De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

6 minuten leestijd

In „de Nederlandsche Kerkbode van 29 Juni 1912 kwam van de hand van Dr. Slotemaker de Bruine, Ned. Herv. pred. te Utrecht een 2de artikel voor over de oplossing van het kerkelijk vraagstuk, wat wij hier in z'n geheel overnemen.

Volkskerk naast Belijdeniskerk.

De kwestie, hoe het kerkelijk vraagstuk moet worden opgelost, ligt naar mijn overtuiging op practisch terrein. Het gaat hierom: op welke wijze zal ons gansche volk het beste met het Evangelie worden bereikt, voor het Evangelie worden gewonnen, bij het Evangelie worden bewaard .•'

De principieele vraag, die dus eigenlijk moet vóórgaan, namelijk: wat de Schrift ten deze leert, laat ik rusten, omdat zij naar mijn overtuiging ten deze niets leert. Dat deze overtuiging voor betwisting vatbaar is, is mij niet onbekend; en gaarne zal ik daarover van gedachten wisselen ; doch dan in een ander artikel. Thans volsta ik met het enkel constateeren, dat wij in zake pluriformiteit, organisatie, ambten enz. m.i. geen bindende, schriftuurlijke voorschriften bezitten.

Blijft de practische vraag.

Zij moet aldus beantwoord worden: door een volkskerk en een of meer belijdeniskerken naast elkaar.

Het buitengemeen groote voordeel, als wij de zaak zóo zien, is: dat de beide partijen elkaar niet zien als tegenstanders, die strijden moeten op leven en dood, doch als medestrijders voor het éene, groote doel, dat elk echter langs eigen weg het beste te bereiken acht. Men heeft dan elkander noodig. En men kan elkander helpen in het vinden en uitvoeren van de noodige maatregelen.

Hoe ik de beide namen versta, heb ik gezegd in no. 12; dat men een belijdeniskerk wenscht, begrijp ik volkomen. Waarom daarnaast de volkskerk onmisbaar is, wijs ik nu met twee dingen aan.

De volkskerk draagt de traditie en beveelt zich daarmede aan bij de vrij onverschillige massa. Het is niet juist, dat de meerderheid der Protestantsche bevolking dogmatische voorkeur heeft. Wie met de massa in aanraking komt, niet alleen met de trouwe kerkgangers, maar ook met die de kerk bij bijzondere gelegenheden alleen bezoeken èn met die haar zelden of nooit bezoeken èn met die buiten alle feitelijke bemoeienis met geestelijke vragen staan... die weet, welk een klein percent van ons volk zich werkelijk voor onze dogmatische vragen warm maakt. De anderen leven intuitief en instinctief. Zij staan sterk onder den invloed van de traditie: de kerkformatie, waartoe hun voorouders behoorden; het kerkgebouw, waarin hun ouders en zij zijn gedoopt. Een predikant van die kerk heeft al veel vooruit, als hij bezoek komt brengen; hij wordt allicht ontvangen, krijgt misschien catechisanten uit het gezin. Men wil nog in die kerk getrouwd worden; men gaat in dagen van zware smart daar nog eens heen.

Ieder voelt de macht van deze traditie. Daarom weigeren vrijzinnigen de Hervormde Kerk te verlaten, al zouden zij, predikanten en gemeenteleden, het gemakkelijker hebben in een eigen kleinen kring Maar wie zich daarheen terugtrekt, mindert zijn invloed op het volk zoo sterk. Daarom werd in 1886 met zooveel klem verzekerd, dat er niet een »nieuwe« kerk gesticht werd, dat men in de kerk der vaderen bleef.

Maar als deze traditie een macht is, dan moet zij worden bewaard en dan moeten daaraan allen medehelpen; ook zij, die persoonlijk voor vrije kerk of belijdenis-kerk kiezen. Want anders verliezen wij een element voor de volks-evangelisatie. Daarom mag de Hervormde Kerk ook niet worden opgelost in — zooals men heeft voorgesteld — drie nieuwe kerkgroepen: een moderne, een ethische en een gereformeerde. Want dan is de traditie weg. Maar de Hervormde Kerk moet blijven bestaan en de traditie bewaren. De groote schotel moet niet aan scherven vallen, dat elk dan naar eigen smaak zich bijeenpassende scherven bijeenzoekt; van de schotel worde desnoods wat afgebroken, maar de schotel blijve bestaan.

