Financiën.
Voor 14 dagen is Mej. Verbeek aan het optellen geweest om te zien hoever ze nog van het cijfer van het vorig jaar verwijderd was. Zij heeft medegedeeld dat er nog slechts vijftig gulden aan ontbrak en dat zij er op rekende dat deze som nog wel bijeengebracht zal ! worden.
De gedachte kwam toen bij mij op of I ik dat ook niet eens zou doen en eens j nagaan hoe het in deze met mij stond.
Ik heb er evenwel geen gevolg aan gegeven, want zonder een oog in mijn kasboek te slaan kan ik op mijn vingers wel narekenen dat ik nog ver van het cijfer van verleden jaar verwijderd ben. Ja, ik kan wel zeggen dat, om een vergelijking te maken, evenals generaal Joiïre, de opperbevelhebber der Pranschen, nog miglen ver van zijn doel, Berlijn, is verwijderd en weinig kans heeft, dat hij daar vóór 1 December zijn triomf antelij ken intocht houdt, evenzeer ben ik nog mijlen ver van het eindcigfer van het vorig jaar en heb evenzeer bitter weinig hoop dat ik voor 1 December op dat hoogtepunt zal zijn gekomen.
Misschien verwondert dat u en zegt ge: Maar hoe heb ik het nu, penningmeester. Ge hebt toch iedere week zooveel ontvangen dat wij er soms verbaasd over waren. Hebben wij ons daar niet telkens over verheugd? En gaat ge ons nu zoo iets vertellen? Hoe kom je zoo zwartgallig? Kijk je niet door een te donker gekleurde bril? Of ben je soms van morgen met het verkeerde been uit bed gestapt? Hoe is het nu?
Hoor eens, hoe het komt weet ik niet. Misschien wel omdat ik vandaag maar één postwissel heb te verantwoorden. Maar de gedachte aan het eindcijfer van dit jaar stemt mij niet opgewekt. Het zit 'm niet zoozeer in de gewone ontvangsten; daar heb ik niet over te klagen; die zijn vast niet minder dan het vorig jaar. Maar het zit 'm in de buitengewone ontvangstöa of met andere woorden, dan begrijpt ge me misschien beter: aan redenen om de dikke letters te gebruiken. Daar, nu weet je het
Het vorig jaar herinner ik mij dat ik een gift van f 2000 kon boeken voor het Studiefonds en f 1000 voor het Leerstoelfonds, benevens eenige malen f 100. En dit jaar is daar, behalve een paar collecten die de f 100 te boven gingen, niets van te vinden. Om zoo te zeggen staan de dikke letters te verroesten in de zetkast bij den drukker. En als ik daar nu niets van ontvang, dan zou ik dit jaar voor het eerst sedert de oprichting van de Fondsen moeten mededeelen dat het eindcijfer minder is dan het jaar te voren.
Dat hindert nu minder voor mij, hoewel het mij wel hindert, maar wij hebben nog zooveel noodig. Niet alleen voor het Leerstoelfonds om tot een eindresultaat te komen, maar ook voor het Studiefonds. Wij zullen nu weldra voor dit laatste aan het uitgeven gaan, maar, och lieve tijd I daar kan zoo onnoemelijk veel bij gebruikt worden, dat als wij niet voorzichtig zijn, we zoo op den bodem van de kist kijken. En als ge dan eens nagaat hoeveel gemeenten er naar een gereformeerd predikant zitten te hunkeren, dan is het toch erg jammer dat wij niet royaler kunnen zijn met onze toelagen. En dan vraag ik: is ons Gereformeerd Hervormd publiek zoo misdeeld met aardsche goederen dat zij niet één keer een flinke som voor dit doel kunnen geven?
Maar 't is waar, laat ik stil zijn en afwachten, 't Is nog twee maanden en daar kan nog veel in gebeuren. Misschien ben ik weer te bezorgd; mgn oude kwaal; ' mogelijk komt het nog terecht.
Mijn eenigste ooilammetje voor deze week kwam uit
Harderwijk van R. Migchelsen f 5, 50, zijnde de inhoud van busje No. 163.
Waarvoor hartelijk dank.
J. C. FLIEHE, Penningmeester.
Arnhem, G. A. v. Nispenstraat 18.
Postz., Capsules, Zilverpapier.
Gelukkig is er, dank zij de hulp van den penningmeester, reeds een begin gemaakt om de nog ontbrekende f 50 vóór 1 December te verkrijgen, en waar een begin is, is ook een eind, zoodat wij vol hoop zijn onze wenschen vervuld te krijgen.
Ik ontving uit ' utrecht van Mej. de Bie een postpakket met van alles en nog wat, benevens een extra gift van f5, en uit
Benthuizen van Mej. Spies een pakket met zilverpapier, capsules, enz. enz.
Nu, vele handen maken licht werk. Als allen goed meehelpen dan komen wij er wel.
Mej. H. H. VERBEEK,
Van Hoornbeekstraat 27, Den Haag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 september 1916
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 september 1916
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's