De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Stichtelijke overdenking.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Stichtelijke overdenking.

8 minuten leestijd

Dwaalt niet; God laat zich niet bespotten: ant zoo wat de mensch zaait, dat zal hij ook maaien. Want die in zijn eigen vleesch zaait, zal uit het vleesch verderfenis maaien; maar die in den Geest zaait, zal uit den Geest het eeuwige leven maaien. Gal. 6 : 7, 8.

Zaaiing en Oogst. II.

Daar zal dus tweeërlei eeuwigheidsoogst zijn, verderfenis of eeuwig leven.

En nu zoekt de apostel er ons van te doordringen, dat deze eeuwighexdsoogst niet als een onafwendbaar lot over u zal komen, geheel afgezien van wat gij hier op aarde waart of deedt of dacht, neen, maar veeleer zal deze oogst der eauwigheid in nauw verband staan met het zaaisel dat gij hier in den zaaitijd des levens hebt uitgestrooid en met den akker, waarop gij hebt gezaaid.

Daar zijn er, die zaaien in 't eigen vleesch, op. den akker van het zondig, onherboren en verdorven hart. Op dien akker rijpt geen andere oogst dan eeuwige verderfenis.

't Eigen vleesch staat hier tegenover den Geest, d.i. de Geest des Heeren, als het zondig levensbeginsel van den ouden menech, dat zich stelt tegenover den Geest des Heeren, '

In, 't eigen vleesch zaait wie zich door de tochten en driften en lusten van het booze hart laat voortdrijven op wegen van uitbrekende goddeloosheid, zondig geneugte en misdadig bedrgf; maar hij niet alleen, want al wat niet uit het geloof is, dat is zonde.

In 't eigen vleesch zaait ook wie zich inbeeldt, dat hij zonder waarachtige bekeering des harten vroom en deugdzaam en heilig zal kunnen leven; de eigengerechtige, die den "Medicijnmeester der ziele niet van noode heeft, omdat hij zich niet krank weet, en geen zonden heeft, die den Borg noodzakelijk maken; de naar eigen schatting nobele mensch van onzen tijd, die in de hooge inbeelding en eigendunk zijns harten, geen God noodig heeft, die hem leiden, redden en bewaren zal.

In 't eigen vleesch zaait ook de naamchristen, die de uiterlijke gedaante der godzaligheid vertoont, maar den wortel der zaak mist en in wien Christus geen gestalte heeft verkregen.

Ook de bijna-christen, die soms levendige indrukken ontvangt van eigen onbekwaamheid tot eenig goed, van de noodzakelqkheid der genade en de liefIqkheid van 's Heeren dienst, en zich beijvert zijn weg te richten naar den eisch van Gods wet, maar met dat al vroomheid kweekt tot zelfverheffing en geen zondaar voor God wil worden, geen smeekende boeteling bij Gods genadetroon, en geen toevlucht wil nemen tot Christus' kruis, waar 't bloed der verzoening betere dingen spreekt dan Abel. Altemaal zaaisel uit 't eigen vleesch, met of zonder vromen schgn, uitgestrooid in den ongeploegden akker van't onherboren hart.

En uit dit zaad, op dezen akker rqpt de oogst van 't eeuwig verderfr

En als straks deze onzalige oogst zal worden ingehaald, dan zal de mensch zich niet te beklagen hebben over onrecht of hardheid hem aangedaan, want — en daarop wil ons de apostel met nadruk opmerkzaam maken — hij heeft niet anders gewild; zelf heeft hg 't zaad, dat zulk een oogst opleveren moest, uitgestrooid; want zoo wat de mensch zaait, dat zal hg ook maaien; in zijn eigen vleesch d.w.z. buiten God en Zqnen v Christus om heeft hg gezaaid, wat anders èan verderfenis, de oogst van 't zondige vleesch, zal hij maaien?

De mensch, die verloren gaat, is de grondlegger van zgn eigen rampzaligheid. 

Eeuwig zal zieh kwellend en pgnigend w voor hem stellen elke booze lust, die  hij gekoesterd, elke zondige daad, die hq bedreven en elk ijdel woord, dat hg gesproken heeft, terwgl hem zonder ophouden door zgne eigene daden, woorden en gedachten zal worden toegeroepen: gij hebt niet anders gewild I

In ongetemperde klaarheid en in d eeuwige onherroepelgkheid zal daar voor zijn oog liggen de zelfgekozen zonde-weg, die uitloopen moest op 't eeuwig verderf.

Ziedaar de angstaanjagende, de folterende oogst der eeuwigheid voor 'n iegelijk, die in 't eigen vleesch zaaide en weigerde tot Christus te vluchten.

De worm, die nooit sterft; 't vuur, dat niet uitgebluscht zal worden! De oogst van 't eigen zaad; de vrucht van den eigen akker

Maar, lezer, als de gedachte aan dezen onzaligen oogst van 't eigen zaad u worden mocht als de schrik des Heeren, die uitdrgft tot 't geloof, die beweegt en voortjaagt om te zoeken een anderen weg, een ander leven; en als ook u de vraag in 't harte leeft: is er een middel, waardoor ik deze ontzettende toekomst zou kunnen ontgaan en wederom tot genade komen, o daar is zulk 'n weg, zulk 'n middel; daar is 'n ander zaaien, waaruit ook eenmaal een andere oogst zal rijpen: het zaaien in den Geest, waaruit dè'oogst van het eeuwige leven ml rgpen.

Zaaien in den Geest, n.l. den Geest des Heeren! "Waar vindt ge 't en wat is het?

