De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ned. Herv. Jongelingsbond.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ned. Herv. Jongelingsbond.

9 minuten leestijd

Rooster van Werkzaamheden.

A. Bijbelbespreking Hand. 1 : 9—17.

Vers 9. a. Lees Mark. 16:19, Luk. 24:50, 51.

d. Hoe hij opgevaren is: e. Zegenend en daarbij troostend voor Christus' dienaar, dat hij weet, dat Christus zegent hoewel de wereld hem haat. Zie Matth. 28 : 20, Efeze 1 : 3.  2e. Zichtbaar — niet haastig gelijk Elia of verborgen gelijk Henoch.

3e. Hij is voornamelijk opgevaren door de Almachtige kracht Zijner Godheid. Elia en Henoch met Gods hulp opgevaren 2 Kon. 2 : 11. Lees hierbij Hand. 2 : 31—35, 5 : 31 Filipp. 2 : 9, Ef 1: 20—22, Hebr. 9 : 11, 12 en 24, Joh. 14 : 2, 20:17, Ps. 8 : 2.

4e. Opgevaren in een wolk. Had alreeds op de aarde en zee gewandeld, de hel of het graf overwonnen en nu hebben de wolken Hem opgenomen en de Hemelen zijn geopend en hebben een weg gemaakt voor den Koning der heerlijkheid om in denzelven in te gaan. Lees hierbij Matth. 24 : 30, 26 : 64, Jes. 5 : 6, Ps. 104 : 3.

5e. Opgevaren met het geluid der bazuin al werd op aarde geen Hosanna gehoord. Zie Ps. 47:6.

6e. Opgevaren in triomf. Zie Ps. 68:19, Ef. 4:8.

c. Merk ook de eenvoudigheid bij 't opvaren op, de dienstknecht met een hofkoets des hemels.

d. 't Wegnemen der wolk uit hun gezicht, maakt een eind aan 't nieuwsgierig vragen naar de juiste plaats.

Vers 10. a. Nu met geen schrik bevangen. Matth. 17:6.

b. Het nastaren van den Heere, omdat zij mogelijk nog zoo gehecht waren aan Zijne tegenwoordigheid, mogelijk om te zien of Hij ergens geplaatst zou worden. Vergel. 2 Kon. 2 : 16. Of een teeken te zien. Zie Jes. 24 : 23, Joh. 1 : 52.

c. Ziet wijst op iets bijzonders, iets dat de aandacht, opmerkzaamheid dubbel verdient.

d. Twee mannen ... geen menschen maar engelen die die gestalte aannamen. Zie verder Deut. 17:6, Matth. 18; 16.

e. Stonden bij hen in witte kleeding — waren plotseling naast hen zonder dat zij het bemerkten, gekleed zijnde met witte kleederen, een schitterende glans gaven. Zie hierover verder Matth. 28 ; 3, Mark. 16 :5. Luk. 24 : 4, Openb. 3:4, 7:9, 9 :14.

f. Welke zeiden : Als éen spreekt, staat meermalen in de Schrift meervoud. Door het zwijgen van den ander werd tevens — mogelijk ook door gebaren eenstemmigheid betoond.

Vers II. Merk op :

a. Engelen laten hooren, dat zij ze kennen en weten dat zij uit Galilea komen, waaruit de geloofwaardigheid der boodschappers blijkt. Dat dit zou zijn om de groote eer te laten hooren die zij hadden gekregen als domme Galileërs wordt door Calvijn en anderen ontkend, daar dan die bijnaam van Galileër als 't ware vernederen zou. Zij trekken de discipelen enkel af van een onvruchtbaar zien naar den hemel. Zij geven hun de gewisheid, dat hun Heere in den hemel is en daarmede voor hen onzichtbaar is, maar dat zij Hem weder zullen zien, niet alleen en niet voornamelijk omdat zij zelven bij hun sterven ten hemel zouden gaan, maar omdat Jezus bij hen terugkeeren zou uit den hemel.

b. Lees aangaande 's Heeren wederkomst: Matth. 24:30, Luk. 21:27, Openb. 1:7, Matth. 24:31—36, Openb. 5:6—12, Hebr. 9:26 en 28, Job 19:27, 1 Thess.4: 6.

