De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het kerkelijk leven.

12 minuten leestijd

Wonderlijke manier.

Van meer dan éen kant zond men ons van uit Utrecht het eerste no. van het Zondagsblad, 't welk behsort bg de antirevolutionaire Stichtsche Courant. Het Zondagsbladais onder ^ redactie van prof, dr. H. Visscher, met  vaste medewerking van dr. H. W, Smit,  Geref. pred. te Maarsen; dr. M. Wouda herv.  pred. te Utrecht ds AM. Berkhoff, Chr. Geref. pred. te Utrecht; W. Bieshaar, Herv. pred. te Utrecht; ds, G. E, Goudappel, Geref. pred. te Utrecht; ds. E. Zijlstra, Geref. pred. te Delfshaven, e.a. Voor een Zondagsblad, behoorend bg een antirevolutionair dagblad, een soliede redactie. Hervormd, Christelgk-Gereformeerd, broederlgk saêm verbonden om den anti* revolutionairen kring in Utrecht en omstreken te dienen.  Zoo hoort zoo het.  Maar nu  schgnt men in Utrecht zeer verbaasd te zgn geweest over twee dingen.

In het eerste no. is prof. Visscher al begonnen om af te geven op de Waarheidsvriend. Geen gras over laten groeien dacht hg. En in' een afzonderlijk stukje is hg-ook gaan schreven over .Delft en over den voorzitter van den '• Geref. Bond. De eerste de beste gelegenheid moest maar dadelgk worden waargenomen, overlegde Z.H.Gel. .Nu begrijpt men in Utrecht, blijkens schrijven daar vandaan ontvangen, niet  goed, wat de Delftsche kerkelgke gebeuritenissen precies hebben uit te staan met  een opkomen voor de antirevolutionaire 'beginselen m Utrecht en omstreken. En bestaande uit vogels van zoo diverse pluimage, zonder halsbreken uitstapjes kan maken naar kerkelgke kiesvereenigingenin Delft, Dordrecht, Rotterdam, Den Haag, enz. enz. is voor velen een probleem, waarbg men met angst de toekomst tegemoet ziet. Maar dat is het ergate niet.

Want als de eerste stinkbommen boven Delft zgn neergeworpen, zal dat wei minder worden, verwacht men. Doch men zit het meest met een andere zaak.

In het antirevolutionair Zondagsblad is n.L dr. Smit, Geref. pred. te Maarsen, : dadelgk in het eerste nummer begonnen ; met het uittreden van dr. Van Baarsel te beschrijven en zijn overgaan naar de Geref. Kerken te verheerlijken.  in een artikel dat blgkbaar geschreven is alsof het voor de Heraut of voor de Kerkbode van een of andere Geref. Kerk bestemd was. Al het gedoe van die Hervormden in de Herv. Kerk is niets en wordt ook nooit iets. De uittreding van 1886 na te doen is het eenig verstandige - wat een Hervormd mensch kan uithalen En dr. Van Baarsel, een van de beste leerlingen van prof, Visscher — zooals , de Heraut" zoo lief weet te zeggen — wordt geprezen, omdat hg , , de vrij gemaakte en vrg geworden kerken zoekt, ten einde daar het leven te vinden, dat aijn ziel begeert."

Een Luther —zoo staat er ongeveer — is hg gelijk, waar ook hg nu gesproken heeft: , Hier sta ik! Ik kan niet ander» I God helpe mg ! Amen !"

Alleen oordeelt men het niet goed, dat hg alleen gekomen is en niet met de gemeente, of althans met den kerkeraad en een gedeelte van de gemeente.

Ons dunkt: ds. Woudstra en ds.Bieshaar zullen wel vreemd opgezien hebben!

En als straks de Chr. Geref. Kerk een v«eg uit de pan krggt, zal ds. Berkhof wel denken: wat ben ik begonnen!"

En als dan straks de Confessioneelen met hun reorganisatie-plannen door prof. Visscher en de mannen van de Modus vivendi met hun boedelscheiding door dr. Woudstra ondsr handen genomen worden, dan kan het wel interessant worden, en we stellen 'ons voor, dat het zéér veel zal bg dragen tot Verdediging van de antirevolutionaire beginselen in Utrecht en omstreken.

