Staat en Maatschappij.
Voorloopig van de baan.
De verwachting, dat 'de Vrijzinnig-Democratische Bond op zijn jaarvergadering de verklaring uit het conceptbeginsel-program: „de hooge waarde van len godsdienst voor het volksleven worde erkend, " zou aanvaarden, is niet verwezenlgkt geworden.
Na heel wat discussie besloot de vergadering op dit punt met het voorstel Ier commissie van redactie voor een nieuw partg-program niet mede te gaan, maar te trachten een clausule te vinden, welke de verschillende groepen zal kunnen bevredigen.
De voornaamste argumenten van de tegenstanders tegen de opneming der voorgestelde verklaring waren oude bekenden als: godsdienst is een zuiver persoonlgke zaak, welke niet in de politiek huis behoort; godsdienst leidt tot twee-dracht; een verklaring omtrent de waarde van den godsdienst mag niet gevraagd worden, omdat ze door atheïsten niet zou kunnen worden afgelegd enz. enz.
Zelfs de bekende Vrijzinnig-Democraat prof. Kohnstamm, die in verschillende kringen als religieus man optreedt, en die zich vóór eene formuleering van het standpunt van den Vrgzinnig-Democraten Bond ten aanzien van den godsdienst verklaarde, kon.de meerderheid der aanwezigen niet van hun bezwaren terugbrengen, ook al betoogde hij, dat den Bond alle mogelgke godsdienstige stroomingen kunnen zgn vereenigd en de individueele leden als goede democraten hun godsdienstige overtuiging niet aan anderen behooren op te dringen.
De meerderheid der Bondsleden stond blijkbaar aan de zyde van hen, die den godsdienst als zuiver privaate zaak willen beschouwen.
Intusschen hoe dit zg, van eene erkenning dat godsdienst als grondslag voor het staatkundig beginsel van den Bond en dit bleek duidelgk uit de debatten, - zou ook bij het aanvaarden der godsdienst-clausule, toch niets gekomen zijn. Ook hier hier gaat de heer Kohnstamm met de meest fanatieke tegentanders van een belijdend karakter der party mede.
Ten slotte zg er op gewezen, dat met het nader in overweging nemen van de beginselverklaring op het punt van den godsdienst, ook het standpunt, dat de Bond voor den vervolge in zake de verhouding van Kerk en Staat zou innemen, voorloopig van de baan is geraakt. En dit valt te betreuren.
Vooral met het oog op de plannen bij de a.s. Grondwetsherziening om te komen tot losmaking der zilveren koorde, zou het veranderd inzicht van den Vrgzinnig Democratischen Bond gewicht in de schaal hebben gelegd.
Wij hopen en vertrouwen intusschen dat, ook al spreekt het werkprogram van den Bond zich op het oogenblik op het punt van de verhouding van Kerk en Staat niet nader uit, de Vrgzinnig-Democraten toch bereid zullen zijn tot de afrekening van wat aan de Kerken bg de Grondwet is gewaarborgd, mede te werken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 mei 1919
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's