Vers 12. a. Zie Luk. 24 : 52. Met groote blijdschap. Zeker hadden de Apostelen nog nooit zulk een groote blijdschap gesmaakt als zij nu kenden!

b. De vermelding der plaats waar de opvaart geschied is. Regel in het Koninkrijk Gods, dat daar waar Christus geleden heeft. Hij ook verheerlijkt zal worden. Zie voorts Zach. 14:4—9.

c. Eene Sabbatsreize was twee duizend schreden. Deze rekening komt overeen met hetgeen in Joh. 11 : 18 vermeld wordt, dat Jeruzalem van Bethanie verwijderd was bijna 15 stadiën, d.i. ongeveer 1900 schreden. De Olijfberg nu grensde aan Bethanie.

De Sabbatsreize was niet door de wet voorgeschreven, want de wet gebiedt God om te rusten alleen, doch omdat de Joden het niet goed konden laten, om op Sabbat zich tot hunne zaken te begeven, (gelijk wij zien, dat de Heere zich beklaagt, dat zij allerlei lasten de poort uitdroegen), (Jer. 17 : 24) zoo is het wel mogelijk, dat door een algemeene vergadering der priesters een gebod is uitgevaardigd, 'om zulke ongeregeldheden tegen te gaan, zoodat ze nu op den Sabbatdag niet verder dan 2000 schreden mochten reizen. (Calvijn) Zie Ex. 16:29.

Vers 13. a. Zij gaan te midden der vijanden,

b. Zij gaan naar de opperzaal. De geleerden hebben allerlei gissingen omtrent deze opperzaal. Sommigen denken dat het één der opperzalen was van den tempel; maar het is niet denkbaar dat de overpriesters, die de beschikking hadden over deze kameren, er Christus' discipelen in zouden toelaten. Wel is verhaald Luk. 24 : 53, dat zij allen tijd in den tempel waren, maar dat was in de ure des gebeds, in de voorhoven van den tempel. Deze opperzaal schijnt een particulier huis te zijn geweest, zegt Henri. Gregory van Oxford denkt, dat het dezelfde zaal was waarin het pascha gegeten was.

Zie voorts kantt. statenbijbel.

c. Zie voor de Apostelen kantt. statenbijbel bij Matih. 10:2 v.v. en Hand. 1 : 13.

d. Merk op dwaasheid der R. Kerk om Petrus door dit vers voornaamste te doen zijn.

Vers 14. a. Eendrachtelijk. een heilige liefde onder hen heerschte. Dit toont aan, dat er een heilige liefde onder hen heerschte.

b.. Volhardende lijdzaamheid aanhoudende d.i. krachtig, standvastig en met lijdzaamheid aanhoudende

c. in het bidden en smeeken. Zij baden om hetgeen hun beloofd was, n.l. den H. Geest. Gij ziet dat de belofte Gods niet de handen in den schoot laat rusten, om lijdelijk af te.wachten tot het beloofde komt. Neen, het beloofde is de prijs ons voorgesteld, dien wij onfeilbaar ontvangen, als wij al onze krachten inspannen — vandaar 't smeeken er bij — om hem te verkrijgen. God beloofde aan Israël in de woestijn den intocht.in Kanaan, maar Israël kon dien intocht niet volbrengen, dan met de wapenen in de hand.

d. Bidden en smeeken. Met bidden beginnen, met smeeken eindigen. Bidden doen velen — smeeken weinigen zegt, da Costa.

e. Met de vrouwen. Die Hem gevolgd waren van Galilea. Ook hun huisvrouwen. Zie Matth. 27:55, 56, Mark. 15:40, Luk, 23:55, Joh. 19:25, 1 Cor, 9:5.

f. De vrouwen hier afzonderlijk vermeld, omdat de Schrift de vrouw in Christus in hare eer herstelt van welke de rabbijnen door hunne minachting van de vrouw haar hebben beroofd.

g. En Maria, de moeder van Jezus. In de Schrift is Maria de vertegenwoordigster van geheel de Christelijke vrouwenschaar door haar geloof en gebed. Zij is daar, waar men nederknielt en aanbidt, niet - waar men op den troon zit en aangebeden wordt. Voorzeker Maiia zelve is het eeuwig sprekend getuigenis tegen al de vergodingen van haar persoon door de Roomsche Kerk.

h. En met zijne broederen. In de Evangeliën zijn zij nog ongeloovig, thans na Zijne opstanding, zijn zij als geloovigen bij de geloovigen. Men vergete echter ook niet wat de Heere zegt.Matth. 12 : 46—50. Zie voorts kantt. statenbijbel hierbij.

