Over de Zending.
Over de Zending.
Bekeerd op den weg naar Damascus, wordt hij door Ananias te Damascus gedoopt. Vandaar ging hij naar Arabië, in de eenzaamheid, om zich voor te bereiden tot zijn taak. (Gal. 1:17.) Na 3 jaar vinden we hem te Damascus, waar nu de haat der Joden losbarst. Met vriendenhulp kan hij nog vluchten, om naar Jeruzalem te gaan, waar hij 15 dagen blijft (Gal. 1:18) en vooral voorspraak van Barnabas ondervindt, een Griekschen Jood, afkomstig van Cyprus. Doch hij moet vluchtend Jeruzalem verlaten, omdat de vijandschap schrikkelijk uitbreekt tegen hem (Hand. 22 : 17, 21) en gaat naar Caesarea en vandaar naar Syrië en zijn vaderstad Tarsen, waar hij het Evangelie verkondigt. Barnabas, die met de gemeente Antiochië, middelpunt van de Grieksche beschaving en zetel van den Romeinschen proconsul in betrekking was gekomen (Hand. 11:20 en Hand. 11:22) introduceert Paulus aldaar. Met Barnabas wordt hij dan door den H. Geest afgezonderd en door de Gemeente uitgezonden, om te arbeiden onder de heidenen. Zij gaan (in gezelschap ' ook van Johannes Marcus, die evenwel spoedig terugkeert) naar de landen van het Westen. Op het eiland Cyprus mag hij in den landvoogd Sergius Paulus den eersteling van zijn arbeid onder de heidenen aanschouwen. In Pisidië en Lycaonië worden onderscheidene gemeenten gesticht en ondervond hij zooveel zegen, dat hij tot de broeders terugkeerende kon verklaren, dat God den heidenen de deur des geloofs had geopend. Dit was de eerste zendingsreis van Paulus omstreeks 48-50. In de jaren 52-54 ondernam Paulus zijn tweede zendingsreis, met Silas en Lucas. De reis bracht hen door KL Azië. Het verlangen der Grieken, die hunne goden moede, in hun eigen wegen ellendig waren geworden, kwam hem te Troas in een nachtgezicht tegemoet. Hij stak naar Europa over en zette zijn voeten in de tenten van Jafeth. Onder de gunste Gods werden daar onderscheidene gemeenten gesticht, te Filippi, Thessalonica, Berea. Terwijl hij te Athene, de stad der wetenschap, den onbekenden God predikte. Te Corinthe, niet slechts de toongeefster van weelde en mode, maar ook, in haar tempel van Aphrodite, de voorgangster zoowel in wellust als in godsdienst, had de Heere niet te min véél volks. De arbeid van Paulus aldaar in zwakheid, vrees en beving begonnen, werd eerlang bekroond door de stichting eener talrijke gemeente, die hij het zegel op zijn Apostelambt noemde. In de jaren 55-58 ondernam hij zijn 3de zendingsreis, vergezeld van Lucas, Titus en zijn getrouwen geestelijken zoon Timotheus. Voornamelijk in Efeze, waar hij het heidendom diepe wonden toebracht, vond hij zijn arbeid en vormde zich in deze stad een gemeente, die de moeder werd van vele dochters in KI. Azië. Van Efeze uit bezocht hij Macedonië, drong door tot in Illyricum toe (Rom. 15:19) bezocht de reeds gestichte gemeenten in Griekenland, wenschte op zijn terugreis Rome te zien, doch ging eerst naar Jeruzalem om. er het Pinksterfeest te vieren. Te Jeruzalem werd hij gevangen genomen en om aan een samenzwering tegen zijn leven te ontkomen door Lysias naar Caesarea gezonden. Na veel wederwaardigheden kwam Paulus te Rome en woonde daar in een eigen gehuurde woning, bewaakt door een krijgsknecht, onverhinderd het evangelie predikend aan Joden en heidenen (Hand. 28 : 30). In 64 is hij onder Nero gedood. Van de overige Apostelen, die hunne hoofdwerkzaamheid schijnen gericht te hebben op de bekeering der Joden, bezitten we weinig betrouwbare berichten. Ze hebben Jeruzalem verlaten en waren waarschijnlijk werkzaam onder de in verstrooiing levende Joden. Petrus vertoefde korten tijd te Antiochië en in Syrië en langer tijd in Babylonië, waar vele Joden woonden. Of hij ooit in Rome geweest is weten we niet. Dat hij 25 jaren bisschop van Rome zou zijn geweest berust louter op een légende (verdicht verhaal). Jacobus, de Rechtvaardige, de broeder des Heeren werd al spoedig het hoofd der Jeruzalemsche gemeente en bleef dat, tot hij den marteldood stierf; doch hij richtte ook zijne woorden tot de twaalf stammen, die in de verstrooiing waren. (Jac. 1:1.). De Apostel Filippus predikte te Samaria, waar ook Petrus en Johannes kwamen (Hand. 8.) De Apostel Johannes heeft de laatste jaren van zijn leven doorgebracht in Efeze, van waar uit hij opzicht hield over de gemeenten van KL Azië. In de laatste jaren van Domitianus naar Patmos verbannen, is hij weer in vrijheid gesteld en te Efeze tegen het einde der 1 ste eeuw in hoogen ouderdom gestorven. Volgens een overlevering zou de Apostel Bartholomeüs in Arabië (en in Indië) gepredikt hebben, 't Is zéér onwaarschijnlijk. Bovendien is de afstand tusschen Arabië en Indië wel wat al te groot, dan dat het waar zou kunnen zijn. Dit weten we van Arabië wel, dat daar zéér veel Joden waren, die het Christendom trachtten uit te roeien. Daaraan moet men het toeschrijven, dat Arabië zoolang gesloten bleef voor het Evangelie en toen. het er kwam, zoo weinig vordering maakte. Wel is Paulus er drie jaar geweest (Gal. 1:17)maar wij zijn geneigd te denken, dat dit zijn verblijf aldaar meer eene afzondering was, dienstig voor zijne vorming, dan eene poging om er gemeenten te stichten. Op de kust van Malabar (Azië) vindt men tegenwoordig nog Thoamas-Christenen. Volgens een sage zou de Apostel Thomas daar gemeenten hebben gesticht, 't Graf van dien Apostel meent men nog aan te kunnen wijzen! Liever schrijven we het ontstaan dier gemeenten toe aan handelsverkeer. Volgens Gregorius van Nazianze zou Thomas in Indië hebben gepredikt. Volgens Hiëronymus zou hij in Anthiopië gewerkt hebben; terwijl Origenis hem Apostel der Parthen noemt. Nog al wat tegenstrijdig dus ! Theophilus, de Indiër, afkomstig van het eiland Soco tora (Arabië), vertelt dat hij op zijn reis naar Indië aanhangers van Bartholomeüs heeft aangetroffen, die in het bezit waren van het Hebreeuwsche Evangelie van Mattheus. En verder: “Ik vond in mijn vaderland en in het overige Indië Christenen”. (Arabië, waartoe het eiland Socotora behoort rekent Theophilus dus ook tot Indië. In de grensaanwijzing en benaming is men niet altijd even precies in die dagen). De oorsprong der gemeenten op de kust van Malabar (Azië) en in Indië (Arabië ? ), ligt verder in nevelen gehuld.
{Wordt vervolgd.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juli 1911
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juli 1911
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's