Van de Leestafel.
De Hervormde Kerk en de politiek door Dr. J. R. Slotemaker de Bruïne - Uitgave van G. J. A. Ruys, Utrecht.
De titel pakt. De inhoud valt niet mee. Dr. Slotemaker de Bruine spreekt over "de actie vóór het behoud der Herv, Kerk" bij de verkiezingen van 1913, Daar zegt hij veel te weinig van, Da's jammer, want hij is een van de mannen, die de dingen weten kan en ze nu ook zeggen moest. Wel zegt hij (blz. 4) »de actie heeft den strijd nog meer vertroebeld (blz. 5) zij heeft hartstochten gewekt« .» ... in dezen zin is er veel invloed geoefend. En niet op een wijze, die; een herhaling doet begeeren. Want mannen met staatsmansgevoel zullen eischen, dat hun toch reeds zware taak niet op deze wijze noodeloos verzwaard wordt en men dus over dit punt zwijge. En zeker zal sommiger lauwheid voor de Hervormde Kerk in afkeer, sommiger afkeer in haat zijn overgegaan. Verschijnselen, die zoowel voor de politiek als voor de Kerk moeten doen wenschen, dat een herhaling onmogelijk zij, «
Maar toch zegt Dr. SI. de Br. op dezelfde bladzijde dat hij zelf geen spijt heeft van zijn actie! Dat valt ons tegen.
Evenwel, zoo gaat de schrijver verder: »er moet een weg gezocht worden, waarlangs een nieuwe actie wordt overbodig, ja onmogelijk gemaakt, zoodat zij ook niet meer vertroebelend werken kan.»
En dan komt de kwestie waarover deze brochure eigenlijk handelt.
De kwestie van art. 171,
Welke kwestie moet opgelost worden, liefst zoo spoedig mogelijk. «Want eenvoudig stil-weg opbergen van de kwestie is onmogelijk. Zij is daarvoor te gewichtig».
Juist wat Dr, Kuyper reeds jaar en dag beweerd heeft; zeggende : laten de Hervormden, die er 't meest bij betrokken zijn, toch eens flink over deze kwestie praten en tot een bepaalde opinie in deze komen, dan kan de zaak voor goed worden afgedaan, »
Dat zegt Dr, Si, de Br, nu ook.
Er moet over deze kwestie eerlijk en rond gesproken worden en zij die er kennis van hebben moeten eens duidelijk zeggen of schrijven, hoe het in deze kwestie moet. Dan komt er misschien eindelijk een eind aan deze netelige zaak.
Wanneer de brochure van Dr. SI. de Br. daartoe mocht meewerken zullen we er ons heerlijk over verblijden.
Wij gelooven met hem, dat men niet moet zeggen »de tijd is er niet rijp voor, «
Ook niet: »'t is zoo'n wespennest; 't is maar beter z'n handen er niet naar uit te steken"
Want de tijd zal later niet méér rijp zijn dan thans; de moeilijkheid later niet kleiner dan nu.
Dr, SI. zegt: Wij zouden wellicht reeds van zelf tot een oplossing komen, zoodra allen ondubbelzinnig zeiden, wat ze wilden. Of, zoo niet aanstonds van overeenstemming bleek, zou door uitwisseling van gedachten en wederzijdsche overreding een gezamenlijke gedragslijn kunnen worden vastgesteld.» Maar de ondubbelzinnge uitspraken ontbreken tot op dezen dag. En dat is het, wat de ongerustheid wekt, "
Van harte hopen we, dat mannen die in deze bevoegd zijn hun advies eens zullen willen geven.
Mannen als Prof. de Louter, Prof, Hora Siccama» Dr. A, Kuyper, Prof. Fabius, Jhr. de Savornin Lehman, Mr. van Swinderen enz. zijn er misschien wel voor te vinden om eens te zeggen wat ze, ziende op de tijdsomstandigheden, nuttig en noodig achten.
Handboek voor de Heilige Geschiedenis door Prof. Dr. P. A. E. Sillevis Smitt.- Uitgave: J. H. Kok, Kampen.
Dit werk zal in 20 afleveringen è. 25 ct. compleet zijn, vormende 2 kloeke deelen, waarvoor twee keurige stempelbanden gratis zullen geleverd worden, .
