De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

6 minuten leestijd

In de Nieuwe Rott. Ct, lazen we het volgende artikel onder „Kerknieuws", dat van moderne zyde komt, en waard is door ons gelezen te worden. Hoewel geheel verschillend in overtuiging met den onbekenden schrijver, sluiten wij ons gaarne aan bij zijn slotwensch. Ook wij verlangen naar andere tijden. In Januari 1916 zal het 100 jaar zijn, dat onze Kerk zucht onder het Synodale juk. Ja, dat de Heere verandering mocht geven en dat wij er maar veel om vragen mogen, want zooals het nu gaat mag het toch niet.

Neen, zóó kan het niet blijven.

Lees ook dit artikel van een vrijzinnige Hervormde maar weer eens! Het luidt:

De 99ste Vergadering der Synode.

Zij die vreesden dat de bewustzijns-verenging tengevolge van den oorlog ook de synode der Ned. Herv. Kerk parten zou spelen, en die reeds bij voorbaat betreurden, dat hierdoor de langverbeide klap op den Haagschen vuurpijl van 16 April zou moeten uitblijven, zijn bedrogen uitgekomen. In dezen krachtiger bewijs van doorzettingsvermogen gevend dan haar zuster van de Gereformeerde Kerken, heeft de Hervormde synode haar taak ten einde toe afgewerkt, en noch de spannende veldslag aan de Fransche rivieren, noch de Belgische vluchtelingen, ofschoon tot zelfs in de Javastraat doorgedrongen, hebben haar aandacht kunnen afleiden van het vraagstuk, dat dit keer haar vergadering het karakter van buitengemeene belangrijkheid zou verleenen.

De uitslag is uit de overzichten reeds bekend; alleen zal men over de waarde ervan, gelijk over de waarde van een reeds beslisten veldslag verschillend oordeelen. Dat de overwinning der voorstanders van het schrappen van "geest en hoofdzaak" slechts een zeer voorloopig karakter draagt, wordt van alle kanten erkend. Dat, ook zelfs wanneer zij naderhand mocht blijken inderdaad de eerste stap tot de werkelijke' schrapping te zijn geweest, de wijziging van art. 39 nog geenszins de uitsluiting der vrijzinnigen tengevolge behoeft te hebben, is dezer dagen nog weer eens door het ook hier overgenomen stuk van ds. Kater bevestigd. Zoolang de vrijzinnigen niet van het zuivere beginselstandpunt van de professoren Oort en Meyboom uitgaan, en de rechtzinnigen niet even beginselzuiver het zware geschut der Dordtsche belijdenisschriften opstellen, blijft de slag om de belijdenis in de Ned. Herv. Kerk onbeslist. Het schermutselen zal worden voortgezet bij de bevestiging van nieuwe lidmaten zoo goed als van ouderlingen; bij het weigeren van getuigschriften aan aannemelingen in vrede en van kerkgebouwen aan veldpredikers in oorlog: bij verkiezingen en ongeldigverklaring van verkiezingen, kortom, op de weinig verkwikkelijke wijze, die wij tot nu toe gewend zijn.

Een vice-president der synode mag terecht opmerken, dat onze kerk geplaatst is voor zoovele andere groote en moeilijke vraagstukken en zorgen", maatregelen mogen worden genomen om door evangelisatie te rnidden van het krakeel van de kerk vervreemde leden terug te winnen; en in een nieuw ontworpen reglement mag nadrukkelijk worden bepaald, dat het beginsel van alle kerkelijke opzicht en van alle kerkelijke tucht moet zijn de Christelijke liefde en barmhartigheid", voor het eendrachtelijk bijeenhouden van zóó lijnrecht tegenover elkaar gestelde geloofsopvattingen onder een en hetzelfde reglement zal geen kruid gewassen blijken. Met de beste bedoelingen wederzijds zullen recht-en vrijzinnigen, ook al vormen zij tezamen een zoo verzoeningsgezinde synode als die van dit jaar, botsingen niet kunnen vermijden, en de vraag gaat meer en meer klemmen of terwille van het godsdienstig volksleven de organisatie der Fransche Hervormden na de scheiding niet ook voor de Nederlandsche Hervormden navolgenswaardig zou zijn.

