De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het kerkelijk leven.

9 minuten leestijd

Nieuwe Paden.

Wat we nog nooit gedaan hebben, doen we nu. We nemen hier een artikel over, dat we vonden in de N. Rott. Ct. van Vrgdag 16 Febr. jl. (avondblad).

We nemen dat stuk niet over omdat we elk woord onderschrijven." Maar omdat het een eigenaardigen kgk geeft op 't geen ook onder Vrijzinnig-Hervormden gevoeld wordt. Men erkent hier, dat het voor de Vrg zinnig-Hervormden 't best zal zgn, om de Herv. Kerk prgs te geven en met geestverwanten in een kleiner kerkgenootschap saam te gaan wonen.

't Kan z'n nut hebben dit stuk eens rustig te lezen. We laten het hier in z'n geheel, zonder verdere commentaar, volgen.

't Artikel, dat getiteld is Nieuwe Paden luidt aldus:

, Week-en maandbladen van vrgzinnigen hebben den laatsten tgd nog al eens iets te lezen gegeven over de vraag, hoe de betrekkelijke impopulariteit der vrijzinnige richting te verklaren moge zijn. En men trekt vergelijkingen met het „succes" van orthodoxie en Katholicisme, Mag men echter de vrijzinnige richting wel dien maatstaf aanleggen ? Neen. Al dadelgk: zij zoekt geen succes. Uit de geschiedenis van aUe tg den kan men genoegzaam de twijfelachtige waarde van succes leeren kennen. Succes beteekent, althans voor de meesten, gunst ibg de menigte, voUe kerken, enz. De i vraag is, of zij ooit in de kerken tot jVoUe krachtsontplooing zal komen. Zooals de toestand nu is, zeker niet. Het samenwonen in één kerkverband met de orthodoxie, van welke richting ook, verlamt haar kracht; zij wordt door dat onnatuurlijke verband gedreven in de richting van kerkelijke politiek, en haar ïwijgende berusting in den doopsdwang in de Herv. Kerk toont, waarheen dat leidt; lij wordt door dat onnatuurlqke verband gedwongen zich bezig te houden met allerlei kwesties, waarin eigenlijk niet één vrijzinnig m^nsch het minste belangstelt; zij wordt Hoor dat onnatuurlijke verband — risum teneaüs — ge-\ noodzaakt samen te werken met lieden, die haar aanhangers anti-christ, ongodist, godloochenaar en wat dies meer zij noemen, in hun vergaderingen en ook wel van hun kansels Dat onnatuurlijke samengaan in één kerkverband ontneemt aan verscheiden vrijzinnige voorgangers heel wat van hun ambitie maar ook aan^ heel wat menschen den lust zich met het godsdienstige leven te bemoeien. Met opzet zeg ik: het godsdienstige Ie en, omdat op de meeste plaatsen het gods dienstige leven «am^nvalt met het kerkelnke. Wanneer men met de menschen •preekt over hun onverschilligheid voor het godsdienstig-kerkelnke leven, dan bespeurt men menigmaal wrevel tegen alle kerkelijke leven, , omdat het zoo oneerlijk en onnatuurlijk is. Wie zich aansluit bij een gemeente, weet bijna zeker, dat hij zal worden medegesleept in onverkwikkelijke kerkelijke ruzies; die kans wordt grooter in dezelfde verhouding als zqn belangstelling klimt. Wanneer de tijd zal zijn gekomen dat de vrijzinnigen, UP verdeeld over de verschiUende kerkgenootschappen en vaak op kruidenierachtige wijze met elkaar coucurreerend, elkat.der hebben gevonden in een nieuwe, en dan logische groepeering, zullen zij tot blijder en krachtiger leven zijn gekomen. Dan is tegelijk een einde gemaakt aan den toch eigenlijk ergerlijken toestand, dat in verscheiden plaatsen een handjevol vrijzinnigen met hulp van een groot aantal absoluut onverschilligen het heft in handen heeft in een gemeente, waar de groote meerderheid der belangstellenden niet van hen wil weten Ook dat hindert velen, , en daarom schuwen zij de kerk, dat wil zooveel zeggen als den godsdienst.

