De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

3 minuten leestijd

Lijkverbranding.

In het November-nummer van Studiën en Schetsen schrijft Prof. Fabius:

Terecht heeft De Standaard 9 Oct. j l. in verband met het verbranden van het stoffelijk overschot van Mr. van Deventer, gewezen op het vreemde van de houding der Regeering in dezen.

De rechter sprak uit, dat de begrafeniswet het verbranden niet wil, doch verzuimde dit op voldoende wijze te bekrachtigen door doeltreffende strafbepaling. Het lijk-verbranden is dus thans een sluipen door de mazen der wet. En ziet, toen dat onlangs gebeurde met het lijk van Mr. van Deventer, voerde daarbij zelfs een Minister het woord. Aldus een Minister bezegelde het verkrachten van de wet.

En dat nog wel nadat de Minister van Binnenlandsche Zaken de houding der Regeering afhankelijk had gesteld van wat de rechter omtrent de beteekenis der wet zou verklaren.

Overigens bevestigt zich weder in de lijkverbranding de opmerking van Stahl, dat er eene eeuwige wet is, volgens welke ook het gerechtvaardigde streven, als het in zijne afzondering een ander gerechtvaardigd streven schendt, tevens zich zelf verwoest.

De moderne, van hooger ordening losgemaakte menschelijkheid.

De hooge waarde des menschen schuilt niet alleen in de ziel, in het geestelijke.

Ook in het stoffelijke in het lichaam.

Ziel en lichaam hooren bijeen.

De scheiding tusschen beiden kan niet anders dan tijdelijk zijn.

De opstanding, hetzij ter zaligheid, hetzij ter eeuwige rampzaligheid, is zoo natuurlijk postulaat.

Maar zoo vloeit dan ook uit een en ander voort, dat de wijze, waarop het lichaam behandeld wordt, op den duur beteekenis heeft voor de behandeling van den mensch in het geheel.

Gelijk zoo ook in het geschrift van Jamieson wordt aangetoond, dat verbranding van lijken vaak gepaard is geweest met het doen gaan van levenden door het vuur.

Het werpen van het lijk in het vuur is niet een eeren van het lichaam. Veeleer spreekt zich daarin uit gewelddadigheid tegen, afkeer van het lichaam.

Grooter eerbied betoont zich daarentegen in het begraven.

Zeker wordt ook dan het stoffelijk overschot aan de vertering prijs gegeven.

- Maar daaraan is door de zonde niet te ontkomen.

Echter treedt hierbij de mensch niet zelfstandig op, om het proces te verhaasten en straks nog in de ure de vernietiging van het lichaam voor oogen te hebben.

In de begrafenis wordt het lichaam teruggegeven aan de aarde, waaruit het eens genomen was. En in stillen eerbied werpt voorts de mensch daarover het Ideed der aarde, zonder verder eenige daad in dezen te verrichten en zich in de ontbinding van het lichaam te verdiepen.

Vermoedelijk zouden de meesten het toch onwaardig achten, eenig ontzield lichaam voor te werpen aan de dieren, opdat dezen er zich mee voedden.

Dan werd toch van het stoffelijk overschot nog onmiddellijk materieel profijt getrokken.

Nochtans zal in het algemeen beseft worden, dat daarmee op gruwelijke wijze aan de menschelijke waarde werd te kort gedaan.

Nochtans geldt voor het verbranden van het lijk hetzelfde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 december 1915

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 december 1915

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's