Ik wil hartelijk medehelpen, om wie hier zich niet in vinden kunnen, een eigen goed gesloten kerkverband met gehandhaafde belijdenis te doen verkrijgen. Laten zij ons helpen, om de Hervormde Kerk met haar kerkgebouwen enz. te doen voortbestaan. Dan helpen wij elkaar. En wij helpen ons volk.

Naast dit element van de traditie staat het element van de vrije vormen. Een gereformeerde Belijdeniskerk zal zeker een eigen cachet dragen niet enkel, zelfs niet vooral, door de dogmatische overtuiging. Maar ook, maar meer in het oog vallend, door de houding tegenover losser vormen van eeredienst, gezangenkwestie, letterlijk gebruik van b.v. het trouwformulier en tal van andere formeele dingen, die voor de minder ontwikkelden niet als het wezen, maar dan toch als het betrouwbaar kenmerk van rechtzinnigheid gelden. Ik wil hierover thans niet twisten. Maar verwacht, dat wie zelf zich voegen in dit gareel, hunnerzijds toch openhartig erkennen, dat men daardoor ook velen afstoot; dat ontwikkelden met breeden blik, dat groote scharen van halfkerkelijken en on-kerkelijken zeer moeilijk ademen in deze sfeer. Dat dus met het oog op ons volk als geheel er een kerk zijn moet, waarin men vrijere vormen aan niemand oplegt, maar ook aan niemand kwalijk neemt: waarin over deze kwesties niet langer gestreden en nauwelijks langer gepraat wordt, omdat er iets gewichtiger is te doen en er zoo groote, ernstige vragen aan de orde kwamen.

Zullen wij hierin niet de oplossing zien van het kerkelijk vraagstuk.? En hiervoor elkander hartelijk behulpzaam zijn ?

Die niet goed in één verband kunnen samenwerken, gaan dan uit elkaar, zonder bitterheid, zonder wrok. Elk van beide heeft iets opgegeven; elk van beide heeft het in zijn eigen oog kostbaarste behouden.

Dan is er in den eigen kring nieuwe krachtsontplooiing te wachten.

En ten slotte werkt men toch weer samen voor het. groote geheel.

J. R. SLOTEMAKER DE BRUINE.

Ook in dit artikel staan weer tal van merkwaardige uitspraken en opvallende voorstellen.

lo. moet maar niet gevraagd worden: wat zegt de Schrift omtrent het kerkelijk leven.

2o. moet de Ned. Herv. Kerk gemaakt worden tot een vereeniging van evangelisatie, welke vereeniging werkt onder degenen die of half of heelemaal voor het kerkelijk en godsdienstig leven nu verloren zijn.

3o. wordt begrepen dat gereformeerde menschen daar geen genoegen mee nemen. Maar geen nood, die moeten maar in vrije kerkjes of belijdeniskerken naast-elkander gaan wonen.

4o. wordt geconstateerd dat „ontwikkelden met, breeden blik, groote scharen van halfkerkelijken en onkerkelijken" (leuke combinatie !) zich in een belijdeniskerk met geref. vormen natuurlijk niet vinden kunnen (gereformeerden zijn dus niet ontwikkeld en hebben geen breeden blik!).

5o. wordt gezegd, dat de groote schotel (de Ned. Herv. Kerk) niet aan scherven mag geslagen worden, terwijl de modernen, de ethischen en de gereformeerden dan ieder met een stuk in hun hand zouden wegloopen.

Neen, die groote schotel moet heel blijven.

De ethischen zullen hem dan maar alleen houden. Da's ook wel zoo aardig.

De anderen moeten dan maar zien, dat ze uit een anderen schotel te eten krijgen...

Dat deze en dergelijke beschouwingen en voorstellen ons veel vérder brengen, kunnen we nu juist niet zeggen.

Toch, zijn ze merkwaardig en we zullen goed doen deze dingen te onthouden.

Een gewaarschuwd man telt voor twee, zegt het spreekwoord.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juli 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 juli 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's