De vrijzinnigen zullen zich moeten wennen aan de gedachte de kerk te verlaten. Dat wil natuurlijk niet zegsjen, dat zg morgen er uit zouden moeten gaan; dat zou onverantwoordelijk zijn Maar het denkbeeld dat nu waarschijn-Igk velen hebben, dat ze ten koste van alles zich moeten handhaven in hun kerkgenootschap, moet worden losgelaten. Gebeurt dat, dan zal — en dat is eigenlijk nog nooit geschied — ernstig worden gezocht naar een geschikte oplossing van allerlei moeielykheden. Zou uit zulk streven niet heel wat meer zelfvertrouwen en gevoel van eigenwaarde spreken, dan uit het gewurm om toch maar te blijven waar men is, als 't dan moet, dan maar met steun van confessioneele of meer gematigde orthodoxen^, die hun steun natuurlijk niet zonder tègendienst geven ?

Hiertegen worden bezwaren ingebracht. Ze zijn bekend: We mogen de kerk niet prijsgeven We mogen het volk niet overgeven aan de orthodoxie. De richtingen kunnen zooveel van elkaar leeren. De weeshuizen, diakonieën enz.!

Aan dat laatste bezwaar is misschien nog de meeste waarde toe te kennen, hoewel er orthodoxen gevonden worden, die niet zouden aarzelen bij een scheiding een schikking, betreffende de geldelijke zqde, te maken. Maar al was dat niet zoo, mag dat de hinderpaal zijn, waarop alles zou stuiten ? Wanneer wij zien, hoe b v. de afdeeling Schiedam van den Protestantenhond haaT armen-en ziekenverzorging heeft weten in te richten, mag men dan zeggen, dat zulks elders ook niet zou gaan? Het zal ook elders gaan, als er maar geloof is.

En die andere bezwaren . . - Heeft de vrijzinnige richiing niet feitelijk al wat kerk is prijsgegeven? Wat kan voor haar een kerk ooit anders zijn dan een administreerend lichaam? Waarschijnlijk beteekent die uitroep hetzelfde als deze andere: We mogen het volk niet overgeven aan de orthodoxie. Kan men dat werkelijk meenen? Die vrees zou gerechtvaardigd zijn, als de vrijzinnige richting het volk bezat; maar haar klacht is juist, - dat ze dat niet doet. Of die klacht gerechtvaardigd is, mag worden betwijfeld; wij komen daarop straks "terug.

En dan: de richtingen kunnen zooveel van elkander leeren Wie zal dat tegen-i spreken? Maar is daartoe noodig, dat die richtingen in één kerk zijn ? Bij de Remonstranten en Doopsgezinden vindt men, in 't algemeen gesproken, vrijzin-i nigen en orthodoxen niet naast elkaar, | Staan nu bij Remonstranten en Doops-' gezinden predikanten en gemeenteleden zooveel meer buiten den invloed van wat er aan vroomheid by de orthodoxie wordt gevonden dan zulks bij Hervormden en Lutherschen het geval is? Om te weten, wat er van waarde bij de orthodoxen leeft, is toch waarlqk niet noodig, dat men voortdurend met hen kibbelt en kribt in vergaderingen van kerkeraden' en andere colleges. Het vermoeden ligt \ veeleer voor de hand, dat wanneer men | niet met hen bshoeft te kibbelen en te kribben, men veel gemakkelijker tot j waardeering zal komen. Zal menigeen jniet veel vrijer tegenover de vroomheid der orthodoxie komen te staan, wanneer |hij, verlost van den onzaligen strijd tegen orthodoxen in eenzelfde gemeenschap, niet meer met heele en halve orthodoxen behoeft te strijden om de macht, maar al zijn krachten kan gebruiken om wat er in eigen beginsel ligt opgesloten zuiverder door te denken en te laten werken op heel het geestelijke leven?

Is er bij vrijdnnigen niet een tekort aan zelfvertrouwen? Zelfvertrouwen kan slechts gevonden worden bij hen, die, al stonden ze alleen, den moed hebben te zeggen: en toch I Waarom zal men de menigte isoeken en, dat doende, het gevaar loopen haar in 't gevlei te komen ? Er is slechts één macht, die op den duur op de menigte invloed oefent, of deze 't weet en wil, of niet. Dat is de macht der waarheid Wie verzekerd is haar aan zijn zijde te hebben, wankelt niet.

