De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij.

6 minuten leestijd

Een Synodaal adres.

De Algemeene Synode der Ned. Herv. Kerk heeft zich onlangs met een adres tot de Regeering gewend, waarin in verband met de aanhangige Stuwadoorswet bij de Tweede Kamer de wensehelijkheid bepleit wordt van beperking van Zondagsarbeid aan den Hoek van Holland.

Dat de Synode tot het indienen van een verzoek aan de Regeeiing besloot, wijst er zeker wel op, dat hier periculum in mora is, en dat de toestanden in het boutwerkersvak met betrekking tot het verrichten van arbeid op Zondag bijzonder slecht zijn.

En inderdaad is dit ook zoo! Doordat de Engelsche wet verbiedt, dat des Zondags gelost wordt, hoopen de goederen, die des Zaterdags van binnen-en buitenland te Hoek van Holland aangevoerd worden, zich op, en blijven daar liggen tot ze op Zondag ingeladen worden, ten einde des Maandags vroegtijdig in Engeland ie kunnen zijn.

Het adres spreekt er van, dat het betreurenswöèrdig is, dat zoovele bewoners van den Hoek van Holland op den dag des Heeren tot arbeiden worden verplicht, zoodat slechts een klein gedeelte der Gemeente in staat is de godsdienstoefeningen bij te wonen en den Zondag te heiligen.

„Deze toestanden — zoo zegt de Synode — baren zorg. Verzwakking van het godsdienstig en kerkelijk leven kan nimmer een gunstigen invloed op de maatschappij uitoefenen. De zedelijkheid, losgerukt van den wortel, die haar zou kunnen voeden, verliest haar steun; ontevredenheid en lichtzinnigheid nemen toe; het kwade woekert döardoor des te gemakkelijker voort. En het kan niet worden tegengesproken, dat de Zondagsarbeid, die niet tot het allernoodzakelijkste beperkt wordt, de begeerte naar hoogere dan stoffelijke dingen uitdooft en het geestelijk leven verstompt."

Het moet bij het kennisnemen van den inhoud van het adres de aandacht trekken, dat de Synode in haar loffelijk streven om op beperking van den Zondagsarbeid in het stuwadoorsbedrijf aan te dringen, zich alleen maar bepaald heeft tot de mededeeling van wantoestanden, welke zich aan den Hoek van Holland voordoen. Daardoor wordt de indruk gevestigd, alsof de groote omvang, welke de Zondagsarbeid in het bootwerkersvak heeft aangenomen, uitsluitend te Hoek van Holland te vinden is.

En dit is niet zoo. Wel spreekt ook de Synode aan het slot van haar adres de hoop uit, dat bij het nemen van maatregelen ter beperking van den Zondagsarbeid, deze zullen uitgestrekt worden ook tot andere plaatsen en tot arbeiders in met den bootarbeid samenhangenden arbeid. Maar verder dan tot het uitspreken van dien wensch gaat zij niet.

Naast het kostelijk feitenmateriaal, dat de Synode uit den Hoek van Holland gewerd, had zij ook moeten kunnen beschikken over gegevens b.v. uit Rotterdam, alwaar de Zondagsarbeid al even onbeperkt, misschien in nog omvangrijker mate plaats heeft als in Hoek van Holland. De positie van de Synode was daarmede veel sterker geweest.

Doch hoe dit zij, de Synode heeft een goed werk verricht door bij de Regeering op beperking van Zondagsarbeid aan te dringen.

Of nu de kans groot is, dat de Regeering op het adres zal ingaan, mag betwijfeld worden.

De ontwerp regeling van het stuwadoorsbedrijf, dat nog van minister Talma afkomstig is, bevatte enkele voorschriften, die|den arbeid op Zondag zouden beperkt hebben, al ging onzes inziens die bewindsman daarbij nog niet ver genoeg. Maar, nauw trad Mr. Treub als minister op, of het ontwerp werd met betrekking tot dit punt belangrijk verslechterd.

Da Synode zal met haar nader adres bij den tegenwoordigen minister van arbeid dan ook wel aan doovemans deuren kloppen.

Gebrek aan bijbelkennis.

