De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het kerkelijk leven.

6 minuten leestijd

In onze naaste omgeving.

't Leven bruist, op. Gelukkig. .Stilstaand water gaat spoedig bederven. Maar als er stroom in zit blijft het frisch.

Op elk terrein des levens ontwikkelt zich de actie. Heerlijk ! Want rust roest.

Vooral op zendingsgebied is er ontwaking. Een verblijdend verschijnsel! Te lang scheen het dat het Christendom in het Westen sliep en het Koningsbevel vergat: „gaat dan heen in de geheele wereld, predikt het Evangelie allen creaturen."

Maar nu komt er verandering. Een ritseling des levens gaat door de toppen der boomen. Ook de gereformeerden ontwaken. Zij, die de eersten moesten zijn, stonden niet altijd vóóraan. Maar een opwekkende adem " is over hen gekomen. En zij zijn begonnen. Zij rusten zich meer nog toe.

Heerlijk! Waarom zouden we ook de laatsten zijn?

Ligt het bevel des Konings ook niet voor óns daar ? En het werk des KonirigS heeft haast.

Het is een doodsvrucht van onze vadsige natuur om er maar geen hand naar uit te steken.

Gelukkig dat een kentering is waar te nemen. Men neemt de inzettingen des Heeren weer op en men vindt er weer vermaak in om te wandelen in Zijne wegen. Het oog richt zich naar de Heidenwereld. En de Evangelieboden maken zich gereed om te gaan naar het verre Oosten.

Maar nu dreigt er gevaar.

En wel dit: dat de gereformeerden vergeten om nauwkeurig acht te geven op de naaste omgeving, op eigen kerkelijke en maatschappelijke toestanden, op 't geen hier in Nederland vlak voor de voeten ligt.

Versta ons wel! We gaan volstrekt niet mee met hen, die zeggen dat eerst hier alles in orde moet zijn, alvorens men over het werk der Zending onder de heidenen mag gaan denken.

Gewoonlijk met de bekende woorden, „er zijn hier nog zooveel heidenen, dat we het nog wel wat kunnen uitstellen, om ze daar ginds te gaan bekeeren."

Neen, met die redeneering zijn we het volstrekt niet eens. Wie wachten 'totdat hier „alles in orde" is, zou zeker zich nooit in te schepen hebben naar Indië of Afiica.

In Antiochië heeft men ook niet gewacht tot alles in eigen kring en in eigen land in orde was.,

De H. Geest heeft de Zendingsgemeente daar wel anders geleerd.

Maar wat we bedoelen is dit: er dreigt gevaar, dat dezelfde menschen, die belangstelling gaan toonen in het werk der uitwendige zending, voor de inwendige zending geen oog hebben, geen arbeid geven, geen gaven offeren, geen gebeden neerleggen voor Gods troon.

Om één ding te noemen: ons Hooger Onderwijs is totaal in de war. En onze Kerk komt met de tegenwoordige regeling geheel bedrogen uit. Er moet tegengif komen. Een heldere uiteenzetting en ernstige onderwijzing van de oude, beproefde leer, die tot godzaligheid leidt. Er moet in heel ons kerkelijk leven een krachtige actie komen voor de Waarheid.. Al de gereformeerden moesten warm zijn voor elke poging, die in deze iets goeds kan werken. En wat zien we dikwijls?

Die voor de Zending ijveren, voelen voor het Leerstoelfonds weinig of niets. Die spreken over de verbreiding en verdediging der waarheid daar ginds in de verte, openbaren een geest van Laodicea ten opzichte van de verbreiding en verdediging der waarheid in Nederland.

Die ginds willen werken — veroordeelen het werken hier. Die gansch de groep van Gereformeerden zouden willen bezielen voor het planten van de banier der waarheid in het Oosten — doen een verstijvenden adem gaan over allen arbeid in eigen kring. '

Jammer toch! Ja, wij willen opwekken tot den Zéndingsarbeid, omdat de Koning der Kerk Zijn bevelen geeft.

Wij willen spreken tot de broeders en de zusters ; wij willen spreken tot de gemeenten, om óp te waken voor dit werk, opdat men z'n gebed, z'n liefde, z'n geld en goed leert geven voor 't geen onder de Heidenen moet gedaan worden. Reeds véél te lang hebben we gedommeld op het kussen van lusteloosheid en eigenzinnigheid.

Maar o! we zouden zoo gaarne zien, dat onder de broeders en de zusters, dat in de gemeenten ook een krachtige actie kwam voor 't geen gedaan móet worden op eigen erf, in eigen Kerk, in eigen Vaderland.

Broeders en zusters vereenigt-u toch om Gods wil!

Laat Gods bevel onze ziele doen beven, laat Gods Woord ons harte gevangen nemen. Laten wij ons gewillig leeren bukken, op Zijn eisch. Om saam ook hier de banier te planten en voor de waarheid te strijden. Er zijn er toch nog'wel die voor Gods Woord beven?

Welnu dan, een heilige ijver beziele ons om èn ginds èn hier ons te scharen rondom Gods Woord.

En dan éérst ons oog op de opleiding van onze a.s. herders en leeraars.

Die daar de waarheid brengen mag, kan in den middellijken weg, onder beding van Gods genade en gunst, véél, héél veel doen om voor de naaste omgeving, voor eigen Kerk, voor eigen volk, een zegen te verspreiden.

Waarom zouden we dan ons terugtrekken en lusteloos neerzetten?

't Mag alzoo onder ons niet zijn!

Feijenoord.

Te Feijenoord doet  zich het eigenaardig geval voor, dat Ds. Monsma druk bezig is om Gereformeerde predikanten uit te noodigen voor hem des Zondags in de Kerk 's morgens en 's avonds op te treden.

Wij verwonderen ons over deze zaak niet weinig. Meer willen we er voor 't oogenblik niet van zeggen.

Maar zouden de Gereformeerde predikanten die uitgenoodigd worden door Ds. Monsma en die vrijmoedigheid hebben, onder de bekende omstandigheden, die uitnoodiging aan te nemen, zoo vriendelijk willen zijn van hun optreden in de Herv. Kerk te Feijenoord zoo spoedig mogelijk bericht te doen aan den Secretaris der Geref. Evangelisatie aldaar (A. Bestman, Rosestraat 270) ?

Dan zal men daar zorgen, dat de Evangelisatie gesloten wordt dien Zondag; en kan men vroegtijdig den predikant, die in de Evangelisatie zou optreden, van een en ander op de hoogte stellen. Waarbij wij de predikanten, die gewoon zijn in de Evangelisatie op te treden, vriendelijk willen vragen : neem het den secretaris te Feijenoord niet kwalijk, wanneer hij U verzoekt thuis te blijven; en schrijf even terug: „ik zal wegblijven; schrijf maar wanneer U mij gebruiken kunt, dan kom ik."

't Zou kunnen zijn, dat Ds. Monsma een en ander doet met minder goede bedoelingen voor de Evangelisatie.

Maar als we deze wegen saam heel kalm nagaan, valt het zwaard misschien aan die kant, waar Ds. Monsma het liever niet ziet.

Oök onze broeders te Feyenoord bidden we toe wijsheid van boven en goed vertrouwen, dat de Heere sterker is dan menschen!

De Heere regeert.

Menschen kunnen wel veel verstoren en veel verwoesten, dat is waar. Maar de Heere laat niet varen wat Hij begon en Hij weet bij het leven te onderhouden wat Hij plantte.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1911

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1911

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's