bogaard. Goed zoo.
A. Schuurmans te Rijssen had ook al weer 3 nieuwe abonnees.
G. de Jeu te Oudshoorn berichtte dat ik kon beschikken over f5.— als jaarlijksche bijdrage van J. S. aldaar.
J. H. Bolder te Sprang zond mij f 0.25 uit busje No. 30 van een vriend uit 's Grevelduin Capelle.
J. de Bree te Ouder-Amstel van een vriend f2.— en
Ds. Bolkestein te Kortgene (Z.) f2.—. Voor den ijver, de toewijding, de gaven, de abonnees mijn hartelijken dank.
En nu nog iets,
In de circulaire, onlangs verzonden aan de Gereformeerde Herv. predikanten, werd verzocht hun Kerkeraad te willen vragen een collecte te houden voor den Leerstoel. Van enkelen mochten we reeds de toezegging ontvangen, van velen nog niet. Wij zouden daarom een afdoend voorstel willen doen en hopen dat alle Geref. predikanten en Kerkeraden er hun goedkeuring en instemming aan geven willen, n.l. dit: Om met Paschen allen tonder onderscheid te collecteeren voor het Leerstoelfonds.
Als dat nu in alle Gereformeerde gemeenten geschiedt, dan gaan wij 'n grooten stap vooruit. De Paaschcollecte voor den Leerstoel — de Pinkstercollecte voor de Zending. Laat dit nu zoo zijn en blijven,
In het slotwoord van het verslag van de lezing van Ds. Leenmans lezen wij: Is er geen oorzaak de handen ineen te slaan, te arbeiden in de Kerk en allereerst te doen wat ons het meest van nabij gesteld is, een Geref. Hoogleeraar aan te stellen aan een van onze Rijks-Universiteiten, die onze a.s. herders en leeraars kan onderwijzen in de Geref. Theologie, wat volstrekt geen utopie is, als Neerlands Gereformeerd Hervormden van woorden tot daden overgaan en niet meer een „armengift", doch zichzelf gaan geven.
Delft, De Penningmeester,
Brab. Turfmarkt 20.
J. C. FLIEHE.
Correspondentie. Brief uit Zeist te laat voor dit nummer,
DE PENNINGMEESTER,
Oude postz., Capsules, Zilverpapier.
Deze week ontving ik van:
1e. A. V. d. Gruiter te Arnemuiden een partij postzegels;
2e. P. Dingemans G.D.Jz. te Bruchem 7311 postzegels;
3e. Ds. H. A. de Geus te Wilnis van de kindercatechisatie en van Mej. Jansen, ond. a/d Chr. School, verzameld door de leerlingen Ie en 2e klasse een postpakket met een belangrijke hoeveelheid van de 3 soorten;
4e. Mevr. v. d. Berg te Kamperveen, Mej. Wilh. en E, , v. d. Sch. en Janna v. d. Sch. een partij postz.. capsules en zilverpapier;
5e. G. V. Beek te Schoonrewoerd 16000 postzegels (waren dat allemaal eens gouden tientjes, penningmeester!) een partij capsules en zilverpapier;
6e. Mej. Meyer te Voorschoten 1200 postzegels met capsules en zilverpapier;
7e. Gez. van de Werken te.... een partijtje postz., capsules en zilverpapier;
8e. van den heer Ingelse te Schiedam een groote partij postzegels;
9e. Mej. C. de Bruin te .... postzegels, capsules en zilverpapier;
10e. J. C. de Beun Jr. te Gouda een partij postzegels.
Ziezoo, nu ben ik aan het eind. Deze week geen klagen. Ik wilde wel, dat ik ook eens een doosje met gouden tientjes in de postzegels vond, al waren het er nu juist geen 40. Ik zal eens goed zoeken. Wie weet wie mij nog eens verrast,
Overigens mijn hartelijken dank voor de vele toezendingen.
Mej. H. H. VERBEEK,
Kanaalweg 14, Scheveningen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 februari 1911
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 februari 1911
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's