De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ingezonden.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ingezonden.

7 minuten leestijd

(Buiten verantwoordelijkheid van de Redactie).

Bureau voor Kerk-en Schoolhulp.

Geachte lezer! Mag ik het volgende Idee aan uw oordeel onderwerpen?

Men richle in het midden des lands een Bureau voor Kerk-en Schoolhulp op.

Drie rechtzinnige predikanten van verschillende gezindten en een bekwaam accountant houden voortdurend toezicht. De bestuurder van dit

Bureau stort een flinke waarborgsom, waarm ee het Bureau zijn werk aanvangt. Het geeft aan kerken en scholen hypotheek tegen 4 1/2 procent rente en 2 procent voor aflossing. Gedurende 28 jaar betaalt men alzoo van b.v. f 10.000 jaarlijks f 650. Na 28 jaar is men dan van alles af. De schuld is alsdan geheel gedelgd. Bij het sluiten der leening behoeft geen afsluitingsprovisie en geen administratiekosten betaald te worden. Maar het Bureau voor Kerk-en Schoolhulp moet, zal het steeds geld uitleenen, zelf geld ontvangen.

Daarom geeft het obligaties uit. Ook van 4 1/2 procent. Om de drie jaar kan de obligatiehouder zijn geld terugvorderen. Zoo eenigszins mogelijk worden ook de tusschentijds aangeboden obligaties verzilverd.

Omdat de kerken en scholen geld krijgen, onder voorwaarde, dat het om de drie jaar kan worden opgezegd, heeft het Bureau de zekerheid den obligatiehouder, die het verlangt, zijn geld te kunnen teruggeven. Mochten er geen obligatiehouders zijn, die hun geld'vragen, dan wordt het bedrag, dat het Bureau aan aflossing ontvangt, óf aan andere kerken en scholen geleend óf uitgeloot.

Op elke obligatie teekent de Kerkeraad of het Schoolbestuur een verklaring, dat het bedrag der obligatie aan geld is ontvangen. Zoo heeft elke obligatiehouder de besliste zekerheid, dat zijn geld aan een kerk of school is geleend. Hij weet dus zeker, dat zijn geld zoo veilig mogelijk belegd is. Want wie en wat ook failliet gaat, kerken en scholen nooit. Deze drijven als 't ware op den godsdienst. Daarom staat het geld daaraan geleend, zoo vast als de godsdienst zelf. Bovendien heeft men dan de voldoening, dat men met zijn geld het Koninkrijk Gods helpt uitbreiden.

Het bezwaar, dat men zijn geld, aan kerken en scholen geleend, niet kan terugkrijgen, is dan vervallen. Want het Bureau wil een soort beniiddelingskantoor zijn tusschen kerken en scholen eenerzijds, en de menschen, die gaarne hun geld nuttig voor Gods Koninkrijk willen beleenen, anderzijds. Kerken en scholen kunnen dan beter geholpen worden en de godsdienstige menschen, door God met aardsche goederen gezegend, kunnen hun geld uiterst veilig beleggen, en toch weer, zoo ze 't verlangen, terugkrijgen.

Ook zou het Bureau • voor Kerk-en Schoolhulp allerlei Christelijke Stichtingen van Barmhartigheid enz. aan geld kunnen helpen. Het Bureau zou dan voor de aandeden, die deze Stichtingen uitgeven, een soort wisselkantoor zijn, waar de een een aandel tegen 100 pCt. neemt en de ander zijn aandeel tegen 100 pCt. (behoudens een weinig renteverlies voor Bureaukosten) inwisselt.

Mocht het Bureau flink opgang maken, dan zouden ook de nu reeds bestaande aandeelen van verschillende kerken, scholen, Christelijke stichtingen enz. tegen een betrekkelijk hoogen koers kunnen worden ingewisseld.

Dit is in hoofdtrekken een gedachte van iemand, die heeft opgemerkt:

a. dat vele kerken en scholen zuchten onder gebrek aan bouwkapitaal.;

b. dat bij het beslist godsdienstige gedeelte van het Protestantsche Nederland overvloed van geld zit om kerken, scholen enz. te helpen, hoewel ook in dezen kring, èn in 1906/7 èn in dezen oorlogstijd, millioenen zijn verloren in allerlei buitenlandsche effecten;

c. dat deze menschen ook wel gaarne hun geld aan die Christelijke instellingen willen leenen. Maar velen moeten het nalaten, omdat ze het niet kunnen terugkrijgen, waneer ze het noodig hebben.

Dit bezwaar zou het Bureau willen ondervangen. Et) het zou kunnen medewerken, dat er minder geld in allerlei buitenlandsche papieren werd verloren.

Wie nu met de oprichting van zulk een Bureau zijn ingenomenheid betuigen, goede wenken geven of inlichtingen vragen wil, zende naamkaartje, briefkaart, of brief onder letter B. K. S, , aan de Firma Veenendaal, Boekhandel te Amersfoort.

Aan allen, die belang stellen In de Militairen van Leger en Vloot

Den lezer heil,

De arbeid van den Nederlandschen Militairen Bond, voor ruim 40 jaren klein begonnen, is onder den zegen des Heeren een werk van groote beteekenis geworden.