Verzoeningsgezind is de gehouden synode geweest en niet alleen van vrijzinnige zijde kwamen de hoffelijke blijken van waardeering van het goede in den tegenstander en de veroordeeling van fouten in het eigen kamp, gelijk b.v. die van prof. Knappert naar aanleiding van de klacht van den veldprediker Bakker. Maar achter de leden der synode staan de gemeenten, die, voorzoover zij rechtzinnig zijn, al spoedig murmureeren over te groote ruimheid van opvatting bij hun afgevaardigden. »Van je vrienden moet je 't maar hebben", morren de onverzoenlijken, als in een synode, waarin van de 19 leden 13 rechtzinnig zijn, de verscherping der proponentsformule wordt verworpen, de omzetting van het hooger onderwijs in confessioneele seminarie-dressuur onwenschelijk wordt geacht, uitbreiding van het uniform stellen van vragen tot de ouderlingsbevestiging wordt uitgesteld; invoering van de "groote synode" commissoriaal wordt gemaakt; het bestaansrecht van «modern socialistische" veldpredikers wordt erkend; een orthodox classicaal bestuur, dat zijn bevoegdheid te buiten is gegaan, tot de orde wordt geroepen. En inderdaad, buiten de »geest-en-hoofdzaak" overwinning is de oogst voor de rechtzinnigen ditmaal niet groot geweest.

Gelukkig, dat een synode ook iets anders te doen heeft dan louter richtingsgeschillen beslechten. Haar taak op reglementair gebied moge droog en saai zijn, het is in elk geval een werk des vredes. Gewichtigen wetsarbeid heeft de synode dit jaar onder de ongunstigste omstandigheden voorbereid. In de eerste plaats maken de voorloopig aangenomen reglementen voor kerkelijk opzicht en tucht en op het beheer aanspraak op het praedicaat »gewichtig". De aanneming van dit laatste zal in 't bizonder prof. Cannegieter voldoening hebben geschonken, daar het de kroon zet op zijn langdurig streven te dezer zake en tevens op zijn arbeid in de synode, waarvan hij tegelijk met prof. van Veen en de secretaris ds. Knottenbelt heeft afscheid genomen. Een drietal verdienstelijke mannen en belangwekkende figuren zijn hiermede uit het eerwaardig college getreden.

Dat de maatschappelijke taak der kerk meer dan vroeger in het oog wordt gevat, bewees ook deze synode, die niet alleen zich bemoeid heeft met Zondagsrust, bioskoopgevaar, alcoholisme, ouderdomspensioen en vredesbeweging, doch ook op den eenmaal met het houden van sociologische voordrachten betreden weg blijkt te willen voortgaan door het volgend jaar te komen met een uitgewerkt plan voor sociologische leergangen in optima forma. De predikantsopleiding heeft ook buiten deze zaak om dit jaar een overwegende plaats op de synodale agenda ingenomen. Bevoegdheid van vrouwen en van oud zendelingen tot het predikantsambt; verbetering van de fouten in het ongelukkige proponentsexamen ; erkenning van den candidaatsbul aan niet met de Ned. Herv. Kerk in betrekking staande universiteiten, wering van niet voldoende geschoolde buitenlandsche theologen, het is een heele lijst die aan de orde is gekomen. Dat deze onderwerpen ter synode tot aller bevrediging zijn behandeld, zouden wij niet gaarne beweren: in 't bizonder de verwijzing van de vrouwelijke theologen naar het godsdienstonderwijs en de beweegredenen daartoe zijn aan gegronde kritiek te onderwerpen.

Het spreekt vanzelf, dat de eigenaardige tijdsomstandigheden zich ook op de agenda der synode hebben laten gelden; drie adressen: een ten opzichte der diaconieën, een ten opzichte der veldpredikers en een ten opzichte van een algemeenen bededag zijn behalve de verdaging der zittingen, hiervan het bewijs. In gelegenheidsadressen is de synode doorgaans niet gelukkig en staat zij bloot aan meermalen gerechtvaardigde aanmerkingen. Het is te hopen, dat zij het volgend jaar hierop een uitzondering moge maken en de formule zal weten te vinden, waaronder recht-en vrijzinnig in broederlijke stemming het feest der honderste synodale bijeenkomst kunnen vieren. Helaas dat er buiten den oorlogsnood in dezen zoo weinig uitzicht is op feestvreugde. Of kan de eindstrijd om de belijdenis een goede inzet tot een eeuwfeest zijn? Dit zal alleen kunnen, wanneer in dien eindstrijd tot bevrediging van beide partijen de grondige oplossing van het vervelende vraagstuk zal worden gevonden. Dan zal het volgend jaar voor de Ned. Herv. Kerk inderdaad een nieuwe eeuw aanbreken !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1914

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1914

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's