De vrijzinnigen zitten voor een lastig geval. Enkele weken geleden maakte een hunner voormannen een blunder, waarmede zij leelijk verlegen zitten. De bekende schrijver Frans Netscher schreef over Daniël, dien hij een Christen noemde en die door een der Romeinsche keizers voor de leeuwen zou zijn geworpen.

Dit bewijs van grove onkunde met de Bijbelsche geschiedenis behoort niet tot de uitzonderingen. Immers het blijkt ook telkens op de onderwijzersexamens, hoe de candidaten blijken gaven zelfs nimmer gehoord te hebben b.v. van het bestaan der aartsvaders Abraham, Izak en Jacob. Het is uit dien hoofde dan ook niet te verwonderen, dat het met de Bijbelkennis van het opgroeiend geslacht aan de openbare scholen droevig gesteld is.

De vrijzinnigen schamen zich niet weinig over het bestaan van dit kwaad.

De hoofdredacteur van het Vaderland deed naar aanleiding van het geval „Netscher" over dit gemis aan kennis in de Bijbelsche geschiedenis een boekje open. Hij schreef daarvan:

Gebeurde het niet, dat een candidaat voor de hulpakte naar de beteekenis van het woord »aartsvaderlijk« gevraagd, daarbij blijk gaf nooit van Abraham, Isaac en Jacob gehoord te hebben ; moest men niet ondervinden dat een kweekeling aan een onzer Universiteiten maar éen Paulus kende, te weten Pieter Paulus, en heeft schrijver dezes zelf niet ondervonden, dat in den zin: »Hij was zoo blijmoedig, als Jozef, toen diens leed geleden was«. Jozef werd aangezien voor den broeder van ... Napoleon, en diens blijmoedigheid verklaard uit het feit, dat hij koning van Spanje was geworden. En men noeme deze gevallen geen uitzonderingsgevallen; de kennis aan Bijbelsche geschiedenis laat in niet-confessioneele kringen veel te wenschen over.

Als oplossing wordt nu aangegeven, óf om het godsdienstonderwijs als een meer integreerend deel van het onderwijs op de openbare school te maken, of wel door een deskundige een handboek te doen samenstellen met bijbelsche verhalen.

Het Christelijk Vólksdagblad de Amsterdammer op de laatste oplossing de aandacht vestigde, wijst reeds dadelijk op éen bezwaar, n.l; dat een goed Bijbelsch handboek begint met Genesis I: „In den beginne schiep God hemel en aarde". Het blad zegt dan: Dat is geschiedenis. Maar zal dit door den vrijzinnige als zoodanig erkend worden?

"En dan de geschiedenis van, Jezus' geboorte, van Zijn lijden, van Zijn opstanding en van Zijn hemelvaart? 't Is alles geschiedenis. Maar mag 't in het handboek voor de Openbare School? "

Het bezwaar van de Amsterdammer lijkt ons niet gezocht, maar inderdaad te bestaan.

Een nachtmerrie.

Voor den vryheid minnenden professor Eerdmans schijnt de Gereformeerde Bond een nachtmerrie te worden. Ook op den politieken landdag der vrijzinnigen op Hemelvaartsdag wees hij op het gevaar dat de Ned. Herv. Kerk van den Gereformeerden Bond dreigt. De eenheid van de vaderlandsche Kerk wordt door dezen Bond bedreigd. De Hervormden, die de coalitie steunen, halen het Trojaansche paard binnen.

Waarom zou de professor het toch zoo op den Gereformeerden Bond voorzien hebben ? Zou hij er een voorgevoel van hebben, dat de Gereformeerden in de Herv. Kerk als de meest geharnaste strijders tegen de vrijzinnige elementen in de Kerk, het de vrijzinnigen nog lastig konden maken?

Is het optreden van de Gereformeerden in de groote vergadering in den Haag met hun eisch, dat de Kerk weer naar de belydenis zal gaan leven, den hoogleeraar niet naar den zin geweest?

Ziet de professor soms gevaar in het weer krachtig opleven der Gereformeerden in de Kerk?

Wij vragen maar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 mei 1914

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 mei 1914

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's