Natuurlijk laat ons deze zaak overigens koud.

We hebben uit den aard der zaak niets te maken met den opzet en den inhoud van het Stichtsch Zondagsblad. Maar prof. Visscher heeft ons in dit eerste nummer bg vernieuwing een kijkje gegeven in zgn bedoelen en mede onder Hervormde vlag is nog weer eens de afscheidingen de doleantie verheerlijkt.

IntusBchen vallen de leerlingen van prof. Visscher als bladeren af.

De tgd rijpt het saad dat uitgestrooid is. In don korten tijd na zijn laatste brochure is dit nu de derde van do jonge garde, die de dingen zóó helder is gaan zien, dat doleeren het éen en het él is geworden!

Weinig rooskleurig l

Het moet voor de buitenwereld een wonderlijke aanblik zijn al die verdeeldheid, al dat verbijten en vereten onder degenen die in gelooven en belijden in hoofdzaken één zgn. Wat kon er veel meer gedaan worden indien er meer liefde was onder de. broederen. Maar nu, ook in deze hoogst ernstige tijden, waar straks allerlei ding om oplossing vraagt, loopen degenen die schouder aan schouder moesten staan, tegen elkaar in en voeren om allerlei beuzeling een heftigen strijd. Zóó zelfs, dat degenen die over de verdeeldheid onder de broederen klagen, tegelijk het vuurtje aanwakkeren, opdat de vlammen maar weer eens zullen uitslaan naar alle kant.

Zoo prof. Visscher in het Stichtsche Zondagsblad.

Wg hebben nooit gemerkt, dat hij van de gezangen-kwestie 'n hoofdzaak maakte. We hebben wel gehoord, dat hij ze indertijd zelf liet zingen en we hebben wel eens gehoord, dat hg coll. Troelstra in Utrecht voorstelde een kleinen bundel uit de Gezangen-verzameling te maken, welke uitgelezen bundel dan feitelgk door gereformeerden en confessioneelen zou kunnen worden gebruikt, opdat die ellendige gezangen-kwestie toch zoo weinig mogelijk schade zou doen aan de zoo noodige éénheid onder degenen, die sè.am het zelfde gelooven en belijden.

En wat doet hg nu in het Stichttch Zondagsblad?

Waar in Delft één Ethisch predikant is en drie Gereformeerde predikanten, zonder gezangen, daar is er een zéér groot deel van het belangstellend en meelevend kerkpubliek, dat een predikant met besliste prediking en met een gezang begeert. Deze menschen hebben de gereformeerden, ook in de critieke jaren na pref. Visscher's vertrek steeds trouw geholpen in alles, om tegenover do ethischen en de modernen voor de baarheid op te komen. Toen kouden mannen als ds. Bieshaar, ds. Den Hertog, ds. Bee kenkamp, ds. De Bie enz. beroepen worden, waarvan ds. Beekenkamp het beroep toen heeft aangenomen.

Daarna zgn ds. Benes en schrgver dezes beroepen.

Nu is er een vacature door het vertrek van een ethischen dominé. Drie gereformeerde predikanten zonder gezang zgn er. Geef ons, zoo vragen nu velen, geef ona nu een predikant van beslist beginsel, maar met een gezang.

Men wil dat zelf zoo gaarne en men oordeelt dat 't voor een zeer groot deel van de gemeente, — welke natuurlgk voor een groot deel volstrekt niet „gereformeerd" is, — zéér aan te bevelen is, om alzoo te doen.

Men vraagt niet om een Baaispriester. Men vraagt om mannen als ds. Veldhoen van Alfen, ds. Gravemeijer van Voorburg, ds. Bolkestein van Katwijk enz.

En wat doet nu prof. Visscher?

Indien er onder de Gereformeerden in Delft zgn, die iets hiervoor voelen, dan worden die door prof. Visscher in h«t Stichtsche Zondagsblad aanstonds uitgekreten als verraders van .... de gereformeerden. (Gelukkig zegt prof. Visscher niet — is 't per ongeluk of met opzet ? — dat de«ulken verraders van de gereformeerde waarheid zgn. Hg weet ook wel beter I)

We achten het zeer bedenkelijk zóó te schrijven.

