De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Getuigenis der gezamenlijke Protestansche Kerken in Nedet land uitgaande tot Overheden en Volken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Getuigenis der gezamenlijke Protestansche Kerken in Nedet land uitgaande tot Overheden en Volken

5 minuten leestijd

Getuigenis der gezamenlijke Protestansche Kerken in Nedet land uitgaande tot Overheden en Volleen.

Aan al de Protestantsche Kerken verzocht op Zondag 7 October j 1. in de godsdienstoefening voorlezing te doen van onderstaand „Getuigenis." ln de meeste Kerken zal, tenzij bizondere omstandigheden het hebben verhinderd wel aan dit verzoek zijn voldaan. Waar het „Getuigenis" eenstemmig is opgesteld zal het ook wel eenstemmig zijn aanvaard. Het luidt als volgt: .

„Onder den diepen indruk van al feller woedenden krijg, die de wereld tot één slagveld dreigt te maken, hebben de Protestantsche Kerken in Nederland zich vereenigd om tegen de voortzetting daarvan een ernstig en dringend getuigenis te doen hooren.

Wetende, dat de tallooze uitingen, die reeds afzonderlijk uit het midden der Christenheid daartoe zijn opgegaan, tot heden door het oorlogsrumoer werden overstemd, verwachten zij, eenparig optredende en uiting gevende aan de stem der christelijke consciëntie, eerder te zullen worden gehoord.

Zij vertrouwen daarbij, dat ook de zusterkerken in de andere neutrale delen, ja zelfs die der oorlogvoerende natiën, overtuigd van den ernst en de waarheid van dit getuigenis, zich hierbij zullen aansluiten.

Wij beginnen vóór alles met de erkenning van eigen schuld en spreken het uit, dat de zonden der volkeren, ook de onze zijn.

Met name belijden wij — al heeft hel aan de prediking der gerechtigheid en liefde onder ons niet ontbroken — in de duidelijke aanwijzing van het kwaad niet genoeg getrouw te zijn geweest. Zelve waren wij te dikwijls betrokken in een strijd om stoffelijke, althans weinig geestelijke belangen, onder elkander en ieder in eigen kring, waarbij meermalen wapenen en middelen werden gebruikt, die voor God niet konden bestaan. Ook waar wij opkwamen voor het recht en de eere Gods ouder de menschen deden wij dit niet zelden op éen wijze, die met dat verheven doel niet in overeenstemming was.

Dit alles in verootmoediging beladende, smeeken wij om Gods Genade tot vergeving onzer zonden.

Wg zouden echter vreezen onze ontrouw te vermeerderen, als wij nalieten gezamenlijk tegen de ontzettende gebeurtenissen van dezen tijd de stem te verheffen.

Daarom voelen wij ons geroepen in den naam des Heeren te vermanen, dat aan het ruw geweld, hetwelk Europa met een volslagen ondergang bedreigft een einde worde gemaakt.

Op de ontzaglijke schade, die over de volken een diepgaande verarming brengt, willen wij hier niet te grooten nadruk leggen.

Anders is het met het verlies van millioenen kostbare menschenlevens, dat al somberder stemt en algemeene verslagenheid wekt.

Ernstiger nog is de ontwrichting van de zedelijke grondslagen van het leven der volkeren. De zekerheid en het vertrouwen, die daarvoor onmisbaar zijn wankelen; orde en regel worden aan de kant gezet en het gevolg daarvan, een onderste boven keeren van staat en maatschappij zal niet kunnen uitblijven.

Maar bovenal wijzen we op de aanzienlijke schade, welke allerwege wordt aangericht.

Het recht Gods, dat naast erkenning van Zijne hoogheid de eerbiediging eischt van het recht der volken onderling, der groote en der kleine, wordt vertreden.

Schande wordt gebracht over den naam van Christus, die niet wil, dat er vijandschap en haat, maar verzoening en dienende liefde onder de menschen wonen.

Ër is geen juiste mededeeling meer, maar verberging der feiten; niet de waarheid, maar de'schijnvoorstelling beheerscht de gedachten en oordeelvellingen.

Men zoekt steun in de verheerlijking van het eigen en de verachting van het andere volk, zonder ' eenige ruimte te laten voor onderlinge waardering.

Over en weer wordt Gods wraak over de tegenpartij ingeroepen, alsof men zelf zonder zonde was en ondoordacht wordt de leuze opgenomen: geen vrede zonder overwinning; een gedachte, die met den geest des Evangelies van Jezus Christus ten eenenmale in strijd is.

Zoo worden de gewetens verkracht. Onberekenbare schade aan den ChristeIijken geest dreigt bij toeneming het gevolg te worden van de voortzetting van den oorlog; de geestelijke goederen, waarover de Kerken moeten waken, gaan verloren en het werk der Zending, de heilige roeping der Christen-natiën tegenover de wereld, wordt met onvruchtbaarheid geslagen. Welken indruk toch moeten de niet-christelijke volken, voor een deel mede in den oorlog betrokken, ontvangen van een Evangelie, dat zij door zijn eigen belijders zien te schande gemaakt?

De Kerken kunnen onder dit alles niet langer zwijgen. Zij mogen geen oogenblik de gedachte toelaten, dat op grond van welke overweging ook voortzetting van den krijg gewettigd zou zijn, maar achten het veeleer den plicht der natiën met alle kracht te streven naar een vrede door overleg,

Hoe zou overwinningsroem kunnen wegnemen al het leed, de smart en ellende, waarin de volken al dieper worden gestort?

Welke overwinningsbuit zou kunnen opwegen tegen den blij venden wrok en sméulenden haat, die bij overwonnenen worden gewekt?

Daarom richt zich de dringende bede der kerken tot regeeringen en volken om eindelijk tot bezinning te komen en zich de hooge roeping bewust te worden, waartoe God de Christen-natiën heeft gesteld.

Bij de ootmoedige erkenning, de verdere voortzetting van die taak te hebben verbeurd, zij de innige bede, dat Hij nog genadig moge zijn.

Voor wie naar Zijn woord luisteren wil, is het niet twijfelachtig, wat te doen staat; want voor volken en personen geldt de eisch: Zoo wie den naam van Christus noemt, sta af van ongerechtigheid. Daarom roepen wij in Zijnen Naam terug van de macht der wapenen tot de erkenning en toepassing van het recht. Dan zal de vrede, waarnaar het vurig verlangen uitgaat, niet op kunstmatige wijze beh6even te worden gezocht, maar zekerlijk gevonden worden. '

De Protestantsehe Kerken in Nederland:

De Nederlandsche Hervormde Kerk.

De Gereformeerde Kerken.

De Doopsgezinde Sociëteit.

Het Evangelisch Lutersch Kerk-[genootschap.

De Christelijke Gereformeerde Kerk.

De Remonstrantsche Broederschap,

De Unie van Baptisten Gemeenten.

De Bond van Vrije Christelijke Gemeenten in Nederland.

Het Hersteld Evang. Luthersch Kerkgenootschap.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 oktober 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Getuigenis der gezamenlijke Protestansche Kerken in Nedet land uitgaande tot Overheden en Volken

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 oktober 1917

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's