Staat en Maatschappij.
Reactionair.
Op de agenda van de jaarvergadering van den Bond van Nederlandsche Onderwijzers, die binnenkort staat gehouden te worden, komt een voorstel van het Hoofdbestuur voor met betrekking tot het Openbaar en Bijzonder onderwijs.
Het voorstel luidt: om artikel 3 der Lager Onderwijswet in dier voege te wijzigen dat alleen door het Rijk en de Gemeenten lagere scholen zullen mogen worden opgericht en onderhouden, waarbij het onderwijs zoodanig wordt ingericht, dat deze scholen toegankelijk zijn voor kinderen van alle ouders, zonder onderscheid van godsdienstige of staatkundige richting.
Als gevolg van deze wetswijziging zullen de artikelen, die het Bijzonder onderwijs regelen, behooren te vervallen.
In eene breede toelichting motiveert het Hoofdbestuur van den Bond zijn voorstel, waarin dit opmerkelijke gezegd wordt dat het Bijzonder onderwijs behoort geschrapt te worden, omdat als men waarborgen voor goed deugdelijk onderwijs ging eischen, deze waarborgen van zulk een ingrijpenden aard zouden moeten zijn, dat van het bijzondere in het Bijzonder onderwijs niet veel anders zou overblijven dan de naam.
Wat hier door het Hoofdbestuur van den Bond van Nederlandsche Onderwijzers wordt neergeschreven, is ook altijd ons oordeel geweest, dat nl. zoo het leerplan van het Bijzonder onderwijs zal moeten worden goedgekeurd, de Bijzondere school haar eigen karakter verliest.
Deze stelling, die van de zijde der voorstanders der Openbare school nog steeds werd betwist, daarvan wordt de juistheid thans door het Hoofdbestuur van den Bond toegegeven.
Intusschen is het voorstel, dat door het Hoofdbestuur op de jaarvergadering zal ter tafel gebracht worden, reactionair. Het Hoofdbestuur wil naar de dagen van vóór 1889 terug, toen elke subsidie aan het Bijzonder Onderwijs onthouden werd, ja zelfs willen deze frontmakers nog verder terug en eenvoudig weg geen enkele bijzondere school meer toelaten.
Waar zulke stemmen nog steeds vernomen worden, blijkt het hoe noodzakelijk het is, dat de gelijkstelling van Bijzonder onderwijs met Openbaar onderwijs in de Grondwet wordt vastgelegd.
De lijkverbranding.
Het vraagstuk der lijkverbranding is sinds enkele weken weer actueel geworden. De vorige week Zaterdag werd te Driehuis onder Velzen op de begraafplaats „ Westerveld" het crematorium geopend en daarmede de eerste lijkverbrandingsoven in ons land ingewijd. De Vereeniging voor lijkverbranding, sedert 1907 Vereeniging voor facultatieve lijkverbranding geheeten, omdat de Vereeniging niet streeft naar verplichte lijkverbranding, vond haar werkkring tot nog toe in het voor hare rekening doen plaats hebben van crematies in het buitenland.
Thans, nu de Vereeniging haar eigen lijkverbrandingsoven bezit, behoeft zij niet meer van buitenlandsche gelegenheden gebruik te maken.
De vraag rijst echter, of lijkverbranding hier te lande toegelaten is. Naar de Nieuwe Courant, die bij gelegenheid van de opening deze vraag ter sprake bracht, meent, verbiedt de wet van 1869 de lijkverbranding niet opzettelijk. Men heeft, zoo herinnert het blad, een dergelijk verbod bij de behandeling der begrafeniswet in de Tweede Kamer indertijd wel trachten uit te lokken en bepaaldelijk in de wet op te nemen, maar dit is destijds door den Minister van Binnenlandsche Zaken afgewezen.
Nu schijnt het in de bedoeling der vereeniging te liggen, om zonder iets verder te vragen of ook nadere toestemming te bekomen, eenvoudig haar werkzaamheden maar aan te vangen, ook al dreigt elk oogenblik het gevaar, dat men haar het exploiteeren van haar crematorium zoo niet verbieden dan toch betwisten zal.
Het liberale orgaan, dat ook met instemming van de opening van het crematorium gewag maakt, is van oordeel dat de regeering zeer zeker zich tot handelen zal genoopt gevoelen en niet langer dan strikt noodig is een dubbelzinnigen toestand bestendigen, die nu reeds sedert jaren bestaat.
Binnenkort is dus, naar alle waarschijnlijkheid, eene beslissing tegemoet te zien ten aanzien van het pogen, om de begrafenis der lijken in onbruik en de heidensche lijkverbranding weer in zwang te brengen.
Zal die poging in ons Christenland gelukken? Wij vreezen, wanneer wij er aan denken dat thans de vrijzinnigheid in de meerderheid is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 1913
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's