De naam van het boek zegt zoo ongeveer wat Dr. Sillevis Smitt bedoelt te geven.
Een Handleiding bij de beoefening der gewijde Geschiedenis, zoo ongeveer als van Andel van Gorinchem ons die gegeven heeft. Maar dan zoo, dat bij allerlei beschouwingen de volledigheid der feiten niet al te zeer wordt opgeofferd. Want de Heilige Geschiedenis moet vóór alles in haar feiten worden gekend.
Dr, Sillevis Smitt heeft zich zelf hooge eischen gesteld bij de bewerking van dat boek.
Hij zegt: de ontwikkelingsgang der Theologische Wetenschap, bizonder in de laatste decenniën, stelt ook aan de beoefening der Heilige geschiedenis haar eischen, en de gegevens, die met den dag vermeerderen, moeten ook op dit terrein worden verwerkt.
Om slechts op een enkel punt te wijzen: is de vlucht, die de Assyriologie en de Egyptologie in den laatsten tijd heeft genomen; is het onmiskenbaar licht dat door de immer voortgezette opgravingen in het Oosten als uit den schoot der oudheid opgaat over het milieu, waar de Heilige Geschiedenis haar gewichtigsten loop heeft gehad, voor haar beoefening niet van het uiterste gewicht? En vooral, moet tegen de aanwending van deze resultaten van de zijde der vergelijkende Godsdienstwetenschap (Religionsphilosophie) niet ter bevestiging, maar helaas, ter hernieuwde bestrijding der Openbaring, niet ernstig worden getuigd? Het opeischen van die verrassende vondsten niet voor de Evolutie, maar voor de Revelatie, is in onze dagen voor het geloovig christendom recht en plicht* enz.
Dr, Sillevis Smitt zegt verder: »Bij de bewerking heb ik getracht deze handleiding te doen beantwoorden aan de behoefte van allerlei kring en daarom, ook waar meer wetenschappelijk onderzoek noodig was, den populairen trant zooveel mogelijk te behouden.
Het zou mij een voldoening wezen, wanneer blijken mocht, dat mijn arbeid voor studeerenden, voor scholen (ook de Zondagschool), voor de Jongelingsvereeniging en eveneens tot voorbereiding voor onderscheidene examina in de »bijbelsche Geschiedenis* goeden dienst bewijzen mocht, maar niet minder, wanneer ook de ontwikkelden onder ons volk er eenige vrucht uit mochten wegdragen tot vermeerdering van kennis en versterking in het geloof.
Hoe Dr. Sillevis Smitt de Heilige Geschiedenis beschouwt, blijkt uit 't volgende wat hij zegt: in de Heilige geschiedenis treedt God op met het Wonder, in openbaring, in feit, in toerusting van personen en valt gedurig het oog op Hem als eerste Oorzaak, terwijl de verklaring der dingen ligt in hun bovennatuurlijk gebeuren en het verstaan der zaken in het geloof. En waar alle wonder culmineert in het groote
Wonder, den Christus, kan het niet anders, of alle draden der Heilige historie vereenigen zich in Hem die het middelpunt is in Gods Raad.
Alles werkt saam tot het inbrengen van den Eerstgeborene in de wereld.«
Wat de verdeeling der Heilige Geschiedenis aangaat merkt Dr. Sillevis Smitt op: »Naar de eenheidsgedachte, die haar levensgeheim is, valt deze geschiedenis uiteen in drie hoofddeelen, waarvan de beide eerste saamvallen met het Oude en het laatste met het Nieuwe Testament: van de schepping tot de roeping van Abraham, van de roeping van Abraham tot de komst van Christus in het vleesch; van de komst van Christus tot de openbaring op Patmos enz.«
Afl. 1, 2, 3, 4 liggen nu voor ons.
Ieder voelt dat het de tijd nog niet is tot een eigenlijke beoordeeling.
Maar zooveel hebben wij wel bemerkt, dat wanneer Dr. Sillevis Smitt dit grootsche werk in denzelfden geest mag voortzetten, dit boek van groot nut kan worden en z'n weg wel vinden zal.
Afl. 4 (blz. 128) loopt tot het Verbond van den Sinaï,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's