De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij.

4 minuten leestijd

Op verkeerd spoor.
Gelukkig is ons volk bewaard geworden voor een tweeden stap op het hellend vlak, waartoe het beleid van den Minister van Onderwijs den weg had geopend.

De Kamer weigerde door aanneming van het amendement van den heer Duymaer van Twist (het geschiedde met een meerderheid van twee stemmen) hare goedkeuring te hechten aan een subsidie voor de Nederlandsche Opera.

Had het parlement anders beslist, dan zou naast de ontheiliging van den Dag des Heeren, die het gevolg zal zgn van de aanneming van het voorstel tot subsidiëering van op te richten speelplaatsen ten plattelande, de eerste poging geslaagd zgn om van regeeringswege stenn te verleenen aan het tooneel, de bioscopen, de theaters en éargelijken, waardoor een nog niet te overziene schade aan het zedelijk leven van ons volk zou zgn toegebracht.

Wat de subsidie aan de Nederlandsehe Opera betreft, verdedigde de Minister zijn standpunt—en het is merkwaardig, daarop de aandacht te vestigen — door er op te wijzen: „dat met een christelgke levensbeschouwing niet in strgd kan geacht worden het steunen van de dramatische kunst op de wijze, als dit met het subsidiëeren van de Nederlandsehe Opera wordt beoogd."

Een der hoogste motieven, zoo zeide dr. de Visser, die hem tot het voorstellen van een subsidie dreef, was, dathij juist, als Christen er ten diepste van overtuigd j is, dat het Christendom de ontwikkeling en de vorming wil van den completen mensch. En dan behoort, gelijk hij dit zeide, tot dien completen mensch de ontwikkeling van de ethische, aesthetisehe en religieuse elementen, die in hem zgn.

Aan de aesthetisehe ontwikkeling van den mensch nu, zoo ging hij voort, ontbreekt nog heel wat. Daarom moet vanuit Christelijk standpunt de vraag, of het ideëele en aesthetisehe leven van ons volk niet eischt de bevordering van dramatische en muzikale uitvoering, bevestigend beantwoord worden.

Het voorstel tot subsidiëering van de Nederlandsehe Opera vond, naar het oordeel van den Minister, ten slotte zijn diepsten grond in wat die bewindsman zelf als het belang van het Christendom in het midden van ons volk levendig gevoelde.

Het spreekt vanzelf dat de anti-revolutionaire partg in de Kamer op deze beschouwingen het antwoord niet schuldig bleef.

De heer Duymaer van Twist stelde terecht tegenover de diepste gronden, die dr. de Visser tot het voorstellen van de subsidie brachten, o.m. de uitspraak uit de Heilige Schrift, waar de Apostel Paulus van den mensch Gods zegt: „opdat gij in alles te allen tijde, alle genoegzaamheid hebbende, tot alle goed werk overvloedig moogt zijn"; d. w. z. dat de mensch met al zijn gaven en krachten, tot het doel, waartoe God ze hem gegeven heeft. God moet verheerlijken.

Dit woord uit de Schrift spreekt geheel anders als de verdediging, welke de Minister voor zijn voorstel gaf.

De anti revolutionaire afgevaardigde moest zich met kracht tegen het subsidie verzetten, omdat de ontwikkeling, waarvan dr. de Visser sprak, zoo zij geleid wordt door de banen van opera en schouwburg, niet leidt tot het doel door God gewild, integendeel vierkant daartegen ingaat en niet de eere Gods voor j oogen heeft, maar wel de verheflSng van den mensch.

Jammer, dat bij dit debat van de zijde der Christelgk-Historischen met geen woord de poging gesteund werd om den Minister op het onjuiste en verkeerde van zijn standpunt te wijzen.

, Wat de anti-revolutionairen in de Kamer bedroefde, werd door de vrgzinnigen en de socialisten toegejuicht, ! Men had van die zijden respect voor! den breeden blik van den Minister.

Gelukkig is het gevaar voor het oogenblik afgewend geworden, maar de vrees blgft intusschen bestaan, dat de Minister het volgend jaar met eenzelfde voorstel, misschien zelfs nog uitgebreid, terugkomt. Daarom blijft hier waakzaamheid geboden, opdat een christelgk Minister ons volk niet op een verkeerd spoor brengt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 januari 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 januari 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's