De Hervorming herdacht.
HOOFDSTUK III,
De godsdienstige en kerkelijke toestanden vóór de Hervorming.
(Vervolg)
Na Petrus Waldus noemen we hier den naam van John Wiclif.
Honderd vijf en zestig jaren nadat in de Roomsche Kerk op het vierde Lateraanconcilie (1215) het dogma der transsubstantiatie (de wezenlijke verandering van het brood en den wijn van het Avondmaal in het vleesch en bloed van Jezus) was aangenomen en vastgesteld verhief in Engeland bovengenoemde John Wiclif met kracht zijn stem daartegen.
Student te Oxford verwierf Wiclif in 1364 den titel van doctor in de godgeleerdheid.
Al spoedig kwam hij in conflict met de kerk en den Paus naar aanleiding van het heffen van een kerkelijke belasting in Engeland, Waarbij Wiclif den Engelschen koning steunde en aanspoorde om deze belasting niet te betalen, omdat ook naar zijn meening de paus over de Engelsche kerk volstrekt geen opperheerschappij had. Zoo won hij de volksgunst en de sympathie van het hof; wat hem ten goede kwam toen de paus vele uitspraken uit zijn boek over het wereldlijk bezit van den paus en de kerk veroordeelde.
Wiclif had met diep medelijden de onkunde van het volk leeren kennen en met ijver begon hij zelf het Evangelie te prediken en stelde ook reizende predikanten aan die twee aan twee 't land door trokken, om het Evangelie in de taal des volks te verkondigen. Na volhardend werken kon Wiclif aan zijn volk een bijbel in de Engelsche taal voorleggen. En de Schrift van het begin tot het einde goed gelezen hebbende, zag bij, dat er véél meer gebreken in de kerk waren, dan hg ooit te voren bespeurd had en hij schroomde niet om daarvan te spreken en daartegen te getuigen.
Het wereldlijk bezit van den paus en van de kerk veroordeelde hij als in strijd met de Schrift, De vereering der beelden en der reliquiën noemde hij dwaasheid, Den aflaat, de mis, de biecht, onderwierp hg aan scherpe critiek. Het kloosterleven noemde hij een leven tegen Gods wil in en in strijd met de gelijkenis van het zuurdeeg.
De grootste van alle dwalingen was naar zijn meening de leer der wezeiisverandering (transsubstantiatie) d. w, z. de leer, dat het brood en de wgn bij het Avondmaal veranderden in het lichaam en bloed van Jesus Christus.
Hij keurde ook af al de waardigheden en ambten in de kerk, waarvan de bijbel in 't geheel niet sprak. De Apostelen kenden alleen maar herders en leeraars, ouderlingen en diakenen. Waarom moesten er dan pausen, bisschoppen en zoovele andere kerkelijke waardigheidsbekleeders zijn ?
De hoogeschool, waaraan Wiclif onderwijs gaf, veroordeelde en verstiet hem, omdat hij zooveel durfde schrijven en zeggen; en een Synode te Londen, in 1382 gehouden, verklaarde hem voor ketter.
Wel hield het hof hem de hand boven 't hoofd enp)ewerkte dat hij niet gedood werd, maar hij werd toch kerkelijk gevonnisd en moest zich terugtrekken in de eenzaamheid. Hg ging weder naar Lutterworth, alwaar hij als priester zijn werk begonnen was.
Door den paus gedaagd om binnen 60 dagen te Rome te komen en zich te verantwoorden over zijn ketterijen, is dat niet geschied, daar de Heere hem op Oudejaarsdag van het jaar 1.384, door een beroerte, plotseling wegnam uit het leven. Zonder doodstrijd ging deze getrouwe getuige over in de ruste die hier boven is voor het volk van God, Maar het zaad door hem uitgestrooid zou dertig, zestig en ha^erdvoudige vrucht dragen op Gods tijd.
De vijanden vonden het jammer dat Wiclif juist gestorven was. Dat misgunden ze hem eigenlijk. En op wraak zinnend, verbrandde men eerst de geschriften van den ketter; . daarna gaf de paus bevel, om het gebeente van den godzaligen man op te graven en te verbranden, waarbij de asch werd uitgestrooid over de rivier.
Zoo meende men de nagedachtenis van den gestorven getuige geheel uit te wisschen en te doen vergaan, maar daarin heeft men zich vergist, want wat Wiclif had geleerd is gebleven en de vrucht ts geweest dat honderden en duizenden beter hebben leeren zien in welken weg van dwaling en zonde de Roomsche Kerk gevallen was; waartoe niet weinig ook Wiclif's volgelingen de Lollhardm, die overal rondgingen (arme priesters, en later ook gewone gemeenteleden) om de evangelische leer te verkondigen, hebben bijgedragen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 november 1917
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 november 1917
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's