De Tehuizen voor Militairen in de garnizoenen en de legerplaatsen zijn, gelijk bekend, bestemd voor allen, die in hun vrijen tijd buiten de kazerne rust of verpoozing zoeken. Zij werden vroeger eenerzij ds met schouderophalen aangezien, door anderen met honenden spotlach gemeden; maar worden thans door iedereen — bijna zonder uitzondering — gewaardeerd.

Tal van autoriteiten, zoo militaire als burgerlijke, hebben openlijk hun hooge ingenomenheid met — soras hun bewondering voor — dezen arbeid uitgesproken.

En wat misschien nog meer zegt, vele duizenden onzer jonge mannen die de uniform dragen — en nog veel meer van de ouderen, die haar droegen — getuigen dankbaar van den groeten zegen in de Tehuizen ontvangen.

In één woord, deze Tehuizen zijn voor Leger en Vloot een dringende behoefte geworden. Zg zijn een toevlucht voor allen, die een fatsoenlijke ontspanningsplaats wenschen, zonder jenever en kaartspel; zij zijn een verkwikking voor allen, zonder onderscheid van geloofsbelijdenis of gezindte, „die God zoeken buiten de legerplaats".

De mobilisatie, met — als gevolg daarvan — de reusachtige uitbreiding van het Leger onder de wapenen, bracht den Bond in moeilijkheid. Het aantal bezoekers klom in sommige Tehuizen tot enkele duizenden per dag. Er moest worden gebouwd, verbouwd, vergroot. De behoeften namen sterk toe, en werden door de inkomsten op verre na niet gedekt. In den winter 1915—1916 ontvingen wij tweeduizend gulden minder dan in den vorigen.

Gedeeltelijk moet dit worden toegeschreven aan de groote behoefte die ontstond, om overal langs de grenzen en de kusten, waar zich ge­ mobiliseerde troepen bevinden, tijdelijke militaire tehuizen op te richten. Verblijdend is dit feit op zichzelf; verblijdend ook, dat vele duizenden guldens door ons volk voor de jonge militairen werden beschikbaar gesteld.

Maar daarom mogen onze vaste Tehuizen niet vergeten worden.

Dit kan en mag niet. De arbeid vraagt véél van onze krachten; hij vraagt UW' voorbede, Uwen stofFelijken steun.

Het Hoofdbestuur van den Bond doet een beroep op U die dit werk liefhebt, of althans waardeert, in het waarachtig belang van de zonen onzes volks.

Zendt voor ditmaal een gave, voor jaarlijksch of voor éénmaal, aan een der ondergeteekenden; bij voorkeur aan den penningmeester. Geeft wat ge hiervoor missen kunt en wilt, 't zij weinig, 't zij veel. En smaakt de voldoening van een waarlijk goed werk gesteund te hebben!

Het Hoofdbestuur voornoemd,

J. G. U. SCHOCH, Gen.-Majoor der ArtilL, b.d.,

te Apeldoorn, Voorzitter.

J. M. VAN STEIN CALLENFELS, Kol. der Inf., b.d.,

te Bennekom, Secretaris-Penningmeester. L. RooSEBOOM, Maj. der Artill. b.d., 'sGravenhage. J. S. F. V. HOOGSTRATEN, Ritm., b.d., Arnhem. R. F. C. Baron BENTINCK, Ritmeester, Velp.

P. GROOTE, EV. Luthersch Predikant, Amsterdam. D. J. MIDDELBEEK, Kol. der Artill. b.d., Utrecht,

Jhr. Mr. J. H. J. C. MARTENS VAN SEVENHOVEN,

Oud-Rechter, Utrecht.

H. W. VAN MARLE, Gen.-Maj. v. d. Gr. Staf, b.d.,

Oud-Voorz. en Eerelid van den Bond te Zeist.

iiBaptimeus".

Vereeniging tot bevordering van Christelijke opvoeding en onderwijs van blinde kinderen en jongelieden.

Sedert de oprichting van genoemde Vereeniging op 14 October 1915 werd door mij van haar ontvangen:

van Mej. F. v. d. Werf: gecoU. te Workum f42.50, te Dokkum f 62.50, te Groningen f iio, te Sneek f98, tezamen f313;

van Mej. S. du Puy de Monthan te Aalsmeer, gecoU. op de Zondagsschool f 3;

van N. N. door Mej. A. R. Goslinga te Schiedam f I;

van contributie's per post door mij geïnd f 106, totaal f423.

Welk bedrag door mij is afgedragen aan den penningmeester der nieuwe vereeniging, den heer J. Dienske, te Maassluis.

Ik verzoek allen, die deze Vereeniging willen begunftigen met gift of contributie, hunne gaven niet meer aan mij, maar aan genoemden heer te willen zenden.

Met vriendelijke aanbeveling. De Penningmeester van tEfathai,

W. L. B. DEN BLAAUWEN.

Den Haag, Maart 1916.

Antonie Duykstraat 49.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 maart 1916

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Ingezonden.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 maart 1916

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's