Ge vindt het bij den mensch, die uit den Geest geboren is; dé, ar waar de vloekwaardigheid van 't eigen vleesch is ontdekt en 't „onbekwaam tot eenig goed en geneigd tot alle kwaad" de bittere slotsom van het zelfonderzoek is geworden; dé, ar, waar de mensch zondaar voor God is geworden, en gezien heeft in den lichtglans van Gods heiligheid dat 't eigen werk een wegwerpelijk kleed is voor God; daar, waar onder 't slaken der tollenaarsbede de toevlucht werd genomen tot het kruis van Christus, waar de noodkreet opging: Heere, help mij, ik verga! ddar, waar de ziele in diepgaand en waarachtig zielsberouw voor God leerde buigen en 't hartgrondig , amen" klonk op het verbrgzelende woord: uit u geen vrucht in der eeuwigheid, terwijl tegelijkertgd werd aangegrepen de genade van dien Heiland, die gezegd heeft: al uwe vrucht is uit Mij geworden, want zonder Mg kunt gg niets doen.

Daar is 't zaaien in den Geest! het leunen en steunen op Christus; het geloovig vertrouwen op Zgn Woord, het leven uit Zgne hand, het putten uit de fontein des levens, - die ontspringt aan den voet va, n Zijn kruis; de diepe en vaste overtuiging, dat 't bedenken des vleesches vijandschap tegen God blgft, en alleen de vruchten des Geeates Gode aangenaam kunnen wezen, als daar zgn liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid e. d.

Het zaaien in den Geest, dat zelf een vrucht is, baart de heerlijkste vrucht: eeuwig leven, de onverwelkelijke, onverderfelijke erfenis.

Zelf is het wuchi, vrucht van het werk van Christus aan het kruis; vrucht van het werk Gods in de ziel.

Leerzaam is dienaangaande het woord van Paulus tot de gemeente van Filippi: Werkt uwszelfs zaligheid met vreeze en beven (dit is het zaaien in den Geest), want 'tis God, die in u werkt het willen en het werken naar Zgn welbehagen. van dit werk Gods in den mensch is het zaaien in den Geest de gezegende vrucht, waaruit op zijn beurt weer rijpt de heerlgke oogst van 't eeuwig leven.

De mensch is dé grondlegger en bewerker van zgn eigen verderfenis; moet daaruit nu afgeleid, dat hg, die zalig  wordt, daarin nu ook heeft te zien de kroon op 't eigen werk ? Volstrekt niet en in geenen deele.

En wel om dese afdoende reden, dat de mensch, aan zichzelf overgelaten, nooit anders kan dan zaaien in 't eigen vleesch.

Christus is de bewerker van uwe zaligheid, omdat het zaaien in den Geest, waaruit deze heerlgke oogst zal rijpen, vrucht is van Zijn werk aan 't kruis • De Trooster, die komt, de Heilige Geest, zal hét uit 't Mijne nemen, en het u verkondigen, sprak de Heiland.

Heerlijke, gezegende, onvolprezen oogst: van het eeuwige leven

Laat ons. Lezer, vollen ernst maken met het woord des Apostels: want wg allen moeten geopenbaard worden voor den rechterstoel van Christus, opdat een iegelijk wegdrage hetgeen door het lichaam geschiedt, naardat hij gedaan heeft, hetzg goed, hetzij kwaad

Kan er dan in het lichaam, in dit leven ook nog goeds geschieden ?

Bqaldien dit mogelgk is, zal 't toch nimmer menschenwerk zgn: wy brengen 't nooit verder dan tot een zaaien in het eigen vleesch.

Hier biedt dit woord uitkomst: ik ben met Christus gekruist en ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij.

Versta dit wèl, lezer, hier moet gezaaid in den Geest, anders, zal nooit 't eeuwige leven gemaaid kunnen worden; want dit is de genadegif te Gods, ja, maar het is ook een oogst; de oogst van 't zaaien in den Geest 1 Dat is dus noodzakelijk, maar alleen mogelijk, wanneer gg in Christus zijt. Hierop komt 't dus ten slotte maar weer aan. Zoo dan, wie in Christus Jezus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, zie, het is alles nieuw geworden.

Laat mg daarop in 't eind nu uwe aandacht mogen richten.

Al wat aan Hem is, is gansch begeerlijk, maar ook ten eenenmale onmisbaar.

Zonder Hem zijt gg verloren.

Zonder Hem zult gg nooit anders kannen maaien als de onzalige oogst der verderfenis.

Die in" den Zoon gelooft, die heeft hei eeuwige leven.

Hoe verkrijgt gg dat van Hem?

Hoe naderden de ellendigen, die Zijn hulpe. behoefden, tot Hem, toen Hij op aarde was ? Zg stamelden: Heere, ontferm U onzer!

Welnu, nóg hoort Hg zulk smeeken, want naar Zgn Godheid, genade, majesteit en Geest wgkt Hg nimmer van ons.

Zgn ontfermend - oor is dicht bg de stamelend-smeekende lippen des zondaars. En zoo Hij vertoeft, verbeid Hem, want Hg komt, Hg komt gewis.

Binde God Zelf u de noodzakelijkheid van Zijnen Christus op 't harte!

Zonder Hem valt in de voren van uw levensakker slechts het zaad der verderfenis; maar zoo gg met Hem vereenigd zijt, dan zal eenmaal ook bg u opbloeien de eeuwige oogst dier zaligheid, die in geen menschenhart ooit opklom, maar die God bereid heeft voor allen, die den Heere Jezus Christus in on verderfelgkheid liefhebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 februari 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Stichtelijke overdenking.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 februari 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's