Ingezonden.
Erger dan misverstand.
Waarde Redactie!
Het lust mij niet om op uw onderschrift in bizonderheden in te gaan. Men zou de hoofdzaak uit het oog verliezen.
Alleen nog het volgende: Namens het bestuur der Evangelisatie te Feyenoord deelt gij mede, dat men bereid is te sluiten wanneer een Geref. predikant 2 beurten in de Kerk waarneemt.
Datzelfde bestuur schreef mij echter op 25 Febr. dat het zulk optreden in de Kerk niet gaarne ziet, ja zelfs tracht tegen te gaan, omdat men het finantieel niet kan volhouden, wanneer men van tijd tot tijd moet sluiten.
Wie wordt hier om den tuin geleid? Noch met Ds. Monsma, noch mtet Ds. Voors heeft de zaak waarover ik schreef iets te maken.
Wanneer ik in een officieele beurt, op uitnoodiging van den kerkeraad optreed, dan verwacht ik geen optreden daar tegenover van een broeder. Evenmin als het' eenigen zin heeft, dat de godsdienstonderwijzer van Delft komt «evangeliseeren» tegenover Ds. Olthuis, die gisteren (2de Paaschdag) te Feyenoord sprak.
Eenerzijds zeggen: "wij willen het heil der Kerk« en anderzijds het optreden van geestverwante predikanten tegengaan, is een politiek die ik niet begrijp.
Dat de financieele zijde van het vraagstuk hierin van groot gewicht is — het bestuur van de Evangelisatie schreef het mij zelf!
En nu genoeg. Een ieder zij in zijn gemoed ten volle verzekerd. Ik sta echter verbaasd over de wijze waarop broeders, die elkander toch zoo na staan in dogmaticis, tegenover elkander (kerkelijk) optreden. F. J. KROP.
Onderschrift van de Redactie!
Bovenstaand ingezonden hebben we — met een kleine wijziging, daar we anders weer over een correspondentie moesten uitweiden, die hier niet direct mee in verband staat n. l. over het Evangeliseeren te F. in 't algemeen en het zingen van gezangen — niet willen weigeren, hoewel het aanleiding kan geven tot veel misverstand.
De uitdrukking «komen evangeliseeren tegenover Ds. Olthuis» raakt immers kant noch wal.
Evenmin als «komen evangeliseeren tegenover Ds. Krop.» Dat is de zaak niet recht voorstellen!
Want de werkelijkheid te F. is immers, dat de gezonde Ds. Monsma keer op keer (2 Maart, 16 Maart, 24 Maart enz, ) collega's van buiten de gemeente laat komen, niet opdat het Evangelie te F. een keer méér zal worden verkondigd, maar opdat hij in de bank zittend een ander laat preeken in zijn plaats (wat héél «wonderlijk» is) niet zonder bijbedoeling, om zoo twee geestverwante collega's in de Kerk en in de Evangelisatie tegenover elkaar te krijgen en dan een stok te hebben, om de Evangelisatie te kunnen slaan.
Ds. Voors denkt er niet over, om zulke practijken te gebruiken!
En wat zou het voor de gemeente jammer zijn, indien Ds. M. het eens zóo ver kon krijgen, dat de Evangelisatie in den grond geboord kon worden!
Wie zóo de zaak beziet, die voelt waar hier de schoen wringt.
Die begrijpt ook, dat de man die aan de touwtjes trekt zich in deze dingen hartelijk verheugt.
De Heere geve hier een ieder onzer oprechtheid in bedoelen en wijsheid in handelen, opdat de goede zaak Zijns Koninkrijks ten slotte niet worde afgebroken, maar kloek en waardig mag worden bevorderd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 april 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 april 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's