FEUILLETON. (Nadruk verboden.)
14) In 't licht der historie.
Neen, niet voor hen, maar wel voor de goede bedoelingen der vreedzame Pacifisten hebben we eerbied en we willen met dezen een heel eind meegaan in hun streven tot verzekering van den wereldvrede. Echter den geheelen weg kunnen we ook met hen niet arm-in-arm afloopen.
Allereerst niet, omdat hun verwachting op de eindzegepraal van hun werk, naar wij weten, niets meer dan een beminnelijke illusie is. Want daar staat geschreven het woord van den Christus: „Gij zult hooren van oorlogen en geruchten van oorlogen."
Wij spottten noch dweepen met de opening van het schoone paleis des vredes in ons feestjaar 1913 in de residentie onzer geliefde Koningin.
We zijn niet van meening, dat de Vredesconferentiën slechts parodie zijn van volkerenbewegingen, evenmin als we verwachten, dat ze den oorlog zullen kunnen bannen uit onze menschenwereld.
We verheugen ons over de stichting op Zorgvliet, omdat we gelooven, dat de wereldactie in dat schoone paleis in de toekomst veel zal kunnen doen om het roekeloos kletteren met den sabel te voorkomen en de ellenden van den krijg te lenigen.
Maar wij waarschuwen: Laat dat vredespaleis u niet biologeeren, dat ge nu uw zwaarden en spiesen wel tot spaden en sikkelen kunt slaan. De vaak geestige teekenaar Braakensiek vergiste zich, toen hij deze Oud-Testamentische profetie tot motto nam van zijn caricatuur op de opening van de Carnegie-stichting.
Laat de toren van dat paleis ons liever wijzen naar den Hemel, vanwaar ook onze hulpe in den strijd voor onze nationaliteit moet komen; ons heenwijzen naar den Hemel, vanwaar het Rijk des Vredes zal afdalen, waarin waarlijk de zwaarden tot spaden en de spiesen tot sikkelen zullen geslagen zijn.
We zijn eindelijk ook niet ongevoelig voor de verschrikkingen van den oorlog; hoe zouden we, waar we ze met eigen oogen aanschouwden, mee doorleefden; maar toch weten we, dat sinds op Golgotha het bloed stroomde van den Eeniggeboren Zoon des Vaders, het niet is vol te houden, dat de Gerechtigheid Gods niet op Gods tijd het zwaard zou kunnen doen ontwaken. En als het zwaard ontwaakt, dan stroomt er bloed, hoe verschrikkelijk het zij.
Waarmee we natuurlijk niet elken oorlog willen verdedigen; en voor ons alléén een oorlog willen geoorloofd achten, zoo die gevoerd zal moeten worden tot verdediging van huis, haard en altaren; van Troon en erfdeel der Vaderen, van Koningin en Volk, van Vrijheid en Recht.
Daartoe roepen wij Neerlands Christenvolk op, om te voelen zijn roeping, zijn plichten tegenover Leger en Vloot.
Want die beide zullen — God verhoede het! — in tijden van gevaar het zwaard voor onze vrijheid en onafhankelijkheid moeten trekken.
Of dat Leger en die Vloot in hun tegenwoordige organisatie de beste weermiddelen zijn? Deze vraag gaan we stilzwijgend voorbij. Niet onzer is de taak ons te bemoeien met de techniek onzer landsdefensie.
Er is nu eenmaal een Leger en een Vloot in Nederland, tot wier organisatie de Wet, neen, de wettige Overheid, onze Koninginne bij de gratie Gods onze jongelingen, de zonen onzes volks verplicht voor korter of langer tijd saam te leven in kazernes en op schepen van oorlog.
En voor die saamleving stelt de Christelijke actie der militairen, of, wilt ge, de actie der Christen-militairen zich tot taak „de bevordering van de verspreiding der Christelijke beginselen in Leger en Vloot."
Waarom? Om twee redenen: Allereerst, omdat ze uit het Woord Gods, dat ze zich tot grondslag en richtsnoer verkoos, verstaat, dat onze God eischt, dat elk samenleven van menschen in een Christenland zij overeenkomstig de Christelijke beginselen; dat dus ook het leven van Leger en Vloot gezet zij in den levenstoon der Christelijke belijdenis.
Maar ook, omdat zij gelooft, dat naar de beloften Gods de zegen des Heeren alleen dan te verwachten is op Neerlands Leger en Oud-Hollands Vloot, wanneer daar geëerd wordt het Koningschap van den Christus, en men er versta dat
Schilden, bogen, dolken.
Dapper' oorlogsvolken,
Wijsheid, moed noch kracht.
Kunnen ooit in 't strijden
Eenig vorst bevrijden
Zonder 's Heeren macht.
(Wordt vervolgd).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 mei 1914
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's