Financien
Juist was mijn opgave den vorige week verzonden toen ik het bericht ontving van de aankomst van een aangeteekenden brief uit Utrecht. Zooals begrijpelgk is, wachtte ik niet lang om die te halen. Groot was de verrassing toen deze bleek te bevatten een bedrag van Twee honderd Gulden, met het navolgende schrijven;
, Weledele Heer,
, . Hierbij doe ik u toekomen f 200 — .een dankoffer" te bestemmen de helft voor het Studie-en de helft voor het Leerstoelfonds, Met hoogachting.
Uw dw, dn., N.N.
De toezending van deze som waarvoor onzen hartelijken dank, was mij ditmaal bijzonder welkom, niet alleen dat hier door blijkt dat er onder onze vrienden nog zijn die, als er reden is om te danken, dit ook op tastbare wijze willen toonen, terwgl er genoeg zijn die misschien wel erg dankbaar zgn, maar geen behoefte gevoelen die dank op de een andere wgze te betalen. Maar toch is er nog meer waarom dit groote bedrag mg verblijdt.
Laat ik mijn oog eens gaan over de cijfers van mijn kasboek en ik zoek dan bij de ingekomen giften naar bedragen van meer dan twee cijfers vóór de komma dan is dat in den laatsten tqd, laatste jaren, mag ik wel zeggen een witte raaf als men er een ziet. Daarentegen ontmoet ik wel op dien onderzoekingstocht de bedragen van drie cijfers vóór de komma van . onze bekende - onbekende Gebr. H. Hieruit blijkt, dat men het zenden van groote bedragen vrigwel aan deze milde gevers overlaat. Dit is iets dat niet zoo behoort, dat mag niet zoo blijven.
Daarom was mij de toezending van deze 200 gulden zoo welkom omdat ik hoop dat velen die misschien wel geen 1000 of 2 of 3 duizend gulden kunnen geven, maar die toch wel reden hebben tot dank, door bijzondere zegeningen van stoffelijken of van anderen aard, hierdoor aangespoord zullen worden om nu o«k eens iets meer dan gewoon voor dit doel af te zonderen.
Vooral, neem mij niet kwalijk dat ik het maar eerlqk zeg zooals ik het meen, vooral voor de heeren Gebrs. H., die ons zoo herhaalde malen zeo rijkelijk bedachten, is het niet aardig dat men ze in het zenden van groote bedragen zoo alleen laat staan. Zeer zeker zouden zij er een aanmoediging in vinden om hun toezendingen niet te verminderen, wanneer ook anderen, die hiertoe financieel in staat waren, ook eens toonden wat los te kunnen laten voor de dingen die hun liefde en belangstelling bezitten.
Het is nu nog 3 maanden vóór 1 December. De datum van afsluiting van het boekjaar. Om eenigermate met een behoorlijk cijfer te kunnen eindigen moet er nog heel wat gebeuren. Ik hoop daarom dat de gave van onze Utrechtsche vriend of vriendin nu aanleiding mag wezen om allen die „dankbaar" behooren te wezen vanwege den bevoorrechten toestand, waarin zij onverdiend boven anderen verkeeren, dien dank nullen uiten met het zenden aan mg' van een aangeteekenden brief waarin een naar die toestand evenredig bedrag. Onze fondsen, ik heb het 14 daag geleden hoop ik nog eens duidelijk gemaakt, hebben die versterking meer dan noodig. Wij dalen thans van deze hooge bergen, die ons zulke prachtige vergezichten openden, af en kemen weer op den vlakken weg waar wq ook nog wel dingen ontmoeten die waard zijn opgemerkt te worden en vinden dan allereerst uit
Utrecht van den heer J. D. v. Galen, christelijk onderwgaer, f 2, 50, weder verzameld door de kinderen zijner klas voor het Studiefonds.
Kampen, afgezonden door ds. C. B. Holland namens den kerkeraad f 22, 67, zqnde de helft eener Collecte gehouden in de Ned. Herv. Kerk.
Eefde bij Zutphen door den heer Nijland f 2, 50 voor het Leerstoelfonds. Hazerzwoude van mej. O. Binnendijk f II als laatste opbrengst van het door haar met zoo gunstig gevolg gehouden busje no. 112. In een schrqven berichttfi zij dat zg door verandering van woonplaats moest ophouden hiermede te werken. Evenwel was zg zoo gelukkig een plaatsvervangster te vinden in mej. B, Ruis,
Wij danken mej. Binnendgk voor al de moeite en zorgen aan ons busje besteed en kopen dat wij van uit haar nieuwe woonplaats ook nog eens iets van haar zullen hooren, dat wg aan de lezers kunnen mededeelen.
Hiermede ben ik aan het eind van mijn mededeelingen en sullen zien wat ons de volgende dagen zullen brengen.
J. C. FLIEHE, Penningmeester.
Arnhem, Pels Rijckenstraat 28.
Poste., Capsules, ZilTerpapler.
De vorige week had ik mgn opgave genoteerd en toen ik den volgenden dag het briefje naar Maassluis wilde zenden, was het nergens meer te vinden. Ik heb et heele huis onderstboven gehaald, maar het kwam niet voor den dag. Dit spijt mg ten zeerste voor de inzenders. Misschien willen zij die nu hun zending niet verantwoord sagen mij hun namen nog wel even per briefkaart melden en verzoek ik tevens beleefd excuus voor dit verzuim.
Ik dank hun evenwel voor de gezonden pakjes, evenals O. N. te Monster, die mij deze week een pakje zond inhoudende postzegels, capsules, zilverpapier en 50 cents en hoop de volgende week weer met een flinke lijst voor den dag te kunnen komen.
Mej. H. H. VERBEEK,
Francois Maelsonstraat 29, Den Haag
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 september 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 september 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's