Waarom moet het in onze kringen door middel van een antirev. Zondagsblad ingedragen worden, dat men vooral een dominé toch moet beoordeelen naar het wel of niet laten zingen van een gezang; en dat men in een stad ala Delft niet zou n^ogen en kunnen samenwerken met mannen als bovengenoemd.

Waarom dit vuurtje op deze wgse en langa dien weg aangewakkerd ? Wil men dan overal in de steden in de richting van Dordt werken, waar ieder die niet achter een bepaalde kiesvereeniging en achter een bepaalden dominé aanliep, een verrader van de gereformeerden werd genoemd, met 't succes, dat ieder

die niet in alles aan het keurmerk van een groep menschen voldeed onherroepelijk veroordeeld lag en straks overal uitgesmeten werd, waardoor nu de nlodernen op den troon zitten?

Nu ziet men in Dordt gelukkig! dat men verkeerd heeft gedaan.

Maar nu is het betrekkelijk te laat. En daarom kunnen we niet ernstig genoeg tegen de wgze waarop prof. Visscher deze dingen in het antirevolutionair Stichtsche Zondagsblad behandelt. Waarschuwen. Waarom, zoo vragen we, moeten daze dingen in een blad van gemengde kerkelijke kleur geschreven worden. Waarom dit ellendige vuur daar gestookt ? »

Maar meer nog is onze bedenking tegen de voorstelling, dat een predikant niet anders doen mag dan als een beer op sokkeu, aan de ketting van enkele menschen te loopen. En wel liefst van zulke mensehen dan, die niet verder kijken dan hun neus lang is en zich met niets inlaten dan met, het kleine, bekrompen wereldje, waarin ze dag aan dag ronddraaien.

Prof. Visscher moest zich niet leenen om een groepje menschen, waarvan hg west dat ze o! zoo weinig kerkelijk bewustzijn hebben en o ! zoo ongezond zijn in hun geestelijk leven en o I zoo weinig van de antirevolutionaire beginselen hebben' moeten, een pluim op de hoed te zetten, om tegelijk de scheur tusschen degenen, die in hoofdzaak één zijn in gelooven en belgden grooter te maken.

De tijden zgn te ernstig, dan dat we niet elkander zouden zoeken, om 8è, am, rondom Schrift en Belijdenis, het goede te zoeken voor Sion.

Ach, wat is het nog weinig rooskleurig onder ons!

Jammer, dat ook het Stichtsche Zondagsblad, met z'n gemengde redactie, dat blgkbaar niet voelt en er niet aan mee wil werken, om verbetering in deze aan te brengen.

Waarom staan dan toch eigenlgk dr. Woudstra en prof. Visscher naast elkaar aan de kop van het blad ?

Is het opdat dr. Woudstra voor abonne's zal zorgen, waarna prof. Visscher ze de jas uitkloppen aal ?

Geen Boedelscheiding.

Delft is aan 't bod! Daar heeft prof. Visschsr voor gexorgd. Daar gebeuren ook rare dingen. Men kent Delft met die typische grachten en mooie bruggen. Zoo echt oud-Hollandsch. En wanneer men de onaangename luchtjes van de grachten en het lastig berijden en beklimmen van de bruggen buiten rekening laat, is het idyllisch schoon. Nu kwam er een voorstel in den Raad om enkele grachten te dempen en enkele bruggetjes af te breken. Heel Nederland in beroering. Dr. Jan Veth voorop en prof. V. d. Steur aehteraan.

Wat vandalisme, om van die moois bruggetjes een paardenstal te bouwen en die idyllische grachten vol te gooien met zand I En gelukkig is het niet gebeurd nog. Er is 'n commissie benoemd om het vraagstuk van tram-en verkeerswegen te bestudeeren, liefst dan sparend de grachten en zonder bruggen te sloopen.

We dachten hierbij aan het kerkelijk vraagstuk.