De «vraag is echter, geUik wij opmerkten, of de vrijzinnige gedachte g en succes heeft. Uiterlijk succes niet zoo heel veel. Maar dat kan geen verwondering baren. Vergeleken bij het Katholicisme en de orthodoxie is zij nog zoo jong. En ze heeft nog alle kwalen der jonkheid. Zij is nog aan het pokken en mazelen. Ze staat nog niet vast op de beenen; ze waggelt nog zoo'n* beetje. En dat lokt niet altijd tot vertrouwen. Om ona te bepalen bij ons vaderland: eerst had men modernen, toen kwamen mal contenten, die bijna spoorloos zijn verdwenen, vervolgens vrijzinnigen, daarna algèmeenvr'zinnigen en nu is op een der Zuid-Hollandsche eilanden het nieuwste soort ontstaan: de ongerijmd-vrijzinriigen of de vrijzinnig-ongerijmden. (Een nieuw gegeven voor de onderzoekers der provinciale vroomheid).

Voorts vindt men onder al die soorten Barchemieten en allegoristen, zoodat er een voor zoo jonge richting reeds eerbiedwaardig aantal onder-richtingen en schakeeringen is. Daarnaast vindt men weer een andere groepeering: er zijn clericaal-vrijzinnigen, die de vraag naar het kerkgenootschap de voornaamste, die naar de richting minder belangrijk achten; er zijn gematigde clericaal-vrqiinnigen, die de vraag naar richting wel de eerste achten, maar, in theorie altijd, in de praktijk niet altijd, de vrijzinnigen in het eigen kerkgenootschap toch een graadje dierbaarder achten dan die daarbuiten; er zijn vrijzinnigen, die absoluut niet weteuy wat het kenmerkende onderscheid, is tusschen vrijzinnige Hervormden, vrij-j zinnige Lutherschen, Remonstranten, Protestauteubonders enz., en toch ieder in zijn eigen hokje wiTlen stoppen, waarbij i hun voorgangers de gelukkige inconsequentie begaan, te preeken in kerken waartoe ze , niet behooren", ook in afdeelingen van den Bond, ja zelfs in de Vrije Gemeente. Een wonderlijk mengsel op het eerste gezicht, en die onder elkaar ook wel eens een beetje onvriendelijk doen, maar toch, op luttele uitzondering na, weer getrouw bij elkaar komen op de jaarlijksche parade: de Vergadering van Moderne Theologen, al zegt een enkele tot zijn buurman: gij hoort hier eigen-Iqk niet; ja, al zegt een der aanwezigen soms van zichzelf: ik hpor hier eigenlijk niet; — en toch allemaal blij, dat ze er zijn en er elkaar weer zien. Wanneer dus maar de groote lijnen worden vastgehouden, zal die eenheid van geest wel aan den dag komen en ook voor de buitenstaanders meer vertrouwen en houvast geven. ]

Maar, gelijk gesegd, de vraag naar uiterlijk succes, meetbaar in getallen, is niet de vraag, waarop het aankomt. Prof. Oort heeft er eenigen tijd geleden in de Hervorming reeds op gewezen, en het behoeft dus niet te worden herhaald, hoe de invloed van den vrijzinnigen geest zich op schier elk gebied des lee-ens toont. En daarop' komt het toch eigenlijk maar aan. Indien het Christendom in de eerste plaats een kerkelijke macht is en dus naar den bloei der kerkgenootschappen de kracht des Christendoms moet worden • gemeten, dan kan, in vergelijking met de R-K. Kerk en de orthodoxie, de vrij-1 zinnigheid zich wel in een hoekje op-: bergen ; maar. indien het Christendom, ; behalve de vernieuwing van het persoonlijke leven, ook brengen naoet een hervorming en verheffing van het gemeenschapsleven, welke beide bereikbaar zijn buiten eenige kerk, dan is voor een richting, die in kerkelijke kringen op het oogenblik weinig instemming vindt, geen reden om eigen waarde en kracht te wantrouwen. En als de oude wegen haar worden afgesneden, dan zal zij getroost en vroolijk hebben te zoeken naar nieuwe paden."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 februari 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 februari 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's