Financiën
Zoo, zoo! dat is vandaag gauw klaar met mijn postwisseltjes. Ik tel er maar drie. Dat is nog al een verschil met de voorafgaande weken. Ik zal echter geen poging doen, waarde lezer, om uw medelijden op te wekken, in de vaste overtuiging dat dit absoluut'moeite te vergeefs zou zijn. Die penningmeester zou iedere week wel reuzensommen willen ontvangen, hoor ik u al zeggen, maar we zullen wel oppassen dat we hem niet verwennen. Hij moet het ook maar eens een keer met een beetje doen. Wij moeten ons ook wel met weinig behelpen; dat moet hij nu ook maar eens voelen, al is het maar voor één keer.
Nu, ik gevoel het wel, en kan ook juist niet zeggen dat het een aangenaam gevoel is. Ik hoop dan ook niet dat u mij lang in dezen toestand zult laten. Dat hoop ik niet alleen voor mij, maar ook voor uzelf. Ja zeker, voor uzelf! Want ge moet wel bedenken, dat al wat ge mij onthoudt, dat onthoudt ge aan uzelf, en wat ge mij geeft, dat geeft ge eigenlijk aan uzelf. Ik zal geen moeite doen om het u te verklaren. Als ge even aadefikt, dan begrijpt gë dat direct. Ik zal u liever nog wat anders vertellen.
Ik heb voor mij liggen een groote stapel van vele honderden kwitanties. Dat is een karwei geweest om die geschreven te krijgen. Maar goed, ze zijn klaar. En nu komt het juist van pas dat ik het niet zoo druk heb, want morgen is het 1 Mei en dan wordt het tijd om ze in zee te zenden, ü begrqpt natuurlijk wel wat dat voor kwitanties zijn, die u eerstdaags zullen gepresenteerd worden. Ik hoop van harte er geen enkele terug ta^zien. Als het er nu mee gaat als het wrig jaar, dan ben ik best tevreden.
Op de jaarvergadering kon ik ten minste tot mqn blijdschap mededeelen, dat op een heel enkele uitzondering na, alle leden hun contributie betaald hadden. Niettegenstaande de moeilijke omstandigheden waarin velen verkeerden, en 4? oeveel er ook was waar niet meer aan gedaan kon worden, de contributie toor den Bond moest er zijn. En dit geeft mij ook moed voor dit jaar.
Schenke Hij, die ons nog zooveeigeeft boven hetgeen wij verdienen, ons een hart om niet karig te zijn waar het de verbiteiding van Zijn Waarheid betreft. En nu zullen we het drietal eens bezien. Ze zlju uit:
Leerbroek, afgezonden door den heer G. van Gent, ouderling, f 10, 70, zijnde de opbrengst van de gezamenlijke busjes.
Vemendaal door ds. M. Jongebreur f 2, 50 voor het Studiefonds, gecollecteerd in de kerk.
Mastenbroek door ds, S. Ronner f 7, 50 voor het Studiefonds uit de catechisatiebus.
Hartelijk dank voor deze gaven.
Moge de Heere er Zijn zegen niet aan onthouden.
J. C. FKIEHE, Penningmeester.
Arnhem, Pels Rijckeustraat 28.
Postz., Capsules, ZUveippapier.
Deze week ontving ik van :
Ie Mej. Bakkeren te Delft een "pakket postzegels, capsules en zilverpapier;
2e Jan Voskamp te Rijswijk postzegels, capsules en zilverpapier;
3e Mej. H. B. te Huizen, postzegels, capsules en zilverpapier;
4e de heer Van Baarsel te Naaldwijk postzegels en capsules.
Vriendelijk dank voor deze zendingen, waarvoor zich steeds houdt aanbevolen
Mej. .H. H. VERBEEK,
Francois Maelsonstraat 29, Den Haag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 mei 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's