Staat en Maatschappij.
Een beetje meer bescheidenheid.
Naar aan de pers is bericht geworden, zijn de centrale colleges der drie rechtsche partijen er in geslaagd een concept-overeenkomst vast te stellen voor de hernieuwing der coalitie.
Op twee punten werd het politiek accoord getroffen.
Een der punten bevat één positieven, het andere één negatieven wensch.
Het bekende onderwijs-artikel uit het Grondwetsvoorstel wordt gemeenschappelijk aanvaard, terwijl artikel 171, dat van de Kerk, moet blijven voor wat het is.
Voorzeker is dit politieke program zeer sober, soberder zelfs dan men had mogen verwachten.
Wij zien in de getroffen overeenkomst een zeer conciliante houding aangenomen van de twee grootste fracties der rechterzijde tegenover de Ohristelijk-Historische Unie, vooral nu in het concept ook de nadruk gelegd wordt op een gedeelte der toelichting, voorkomende op artikel 192 van het regeeringsvoorstel ter zake van de Grondwetsherziening : „dat bij de inrichting van het van Overheidswege te geven lager onderwijs de godsdiei\stige gevoelens van de ouders der schoolgaande kinderen zullen worden geëerbiedigd."
Het moet evenwel bevreemden, dat b.v. met geen enkel woord wordt gewag gemaakt, dat, zoo de coalitie bestendigd blijft, de rechtsche partijen ook bereid zullen bevonden worden het tegenwoordige kabinet in het afwerken van zijn program te steunen.
Intusschen voorziet in deze leemte, voor wat de antirevolutionairen betreft, het antirevolutionaire program van actie, dat als ontwerp aan de kiesvereenigingen toegezonden werd.
De Chrisfeelijk-Historischen, die uit den aard van hunne organisatie liever op de vlakte blijven, dan met een bepaald bindend program voor den dag te komen, hebben dus wel de maat vol gekregen.
Toch schijnen er nog te zijn die niet in alle opzichten tevreden zijn. Ten minste De Banier, het Friesche orgaan, is nog maar slecht te spreken over het resultaat der onderhandelingen.
Dit betreft natuurlijk niet het voorloopig getroffen politieke accoord, hoe zou dit ook kunnen ? maar het electoraal gedeelte van de overeenkomst.
De Friesche heeren oordeelen het niet goed, dat de centrale colleges der rechtsche partijen zijn overeengekomen en mitsdien het voorstel doen om de districten Ede, Leiden en Ommen aan de antirevolutionairen toe te wijzen. In Ede, waar van Chr. Hist, zijde het compromis van 1909 werd geschonden door den zetel aan de antirevolutionairen afhandig te maken en deze door een Chr. Historische te doen' bezetten. Leiden, dat in 1903, door het overlijden van den antirevolutionairen afgevaardigde, in handen kwam van de vrijzinnigen en in 1909 bij overeenkomst aan de Christelyk-Historischen - slechts voor het tijdperk van 1909-1913 werd afgestaan. Ommen.., maar is het, na al hetgeen in dat district werd afgespeeld, nog noodig het goed recht van de antirevolutionairen op dit district aan te toonen?
En toch hebben de antirevolutionairen zich er toe laten vinden om Ommen nog voor een viertal jaren af te staan aan de Ohristelijk-Historischen, die met hun 12 vertegenwoordigers in de Tweede Kamer reeds een grooteren invloed bezitten, dan waarop zij mèt recht zouden kunnen aanspraak maken.
De overeenkomst voor wat de verdeelirig der districten aangaat toch luidt op dit punt: dat Leiden en Ede aan de antirevolutionaire partij wordt toegewezen, terwijl men in Ommen voor ditmaal gezamenlijk een Christelijk-Historisch candidaat zal aanbevelen, die thans volgens de in 1909 tusschen de drie districtsbesturen gemaakte afspraak elders uitvalt (Dr. de Visser, het zittend lid voor Leiden).
Ook voor wat betreft de toewijzing der districten, wordt dus den Christelijk-Historischen de maat volgemeten.
Toch klaagt De Banier, zooals wij reeds hierboven schreven, over de achteruitzetting van de belangen der Cliristelijk-Historische Unie. De Chr. Hist, partij wordt, naar de bewering van dit blad, bij aanneming der overeenkomst het kind van de rekening, terwijl de antirevolutionaire partij weer met de winst gaat strijken.
Is dit oordeel billijk? Mag het orgaan van de Unie in Friesland spreken van een Jacht maken op zetels vanwege de antirevolutionaire partij en dat waar deze partij loyaal tegenover de Christelijk-Historischen optrad met betrekking tot Ommen?
Vraagt de antirevolutionaire partij inderdaad meer dan haar in billijkheid toekomt ?
Van de zijde der Christelijk-Historisch en kan toch niet geklaagd worden, nu uit alles duidelijk blijkt, dat op de meest welwillende wijze aan hun wenschen is tegemoet gekomen.
Het wil ons voorkomen, dat van de Christelijk-üistorischen een beetje meer bescheiden heid niet te veel gevraagd is.
Een goede stap.
De Commissaris der Koningin in de provincie Gelderland heeft tot de burgemeesters van onderscheidene gemeenten in dat gewest eene circulaire gericht, waarin zij uitgenoodigd worden den Raad hunner gemeenten, zoo al niet tot afschaffing wordt overgegaan, te gelegener tijd eene beperking van de kermis tot werkdagen in overweging te geven.
Wij juichen dezen zachten drang van den antirevolutionairen Commissaris op de hoofden der Gemeenteraden uitgeoefend, van harte toe. Meestentijds toch stuit een voorstel, dat in dezen geest gedaan wordt, op den tegenstand van den burgemeester af, zoodat dan in tal van gevallen van de afschaffing der kermis niets komt.
Die tegenstand zal nu voortaan zoo verwachten wij ten minste — niet meer zoo sterk gedreven worden.
Wel laat de Gemeentewet het instellen, afschaffen of veranderen van jaarmarkten, behoudens goedkeuring van Gedeputeerde Staten, aan den Raad over, maar een woord op zijn pas, als thans uit Gelre's hoofdstad zich deed hooren, kan tot goede gevolgen leiden.
Met belangstelling zien we naar de voorstellen uit die ten deze in de gemeenten zullen gedaan worden om tot afschaffing, hetzij tot geheele dan wel tot gedeeltelijke te geraken.
De kermissen zijn uit den tijd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 april 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 april 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's