Van zekere zijde wordt elk ander plan veroordeeld. Er is, zoo zegt men dan, maar één oplossing van het kerkelijk probleem. A Ie bestaande richtingen — ook die, welke onder belofte in alles naar Gods Heilig Woord te zullen spreken en met betuiging van instemming van geest en hoofdzaak der belijdenis, nochtans den Christus der Schriften loochenen en de verzoenende kracht van Zgn bloed ontkennen — hebben gelijke historische en zedelijke rechten in de Herv. Kerk. Ze zgn niet alleen toegelaten en hebben alzoo historische rechten. Maar ze hebben ook sedelyke rechten. Gelijk recht voor allen — beweert men.

En omdat alle richtingen gelijke rechten hebben en deze verschillende richtingen niet bg elkaar kunnen blgvsn op den duur, moeten zs uit dhaar gaan; ieder een eigen kant uit, ieder in eigen kring dan.

Of dat niet moeilgk is ?

Ja, natuurlijk! Net zoo moeilgk ala de grachten in Dalft vol te gooien met zand en de bruggen af te breken. Maar dan heeft men toch ten slotte breede ver­ keerswegen en men kan er nog een paardenstal van bouwen!

Zoo met het kerkelijk vraagstuk, belangende onze Herv. Kerk.

Elke richting zet men afzonderlgk, in een afzonderlgk hokje met een afzonderlijk etiketje er op geplakt. Niet alleen de richtingen, die in hoofdzaken verschillen, maar ook die elkaar om oorzake van niets zeggende dingen de haren uitplukken. (Een «gereformeerde" en een , confessioneel" vooral niet bg elkaar!) En als zoo de scheiding voorloopig is aangebracht, zóó, dat men vooral geen gemeenschap mét, elkaar kan hebben, dan xospt men den Notaris. Dan wordt de balans van den inboedel opgemaakt. Het wordt teruggebracht tot een waarde in geld. De goederen — kerken, gestichten, fondsen, gelden — worden pondspondsgewijze verdeeld on de zaak is in orde 1 Het kerkelijk vraagstuk is opgelost. Men heeft dan scheiding, ruimte — en men kan dan bouwen, een ieder voor eigen rekening.

Waar dan de Kerk gebleven is, de Herv. Kerk, de Gereformeerde Kerk van ouds door 's Eeeren hand in dezen lande geplant ?

Och — daar moet men zich niet al te bezorgd over lAaken. Wie maakt zich nu nog dik over zulke futiele dingen? ....

We kunnen het begrgpen, dat mannen als dr. Veth en prof. v. d. Steur zoo ongeveer uit hun vel springen, als ze van het vandalisme van enkele Delftenaren hooren.

Maar is 't ook niet te verstaan, dat er nog menschen zijn, die van de zedelijke rechten van allerlei richting in de Herv. Kerk niet willen weten en zich bezorgd maken bg de plannen van boedelscheiding?

Zou men de aloude Herv. Kerk dan maar rustig met houweel en sloopershamer mogen gaan bewerken, om van haar materiaal een aantal kerken te bouwen van tegenstrgdige richting, die onder het nageslacht elk voor zich zou den optreden niet de pretentie de voort zetting te zijn van wat eens de glorie van ons Vaderland was?

Laat er een algemeen protest opgaan tegen zulke ruwe plannen om onse Herv. Kerk te gronde te richten en laat men liever elkander zoeken rondom Schrift en belijdenis, om de vervallene muren weer op te bouwen en te herstellen op de aloude, hechte grondslagen.

Gelukkig dat in deze tijden, waarin zooveel dat van hoogen ouderdom is en van groote waardij, ruw verbrand en stukge-Bchoten is, ook nog menschen zgn, die voelen voor restaureeren, vernieuwen en opbouwen. Zooals b.v. ook Jesaja dat wilde, naar luid van Jesaja 58 : 12, waar we lezen: En die uit u voortkomen zullen bouwen de oude verwoeste plaatsen; de fundamenten van geslacht tot geslacht verwoest, zult gg oprichten; en gij zult genaamd worden: ie de bressen toemuurt die de paden weder opmaakt om te be wonen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 oktober 1918

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 oktober 1918

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's