De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Financiën.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Financiën.

5 minuten leestijd

Financiën. Ja lezer, Ge moet maar in de courant gaan schrijven, dan begeeft ge u op glad ijs. Als ge dan niet terdege oppast dan tikt men u op de vingers en dan is het: Zeg, vrindje, gij hebt daar dit en dat geschreven, maar is dat nu wel zoo, hoe meent gij dat? Het is misschien goed dat ik daarvan nu juist niet altijd zoo erg doordrongen ben. Ik ben bevreesd dat ik er dan bepaald toe zou komen U mijn financieel verslag voor te leggen zon­der eenig commentaar; precies als de cijfers uit een kasboek. De tijd zou mij ten eenenmale ontbreken elk woord op een goudschaaltje te wegen en ik zou het eenvoudig niet kunnen. Ik ben nu eenmaal een zakenman en heelemaal geen courantenschrijver; nooit geweest en zal het nooit worden ook.

Mijn gewoonte is zoo maar neer te schrijven wat mij op het oogenblik in de gedachte komt en wat bij de mededeeling over hetgeen is ingekomen kan medewerken onder 's Heeren zegen tot versterking van de geldmiddelen en tot bevordering van het onderlinge samenleven van de lezers en van de leden. En mij dunkt dat is de taak van den penningmeester, en waarbij ik mij dan ook uitsluitend wensch te bepalen.

Ik waag mij dan ook niet aan theelogische, dogmatische of kerkelijke vraagstukken of geschillen. Het kan zijn nut hebben daarover in De Waarheidsvriend te schrijven, maar ik acht mij daartoe noch bevoegd noch bekwaam en 't behoort in geen geval onder deze rubriek. Mocht het daarom voorkomen dat de een of andere uitdrukking mij uit de pen vloeit, welke voor tweeërlei uitlegging vatbaar is, dan zou ik wel willen vragen aan den goedgunstigen lezer: houd dan die verklaring voor de juiste, welke het beste past bij de taak, den penningmeester aangewezen, en het dichtst bij den weg, dien hij zichzelf in dezen heeft afgebakend, dan zult ge èn den penningraeester én uzelven den besten dienst bewijzen.

En waar dient deze preek nu voor? hoor ik u al vragen. Wat is er aan de hand? Ik zal het u zeggen.-De vorige week ontving ik van een predikant uit een naburige gemeente een zeer vriendelijk schrijven en gisterenavond een tweeden brief van een anderen predikant uit D., een plaatsje in Gelderland. Beide brieven hadden het over hetzelfde onderwerp en waren beide in zulk een welmeenenden toon geschreven en getuigden van zulk een waardeering dat het mij een genoegen is er op te antwoorden.

Ik zou de vragen, mij daarin gedaan, kunnen samenvatten in deze woorden: Wat bedoeldet gij in uw schrijven in No. 41 met uw uitlating „En toch is Delft de eenige plaats in ons land, waar drie Gereformeerde predikanten in de Herv. Kerk staan"? Ik kan in mijn antwoord zeer eenvoudig en kort zijn. Er zijn in de Herv. Kerk verschillende richtingen, b.v. Vrijzinnigen, Ethischen, Confessioneelen en Gereformeerden. Of deze benamingen nu juist weergeven de richting die er mede bedoeld wordt, laat ik in het midden. Een feit echter is het, dat in het spraakgebruik deze onderscheidingen bestaan. Welnu, in-Delft bezitten wij thans drie predikanten van de laatste soort. Dit hèb ik geschreven en bedoeld. Anders niet. Of men nu beweert: een goed Confessioneel is evengoed Gereformeerd en een goed Gereformeerde is evengoed Confessioneel, want confessie beteekent belijdenis — hieraan doe ik niets af of toe. Dat laat ik staan. Hierover te schrijven of te twisten als men wil, laat ik aan anderen over; dat behoort niet in mijn rubriek.

In Delft zijn drie predikanten beboorende bij de Gereformeerde richting. Bij die richting welke ook iets gevoelt voor het Leerstoelfonds, waarover ik het had, de Gereformeerde Bond of de Gereformeerde Zendingsbond. In tegenstelling van de andere richtingen, wier aanhangers aan ons Leerstoelfonds niet medewerken noch lid zijn van een der beide genoemde Vereenigingen, dan mogelijk bij hooge uitzondering. Bij mijn weten is de plaats mijner inwoning de eenige, waar zulk een drietal gevestigd is. En dat is toch zoo?

Ik hoop dat mijn beide vriendelijke brievenschrijvers hiermede voldaan zijn, want ik kan mijn bedoeling niet duidelijker maken.

Laat ik thans mijn postwisseltjes eens opzoeken, want dat wordt, geloof ik, hoog tijd.

Dan heb ik in de eerste plaats een postwissel van Mej. C. B. te Hazerswoude f 8, de opbrengst van busje No. 112 over de maanden Juni, Juli en Augustus en f 8.16 van de bekende firma Ursinus en van Mourik te Leerdam van eene maand. Ziet nu toch eens wat er met busjes te innen is en helpt mij door mijn voorraad heen.

Een gift van 50 ets van een lezeres te Utrecht, die' mij beloofde al de tienstuiverstukken die zij ontving, voor mij te bewaren. Jammer dat die tegenwoordig zoo zeldzaam zijn. Ik vind het toch zulk gemakkelijk geld.

Verder van J. de H. te E. f3 voor het Leerstoelfonds en voor de Zending. Dat is voor ieder de helft. Ik zal het aan den penningmeester van den Geref. Zendingsbond overzenden. Ik heb nog 50 ets. in kas van de vorige keer. Eindelijk f2.50 van Mej. L. H. te Hilversum als jaarlijksche bijdrage aan het Leerstoelfonds en per slot nog 50 ets. gevonden in de collecte te Leerdam, mij gezonden door Ds. Goslinga.

Busje No. 142 is verzonden naar K. te A., dus nog 58 van de 200. Wie volgt?

Met vriendelijken dank,

Delft, Brab. Turfmarkt 20.

De Penningmeester, J.C.Fliehe

Oude postz., Capsules, Zilverpapier.

Van deze week wederom niet te klagen. Ik ontving:

lo. van M. C. v. R. te Bodegraven 2000 postzegels en een hoeveelheid zilverpapier en capsules;

2o. van Mej. A. K. te Wijngaarden een pakket postzegels, capsules en zilverpapier, waarbij 75 ets. van een vriend;

3o. van Mevr. N. N. te Sch. eenige capsules eu zilverpapier en f 1 ;

4o. van Mej. S. S. te Utrecht een flinke partij postzegels, capsules en zilverpapier.

Aan allen mijn hartelijken dank. Moge de Heere de - gevers en de gaven zegenen.

Mej. H. H. VERBEEK,

Kanaalweg 14, Scheveningen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 september 1911

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Financiën.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 september 1911

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's