De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Voor Jong en Oud.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor Jong en Oud.

4 minuten leestijd

23) John Bunyan.

Hoop: Ik wenschte wel om hunnentwil, dat zij met Groote Genade te doen gekregen hadden.

Christen: Ware hij er geweest, mogelijk had hij zijne handen ook wel vol gehad, want ik moet u vertellen, dat, ofschoon Groote Genade uitstekend met zijne wapenen weet om te gaan en hun ook reeds genoeg werk gegeven heeft, toch moeite genoeg zal hebben om te beletten, dat zij hem den voet lichten. Vooral wanneer zij (nl. Flauwhart, Wantrouwen en Schuld) in zijn binnenste kunnen insluipen. Dan is het een zwaar werk om op de been te blijven. En ach, als een mensch onder den voet ligt, clan weet gij wel, wat hij doen kan. Die Groote Genade dan ook goed aankijkt, zal in zijn gezicht hakken en litteekenen zien, die klaar bewijzen, wat ik zeg. Eens moet hij—'t was in een gevecht — gezegd hebben: „wij wanhoopten zelfs aan het leven." Hoe deden deze onbeschaamde schelmen David niet zuchten en klagen en brullen? Ja, Heman en ook Hiskia, schoon kampvechters in hun tijd, waren genoodzaakt te doen, wat zij konden, toen zij aangevallen werden en toch werden hunne mantels duchtig door hen uitgeklopt. Eens wilde Petrus gaan beproeven, wat hij doen kon, maar schoon eenigen zeggen, dat hij de vorst der apostelen is, werd hij zoo door hen behandeld, dat zij hem ten laatste bevreesd maakten voor een geringe dienstmaagd.

Daarenboven is hun koning hun zoo nabij, dat zij hem befluiten kunnen. Hij is nooit zoover, dat hij hen niet zou kunnen hooren en wanneer zij het te eeniger tijd te kwaad mochten hebben, komt hij, als er mogelijkheid bestaat, hun ter hulp. En van hem wordt gezegd: Raakt hem iemand met het zwaard, dat zal niet bestaan, spies, schicht noch pantser. Hij acht het ijzer voor stroo en het staal voor verrot hout. De pijl zal hem niet doen vlieden, de slingersteenen worden hem in stoppelen veranderd. De werpsteenen worden van hem geacht als stoppelen en hij belacht de drilling der lans." Job 41:17—20.

Wat kan iemand in zulk een geval doen ? Waar is het, dat iemand, die maar altijd een paard had, als waarvan Job spreekt, en dan verstand en moed om het te berijden, wel groote dingen zou kunnen uitrichten. „Want zijn nek is bekleed met donder, hij is niet beroerd, gelijk de sprinkhaan: en kracht van zijn gesnuif is eene verschrikking. Het graaft in den grond en is vroolijk in zijn kracht; en het trekt uit, den geharnaste tegemoet. Het belacht de vreeze en wordt niet ontsteld; het keert niet wederom van wege het zwaard. Tegen hem ratelt de pijlkoker, het vlammig ijzer der spies en der lans. Met schudding en beroering slokt het de aarde op en gelooft niet, dat het is het geluid der bazuin. In het volle geklank der bazuin zegt het Hah ! en het riekt den krijg van verre, den donder der vorsten en het gejuich." Job 39 : 92—28.

Maar wij, zulke voetknechten als gij en ik zijn, laat ons nooit wenschen een vijand te ontmoeten, noch ons beroemen, dat wij het beter zouden maken dan zij die een nederlaag lijden. Noch ons streelen met de gedachte aan ónze dapperheid; want — dezulken laten het gewoonlijk 't allerslechtst liggen, als het er op aan komt.

Getuige daarvan is Petrus, van wien ik zooeven reeds melding maakte.

Hij pochte, och ja, dat deed hij. Hij wilde en zou het beter doen dan anderen; hij zou meer voor zijn Meester uitkomen, maar wie werd ooit zoo overwonnen en ten onder gebracht door deze schelmen, als hij?

Wanneer wij derhalve hooren, dat zulke plunderingen plaats hebben op des Konings heirweg, dan past ons, dat we nooit naar die gevaren verlangen, noch ons begeven in den weg der verleiding.

(Wordt vervolgd.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 september 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Voor Jong en Oud.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 september 1912

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's