Ingezonden.
Geaehte Bsdactie,
Het bericht, dat met den nieuwen jaargang de inhoud van de Waarheidavriend verrijkt zal worden, heb ik met blijdschap gelezen. Thans zie ik de vervulling dezer belofte met belangstelling tegemoet,
In verband hiermede zou ik echter gaarne een opmerking willen maken. Evenals in andere bladen vind ik ook in uw blad zoo zelden óf nooit een artikel gewgd aan dat deel van den kerkelijken arbeid, dat in de voorbij gegane jaren meer dan stiefmoederlijk behandeld is; ik bedoel het werk der diaconie. Zou het niet mogelgk zijn, dat bij de voorgenomen verrijking van inhoud ook aan dit onderwerp gedacht werd en dat zoo nu en dan, al was het maar ééns per maand, eenige voorlichting op dit terrein gegeven werd?
Het zal u bekend zijn, hoe eenige jaren geleden voor dit deel van den kerkelijken arbeid nieuwe belangstelling geboren is. De oude sleur, waarin men verzonken was, werd verbroken en een frissche geest begon te Waaien over het erf van de diaconale armenzorg. Tal van vragen kwamen op. De noodzaak om dit werk meer en meer te verheffen en te doen beantwoorden aan zijn verheven doel, om het in overeenstemming te brengen ook met de eischen van den tegenwoordigen tijd, werd door velen gevoeld. Diaconale conferenties ontstonden om de verschillende vragen onder de oogen te zien en elkander te steunen in dezen arbeid.
Het schijnt echter of deze dingen aan veel diakenen en Gemeenten (ik zeg niet alle) onopgemerkt zijn voorbijgegaan. Op tal van plaatsen gaat nog alles in de sleur van 50 of 100 jaar geleden. De geest, die heerscht, is bij wijlen even düf als de reuk der oude rekeningboeken, die in de een of andere vochtige archiefkast liggen te schimmelen. Beschuldig mij niet van overdrijving. Ik weet bij ervaring, hoe menig collega vaak zucht bij de aanschouwing van de ongezonde toestanden, die op dit gebied zijn aan te treffen, maar hij staat er machteloos tegenover. Oude gebruiken en gewoonten z^n zoo vast ingeroest, men is zoo afkeerig van alle nieuwe wegen en middelen, dat hij noch bij de Gemeente noch bij de diakenen weerklank vindt voor zgn bezwaren. Het is daarom meer dan noodig, dat over deze dingen eens geschreven en gesproken wordt. Ook uw blad zou daartoe heerlijk kunnen medewerken. Wai& eer de Gemeente zich maar eenmaal met deze dingen bezig houdt, wanneer ze zich maar afvraagt, hoe het niet en hoe het wèl moet zijn, zal het allengskes beter worden.
Naar het mg voorkomt, moet daarbg vooral op het volgende aangestuurd worden.
lo. Bij de Gemeente moet vernieuwde belangstelling worden gewekt voor de diaconale armenzorg. Niet alleen mag gevraagd worden naar een goede preek; maar evenzeer behoort gezorgd te worden, dat de armenzorg in orde is. Het mag toch eigenlijk niet voorkomen, dat de meeste Gemeenteleden niet weten of er veel of weinig arme leden zgn, die ondersteuning behoeven, of de diaconie rijk of arm is, veel of weinig noodig heeft, of de diakenen het vorige jSar f 1000 overgehouden hebben dan wel f 1000 te kort zijn gekomen. Dat bij zulk een onkunde en onversehilligheid voor dezen arbeid, zooals ze toch op tal van plaatsen voorkomt, steeds de traditioneele cent in Ket zakje geworpen wordt, is eigenlijk geen wonder.
2o. Op meer openbaarhéd moet worden aangedrongen. De Gemeente behoort ingelicht te worden over den omvang en den aard van het werk; de moeilijkheden, waarmee de diakenen in dit werk hebben te worstelen, moeten haar onder de oogen worden gebracht; een jaarlgksch verslag van ontvangsten en uitgaven en wat daarmee verband houdt, mag niet ontbreken. In mijn vorige Gemeente was ik gewoon jaarlijks een kort verslag in het Predikbeürtenblad te plaatsen. Met belangstelling werd daarvan door velen in de Gemeente kennis genornen; maar in hoe weinig Gemeenten geschiedt diti En in hoe weinig Gemeenten zou dit kunnen geschieden met instemming der diakenen/ Zeker, éénmaal per jaar ligt de rekening ter inzage. Maar wie komt die inzien? En dan glimlacht menig diaken, als er niemand geweest is: zoo gaat het goedl
3o. Er behoort leiding gegeven te worden aan onze diakenen; ook moet wat meer sociaal gevoel bg hen worden aangekweekt. Thans ontbreekt dat laatste vaak geheel en al. Het volgende ten bewijze. Het is overgenomen uit de Zondagsbode voor Nijmegen en omstreken. Het Classicaal Bestuur vroeg aan een diaken, waarom het Diaconieland toch steeds aan Roomscht hoeren in pacht werd gegeven, terwijl de protestantsche arbeider geen stukje bouwgrond machtig kon worden. Antwoord: „De Roomsche boer betaalt meer; dat gaat mij iaan; om de belangen der protestantsche arbeiders heb ik mg niet te bekommeren, " 't Is alsof het beheeren der diaconiegoederen een zaak is, waarbij het gaat om winst en men vergeet, dat, wat de wereld winst noemt, in de dingen van het koninkrgk Gods vaak als verlies moet worden geboekt. Het genoemde voorbeeld is sterk sprekend, maar tal van dergelijke gevallen zouden bijgebracht kunnen worden om te doen zien, hoe weinig breeden blik onze diakenen vaak hebben op de sociale toestanden en den invloed daarvan op den opbouw der Gemeente. Hier is voorlichting in ruimen kring noodzakelijk.
Natuurlgk zou naast dit drietal punten meer te noemen zijn. Ik stipte deze slechts aan om op enkele wondeplekken te wijzen en het wenschelijke van een populaire behandeling van dit onderwerp aan te dringen. Het gaat hier waarlijk om een zaak van beteekenis. De Naam des Heeren is er in betrokken. Daarom konden de apostelen de murmureering der Griekschen niet koel aan zich laten voorbijgaan, maar hebben voor een goede behartiging dezer zaak zorg gedragen. Laten wg daarom ook acht geven op deze zaak. Het is goed, dat wg gveren voor de verbreiding der waarheid, maar het is bovenal noodig, dat bg elke reformatie de reformatie beginne in eigen kring. En dat op het gebied der armen zorg nog heel wat bg ons te reformeeren valt, zal, dunkt mg, door weinigen kunnen worden ontkend.
In de hoop, dat deze gedachten u, geachte Redactie, aanleiding mogen geven om aan mijne — en veler — wenschen in dezen tegemoet te komen, zeg ik u bij voorbaat hartelg k dank voor de ver leende plaatsruimte.
R. W.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 december 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 december 1918
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's