Psalm CXXI.
Psalm CXXI.
Ik richt naar de bergen verlangend de blikken. Van waar mij de hulpe genaakt? Mijn hulpe is van God, Die haar mij wil beschikken, Die hemel en aard heeft gemaakt. De Heer' zal voor wanklen uw voeten [bewaren. Die immer uw gangen bespiedt. Hij, Isrels Bewaarder in nood en gevaren, wie sluimer' of slape, Hij niet.
Een Pelgrimslied.
De Heere, uw Bewaarder, de Heere aan [uw rechte ten schutte en ter schaduw, bewaar' des daags u voor 't steken der zon, en, amechte, des nachts voor het maanschijn-gevaar.
Voor al wat u hinder', voor al wat u dere beware u de goedheid van God; uw uitgang en ingang beware de Heere; gezegend zij eeuwig uw lot!
H. 1917
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1917
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1917
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's