De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Financiën.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Financiën.

5 minuten leestijd

Onlangs vroeg mij een predikant: Hoe staat het nu met het Leerstoelfonds? Duurt het nog lang eer de Bond er toe kan overgaan iets te doen wat der studeerende jongelingschap ten goede komt? Kan er nog niet een professor worden aangesteld die zich nu eens absoluut bemoeit met hetgeen de a.s. leeraren moeten preeken? Want allicht weet ge dat zoo niet, maar als ge als jong predikant de universiteit verlaat en ge zijt dan onderwezen wat het dogmatische betreft door een modern professor, dan hebt ge heel wat in het hoofd waar ge als predikant die de Waarheid wil prediken niets van gebruiken kunt, en aan onderwijs b.v. over de leer der rechtvaardigmaking, heiligmaking, zonde, genade, wedergeboorte en al dergelijke onderwerpen, heeft het u totaal ontbroken. Daar wordt u eenvoudig niets van geleerd. Of ja, als het een modern professor is, die in Dogmatiek moet doceeren, dan wordt u voorgehouden welk een dwaasheid het is aan dergelijke onderwerpen nog eenige waarde toe te kennen, en loopt ge nog groot gevaar, als de Heere het niet verhoedt, dat ge hetgeen ge nog van huis uit hebt geleerd als dwaasheid overboord werpt. Zoo wordt ge dan opgekweekt om als herder en leeraar in de gemeente op te treden. Dan moet ge de menschen onderwijzen in den weg der zaligheid. Ge moet hun zeggen dat ze bekeerd moeten worden; dat ze anders voor eeuwig verloren gaan. Ge moet zieken en stervenden troosten en wijzen op het eenige fundament, op het bloed der verzoening, op de gerechtigheid van  Christus en op nog zooveel meer wat in de . practijk van het geestelijke leven en toestanden voorkomt. Ja, als ge het ergens anders hebt geleerd, maar op de universiteit is er geen enkele professor die u er in heeft onderwezen. Daar heeft men er niet over gesproken, want in deze dingen, de leer der zaligheid betreffende, was het een professor die hieraan niet geloofde welke ons moest onderwijzen. En zoo is het bij mijn weten thans nog aan elke universiteit waar onze Hervormde jonge mannen studeeren. Het onderwijs in deze belangrijke zaken is bij allen nog in handen van moderne professoren, wat zooveel zeggen wil als: er wordt niet in onderwezen; nog erger: wat er mogelijk van zou bestaan, wordt afgebroken.

Treurig. Of het nog lang zal duren? Wie zal het zeggen. Het Leerstoelfonds is in den laatsten tijd wel belangrijk toegenomen, maar het is toch nog verre van toereikend. Ik zie altijd met jaloerschheid op onze gescheidene broeders. Niet dat ik hen zou willen volgen in hun uittreden uit de Herv. Kerk. Dat niet, en ik verheug mij dat ook de Bond dien weg gansch niet op wil, al wordt dit wel eens beweerd. Maar dat is een bakerpraatje, waar wij ons niet aan storen. Wat wij echter wel mochten navolgen, dat is hun offervaardigheid; daar sta je gewoon versteld van, wat daar wordt gegeven, ook voor hun Hooger Onderwijs. Hoeveel professoren heeft men daar te salarieeren! En als ge dan ziet dat wij nu al drie jaar bezig zijn over een bedrag, noodig voor één hoogleeraar, en het nu gebracht hebben nog niet tot de helft, dan moge men druk afgeven op het verkeerde van uit de Kerk te gaan en hoog opgeven over de liefde tot onze Herv. Kerk, hou en trouw zwerende aan de Kerk onzer Vaderen, maar als men dan iets kan doen voor die Kerk, als men dan inziet de noodzakelijkheid van beter, van gereformeerd onderwijs voor onze komende leeraren, als men dan liefde heeft voor de Waarheid, als men „De Waarheidsvriend" niet alleen leest, maar een echte vriend van de Waarheid is, dan moet men dit ook toonen met de daad, dan moet het niet langer duren, dan moeten er geen jaren meer overheengaan voordat in dezen nood wordt voorzien, dan is elk jaar er een te veel.

Moge dan een ieder, die de prediking van de Waarheid in de Herv. Kerk op prijs stelt en met ons geen de minste neiging heeft die daarbuiten te zoeken, dit bewijzen door onze aanstaande leeraren te doen voorlichten door iemand die de Waarheid liefheeft. De bijzondere Leerstoel is daarvoor de aangewezen weg. De gaven daarvoor worden iedere week gaarne door mij ingewacht.

Voor deze week mocht ik ontvangen uit:

Ooster-Nijkerk f 1.84 van den heer Faber, zijnde het bedrag van busje 49 over de maand Augustus, en uit Feyenoord, collecte ledenvergadering f 1.12, van een lezer van „De Waarheidsvriend" f 0.25, busje 23 van de Jongedochtersvereeniging „Tabitha" f 1, 64, busje 24 van den heer J. Bot f 1.27, busje 25 en 26, geplaatst in het Evangelisatielokaal, f 13.24, totaal f 17.52.

De penningmeester aldaar zond mij een uitgebreid schrijven over den toestand aldaar in verband met de komst van den nieuw te wachten leeraar. Wij zullen daar voorshands niet op ingaan, maar blijven met belangstelling afwachten hoe de houding zal zijn van den nieuwen leeraar tegenover de vrienden der Waarheid en tegenover hen die de Waarheid altijd hebben tegengestaan.

Met hartelijken dank voor deze gaven,

J. C. FLIEHE, Penningm.

Arnhem, Apeldoornsche weg 188.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 september 1913

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Financiën.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 september 1913

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's