Vers 15. Petrus stond op. Dat wilde niet zeggen maakte zich hoofd over de vergadering, maar werd door God aangewezen tot leider. Geloovigen stellen zich niet op den voorgrond.

Petrus moge hier als eerste gesteld zijn, hij was niet de laatste hoofdman. Paulus kwam na hem en deze was een niet minder uitverkoren Apostel des Heeren als Petrus. Zoo moeten wij dan met Petrus beginnen en voortgaan tot Paulus, en van deze tot Jacobus en Johannes totdat wij aan het einde der Schrift zijn. Immers is Johannes door zijne Openbaring de Apostel der laatste tijden, evenals Petrus die van den eersten tijd der Kerk, zegt 'da Costa. Weg dus met de bewering der R., Kerk dat Petrus en na hem de Paus het hoofd der Kerk is.

b. Schare van omtrent honderd en twintig personen. »Wij zien hier de kern der eerste gemeente des Heeren te Jeruzalem, want door het geheele land bestond die gemeente, zooals wij weten uit meer dan 500 broederen. En die vijfhonderd broederen en misschien zoovele zusteren zijn uitgebreid tot ongetelde millioenen uit alle talen, tongen en volken. Zooals Hij zeide zou het worden tot aan het uiterste der aarde.

c. Sommigen zeggen dat die honderd en twintig bestonden uit de reeds genoemde personen plus de 70 discipelen die uitgezonden waren. »

Vers 16. a. Petrus gebruikt de Schrift, evenals de Heere zelf deed, als de beschreven raad Gods en het aanhalen van de uitspraken dier Schrift heeft de discipel van den Meester en Deze van Zijnen Vader geleerd. Gij leest het bedoelde woord Ps. 41 : 10. Wij ontkennen niet, dat David deze woorden kan gesproken hebben, bij voorbeeld van Achitofel, eerst zijn vertrouwde raadsman en vriend en later zijn bitterste vijand. 

Doch het is een vaste regel in Gods Woord, dat alles wat de heiligen in het O. T. in lijden of heerlijkheid ondervonden, zijne vingerwijzing heeft op Christus.

Wat bij hen betrekkelijk waar is, dat is bij Christus volstrekt waar. Had David onder zijne vrienden een verrader, en zou de Messias, op wien alle lijden zou aanloopen, er geen hebben? Gij gevoelt: er.zou iets aan het lijden des Heeren ontbroken hebben.'

De Heere zou in dit opzicht minder geleden hebben dan David. Dit kon niet. De Heere is in alles volstrekt volmaakt, ook in Zijn lijden.

b. Merken we op dat de H. G., hoewel in al Zijne krachten en gaven nog niet ontvangen, toch in Petrus' hart was. Vroegen de Farizeën van den 'Heere: Hoe verstaat deze de Schriften, daar Hij ze niet geleerd heeft? hoeveel te meer konden zij dit vragen van den Galileër Petrus.

c. Petrus neemt de ergernis weg, die Judas had teweeg gebracht. - — Hij, een van de discipelen, gaat zijn Meester verraden, was bij degenen die Hem vingen.

Hoe was 't mogelijk ? Petrus zegt het : Het was voorzegd reeds. Dus gewoon te begrijpen, wijl Gods raad vervuld moest worden. Dit strekke echter niet tot verontschuldiging van Judas al was een en ander te voren voorzegd, dewijl hij niet uit kracht der profetie, doch door de bedorvenheid van zijn eigen hart is afgeweken.

B. Vraagbespreking

C. Kerkgeschiedenis.

Ambrosius van Milaan.

Lees voor dit onderwerp les 6 uit ons handboekje: Tafereelen uit de Gesch. der Chr, Kerk door J. Schouten 1e en 2e deeltje.

Uitgave KEMINK EN ZOON — Utrecht.

B. te H.

Correspondentie.

Aangezien geene bezwaren tegen de toetreding zijn ingekomen, is de Ned. Herv. Jongelingsvereeniging »Paulus« te Gorinchem, vanaf 5 April 1912 als lid van onzen Bond erkend.

Het adres van den Secretaris der Vereeniging is L. G. Hakkert, Molenstraat, Gorinchem.

DE BONDSSECRETARIS.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Ned. Herv. Jongelingsbond.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's