De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij.

4 minuten leestijd

De vervroegde inlijving.

Om de verdere aflossing van de g^ mobiliseerde militairen, die seden 1 Augustus '14 voortdurend onder df wapenen zijn, mogelijk te maken, heef de Minister van Oorlog een voorstel b{ de Staten-Generaal ingediend, waarbj bepaald wordt, dat de lichting 1918 reed' voor een gedeelte op 10 Juli a.s. zi worden opgeroepen.

De beteekenis van dit voorstel is, ds dat zij die in gewone omstandighedei anders in, Januari of October 1918, naai mate zij tot de voorjaarsploeg of najaan ploeg behoorden, zouden opkomen, than belangrijk vroeger bij het leger ? ulle: worden ingedeeld.

Op zichzelf genomen kan er geen be zwaar bestaan 'om ' hen die jonger ii jaren zijn en voor het overgroote ge deelte in het economisch leVen kunnei gemist worden, voor de inlijving te late: voorgaan aan hen, die tot landstorn klassen van ouderen leeftijd behooren

Toch is er een gevaar, en wel ee; gevaar van niet geringe beteekenis, ds aan de vervroegde indeeling verbonden ii

Dit gevaar ligt in het op jeugdige leeftijd dan naar de regelen van d' militiewet het geval is, oproepen de miliciens.

Reeds is het tijdstip van opkoms onder de wapenen der miliciens in & Militiewet bij ons zoo vroeg gesteld al maar eenigzins de leeftijd het toelaat Maar vervroegt men die opkomst dei mate als de regeering in haar ontweif voorstelt, dan is het gevaar verre vai denkbeeldig, dat, zoo niet goede vooi zorgen genomen worden, aan het gees telijk en godsdienstig leven dier jongt lieden groote schade worde toegebrachi

Zg komen toch in eene omgeving va' groote verleiding; men denke slecht aan de wijze, waarop in het leger dü wijls ontspanning voor de militairen g( zocht wordt, een ontspanning welke nit zelden voor het zedelijk leven gevare: oplevert. Men heeft slechts te wijzen o; de ruwe taal, welke zoo telkens gehoor wordt, op het vloeken, op het ontheilig*: van den Zondag en op zooveel meer.

En worden deze militairen van jeuj digen leeftijd na een kort verblijf onde de wapenen bg de troepen te velde af de grenzen ingedeeld, dan voegen IÏ(' bij de gevaren, die wij hierboven noeU den, nog weer anderen.

Nu zou met de vroege inlijving noi vrede kunnen genomen worden, , wftf het dat kon gewezen worden op den erni van de militaire autoriteit om al he

verkeerde tegen te gaan en de militairen te beschermen tegen de gevaren, welke hen omringen. , .

Maar helaas valt van dien ernst wemig te'bespeuren. De jeugdige militairen worden niet verdedigd tegen de nood­

lottige invloeden van hunne omgeving. Men heeft zich slechts tè hermneren, wat er terecht is gekomen van de order welke de Minister van Oorlog destgds rS tegen het vloeken. De order werd lel uitgevaardigd m^r er werd met op [toegezien, dat naar den mhoud gehanv d j u G n

deld werd, , 0. - i-T-T Ten behoeve van de ontwikkehng en (ontspanning der militairen worden de honderd-duizenden uit 'sRgks kas belschikbaar gesteld, maar de mihtaire tehuizen, waarin gelukkig door velen noe een toevlucht tegen de verleiding I gezocht wordt, met een karige subsidie v A T o k G a

* Aan ^^een neutrale Soldatencourant I worden groote bedragen ten koste gelegd, 9 I doch daadwerkelijke hulp aan een chns-c I telük blad als de Nederlandsehe Krijgsman wordt geweigerd, zelfs verklaart de d 1 Minister van Oorlog zich met bereid om W i aan de Christelijke lectuur zijne moreele B 'steun te verleenen. , , , , , s

Is het te verwonderen, dat onder zulke ' omstandigheden vele ouders met groote vreeze den dag tegemoet zien, waarop hunne kinderen in de gelederen zullen intreden ? s t

Niet genoeg kan er daarom op aangedrongen worden, dat de Minister van Oorlog bij de behandeling van zgn voorstel in de Kamer verklaart dat hij zich op een ander standpunt zal stellen en waarborg geeft van een alleszins voldoende behartiging der geestelijke en godsdienstige belangen der militairen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 januari 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 januari 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's