Ingezorden.
Hooggeachte Collega!
Het is mij niet mogelijk Uwe bewering onweersproken te laten als zou de Synode nooit hebben verklaard, dat de Ned. Herv, Kerk voor zéér uiteenloopende geestesrichtingen plaats laat. Zij heeft de bekende woordvoerders en voormannen der verschillende richtingen officieel uitgenoodigd om hunne gevoelens te vertolken op de „Groote Vergadering", door haar zelve zoo officieel mogelijk bijeengeroepen. Na van hunne uitingen te hebben kennis genomen, die 't zij materieel als bij dr, Niemeyer, 't zij principieel als van ds. de Buck, zéér sterk indruischte tegen Art. 11 A. E, , heeft zij geenerlei tuchtmaatregel genomen, zelfs geenerlei critiek daarop geoefend. Waarmede zij de facto — gelijk het in de practijk reeds geworden was — dat , fundamenteele Artikel" onzer erkelijke wet tot eene doode letter heeft verkaard.
Hoe onderscheidene sprekers het aandorsten dit notoire feit te loochenen is mij ten eenenmale een raadsel. Ik herinner mij trouwens heel goed, dat de President ds. Leeumans en dr. Kromsigt met deze zonderlinge loochening hebben volstaan zonder haar met eenige bewijsvoering te staven.
Dat de Moderne Richting niet aan het woord kwam ligt niet aan de Synotie. Ter goeder trouw was zij van meening, dat dr. Niemeyer de vertegenwoordiger van deze Richting was.
Ik zou U willen uitnoodigen het bestaan der Richtingen als ervaringsfeit aan te nemen en daarop voort te bouwen tot verbetering onzer Kerk.
OUD-KARSPEL - G. DE LEEUW.
Wij hebben hier met dezelfde kwestie te doen welke zoo dikwijls aan de orde is geweest: onze Kerkelijke Reglementen en onze Synode zeggen, dat de Herv. Kerk i niet een vereeniging van elk wat wils is. en ook nooit dat worden mag — waarbij de praktijk van het Kerkelijk leven met dit beginsel spot.
- Ook op de Groote Vergadering is er gezegd, officieel gezegd, na het zingen van Ps. 65:1 en 2 en het lezen vau Johannes 17 : „ Deze samenkomst is een eigenaardige vergadering, zooals er in de geschiedenis onzer Kerk geen tweede is aan te wijzen, waarbij wij geen oogenblik wenschen te vergeten, dat de aanwezigen voorgangers en mede-opzieners zijn in eene Kerk, die gebouwd is op het fundament der Apostelen en Profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste hoeksteen".
De predikant-redenaars waren dus mannen die den beroepsbrief geteekend hel»ben „zich in leer en leven te richten naar Gods Heilig Woord".
Die beloofd hebben in het midden der Herv. Kerk het Evangelie van Jezus Christus te verkondigen.
En zulke mannen, die het Evangelie van Jezus Christus hebben te verkondigen, naar Gods Heilig Woord, voortbouwende op het fundament der Apostelen en Profeten, waarvan Jezus Christus de uiterste hoeksteen is — zijn uitgenoodigd te spreken op een Groote Vergadering, die was saamgeroepen „naar aanleiding van de ontevredenheid, die in onze Kerk is met den gang van zaken, welke zich openbaarde in tal van voorstellen enz." (zie voor een en ander het gedrukt verslag blz. 1 en 2).
Van officieel erkennen van bepaalde richtingen dus geen sprake,
Men wist, dat er velerlei strooming is ; dat er velerlei verwarring is; dat er velerlei ontevredenheid is.
En dat wetende kwam men saam om onderscheidene sprekers kort en duidelijk hun gevoelens omtrent enkele dingen, die bizonder aan de orde zijn, te laten zeggen in een vergadering „die geen besluiten kan nemen, waarin geen voorstellen worden in ontvangst genomen; eene vergadering, die tot niets raeer dient, maar ook tot niets minder, dan tot bespreking, tot vrije gedachtenwisseling over onderwerpen, die het Godsdienstig en het Kerkelijk leven" raken, opdat „het doel bereikt moge worden, dat geleid heeft tot het voorstel om eene by eenkomst als deze te houden, waarbij niet verwacht werd, dat door haar de oplossing verkregen zou worden van allerlei kwesties, maar wel gehoopt, dat de leden der Kerk, die haar leven medeleven, en in onderwerpen als thans besproken zullen worden, belang stellen, elkander beter zullen leeren begrijpen en menig misverstand zal kunnen worden uit den weg geruimd" (zie blz. 2).
Wat was dus de positie der dingen ?
De Synode weet wat de grondslag der Kerk is.
De Synode weet, dat er verschilletid op dien grondslag gebouwd wordt.
De Synode weet, dat dit velerlei verwarring en ontevredenheid geeft.
De Synode heeft daarom, verklarende wat de grondslag der Kerk is en blijven moet (^dat mocht geen oogenblik vergeten worden'') verschillende woordvoerders over de meest brandende kwesties laten spreken, omdat de Synode van oordeel was, dat misschien onder haar leiding, tusschen de partijen onderling betere verhoudingen zouden kunnen komen of anders deze partijen, overtuigd van de groote tegenstrijdigheid zouden besluiten uit elkaar te gaan, opdat de Herv. Kerk zou kimnen worden opgebouwd op haar eigen fundament naar Gods Heilig Woord.
Wij zijn niet van oordeel dat de Synode na Donderdag 16 April 1914 aanstonds er op in had moeten vliegen, om uitspraak te doen en beslissing te nemen in deze zoo moeilijke kwestie. Daar was de Vergadering niet voor bijeengeroepen. De partijen zelf, die ook naar het oordeel der Synode niet bij elkaar hooren en niet - bij elkaar kunnen blijven, hadden mede door hetgeen op de Groote Vergadering méér duidelijk is geworden, eerlijk overleg moeten gaan plegen en eerlijk saam moeten verklaren, dat er aan het schandelijk gemodder en onwaarachtig geschipper een einde moest worden gemaakt. Om dan ook werkelijk in de practijk te bevorderen, dat de Herv. Kerk worde opgebouwd op haar aloude fundament, naar uitwijzen van Gods Heilig Woord.
Zeker! er is nu een verscheidenheid van richtingen en partijen. Daar is inderdaad leervrijheid.Maar tegen het beschreven recht in.Tegen de duidelijkste verklaringen van de Synode zelve ingaande.En dat is niet in orde. Niet eerlijk.En als we daar met onderling overleg niet een einde aan maken, zal er ten slotte een beslissing moeten vallen.
Een beslissing welke alleen rechtvaardig zal zijn, als de Herv. Kerk weer in werkelijkheid en in alles wordt, de Kerk, gebouwd op het fundament der Apostelen en Profeten, waar het Evangelie van Jezus Christus wordt verkondigd naar Gods Heilig Woord, met openbaring dus Van het Kerkelijk karakter naar de lijnen getrokken in onze aloude Kerkelijke belijdenisschriften.
Zou in deze de eerlijkste weg niet 't meest zijn aan te bevelen?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 januari 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 januari 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's