De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ingezonden.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ingezonden.

8 minuten leestijd

Het oude aambeeld.

Geachte, Redactie,

- Veel wordt er gesproken, geschreven en gedaan om de predikantstractementen te verbeteren.

. te verbeteren. Het zg mg vergund, op één middel daartoe te wijzen, dat, voor zoover ik weet, nog niet beproefd is.

Laten de ringvergaderingen deze zaak bespreken, en overeenkomen, dat in hun naam één of meer predikanten bg de kerkvoogden der gemeente, waar 't noodig is, persoonlijk de belangen hunner collega's komen bepleiten.

Circulaires worden vaak voor kennisgeving aangenomen, indien zg al ter tafel worden gebracht.

En feit is het, dat naar het 9, lgemeen gevoelen dergenen, die tot oordeelen bevoegd zijn, een predikant met een huisgezin f 8000, behalve woning en belasting, noodig heeft om matig rond te komen. En hoever zgn de meeste , tractementen daar beneden. Waar men - dat in eigen kring niet bijeen kan . brengen, moet hulp van elders gezocht worden, maar in menige gemeente is dat - bedrag reeds bereikt of kan het zonder veel inspanning verkregen worden. r

We staan op zuiver bij belschen grondslag, als we daarvóór gaan g veren. In 1 Cor-. 9 ; 14 staat: Alzoo beeft ook de Heere geordineerd dengenen, die het Evangelie verkondigen, dat zij van het Evangelie leven. Elders lezen wg, dat de arbeider, d. i. de arbeider in den wijngaard des Heeren zijn loon waardig is (Luk, 10 : 7 en 1 Tim. 5 : 17 en 18. Men sla op 1 Thess. 5 : 12 en 13a en Hebr. 13 : 17 en bedenke ook, hoeveel onder Israël volgens de wet Gods voor de instandhouding van den openbaren eeredienst moest worden opgebracht.

Als men vertelt, dat menig predikant niet alleen nu, maar van het begin zgner bediening af, heeft moeten worstelen met armoede en dat dit alzoo geweest is, zoolang als onze kerk heeft bestaan, dan gelooveu de meeste menschen daar eenvoudig niets van. En"toch is het een onwedersprekelijk en treurig feit.

Nog steeds zijn er duizenden, die vaat overtuigd zijn, dat de predikanten het best hebben, wgl zg in zoo groote huizen wonen, maar zij vergeten, dat buiten de predikanten alleen die menschen zulke kapitale huizen bewonen, welke minstens vijf maal zooveel inkomen hebben als een predikant. Ziij zien voorbg, dat menig knap, werkman meer verdient dan een predikant, zonder genoodzaakt te zijn een groot huis te betrekken.

Zgn niet de tractementen van alle andere gestudeerde personen hoogerdan die der predikanten?

Is niet in menig dorp of stad de predikant de eenige persoon, die verre beneden zijn stand bezoldigd wordt?

Verricht dan een dienaar des goddelijken Woords het minst beteekenende werk van allen?

Doch de predikanten genieten toch vacatuurpenningen, zegt men. Hierop kan geantwoord worden, dat niet in alle ringen vacaturen zijn, dat die penningen veel minder zijn dan men doorgaanB denkt, en dat zg voor de meeste predikanten de eenige onvaste bg verdiensten zijn, welke goed te pas komen voor den kwaden dag.

Maar als de predikant zelf middelen heeft? Dan mag de gemeente haar tractement daarvan niet laten afhangen. Dat geschiedt immers bg geen enkele andere bezoldiging. Het salaris is loon voor volbrachten arbeid,

Hoe spoedig men een predikant rgk noemt, bleek voor een paar jaar, toen een kerkeraad, welks voorganger een gering tractement heeft, in ernst verklaarde hem voor een welgesteld man te houden, wgl hij f2500 had geërfd.

Moet het dan zoover komen, dat een predikant, gelqk gebeurd is, bg de diaconie om bedeeling aanklopt ? Gelukkig had do algemeene verbazing over dat feit deze goede uitwerking, dat 's mans inkomsten behoorlgk op peil werden gebracht.

Men  ziet: daar zgn bergen van onwetendheid en misvatting te verzetten, en veler blinde oogen te openen. En dat kan het doelmatigst geschieden door persoonlgke besprekingen in een vergadering van een kerkbestuur, met predikanten uit den ring of uit de omgeving.

Dat een Evangeliedienaar zwggend zgn leed draagt moge fraai schgnen, maar is in strgd met 1 Tim, 5:8: Dochzoo iemand de zijnen en voornamelgk zgne huisgenooten niet verzorgt, die heeft het geloof verloochend en is erger dan een ongeloovige."

Hoeveel er kan bereikt worden in dezen toonen andere en kleinere kerkgemeenschappen, waarin een bewonderenswaardige offervaardigheid aan den dag gelegd wordt.

Doch ook in onze Hervormde Kerk zgn tal van gemeenten, die op lofwaar-* dige wijze hun predikanten verzorgen en daarbg andere gemeenten met veel meer finantieele draagkracht beschaamd maken.

Maar nög zgn er gemeenten, waar niets of nagenoeg niets is gedaan in deze zaak.

We spreken nu niet eens van pensioenen en verzorging van nagelaten betrekkingen, waarin ook al een enorme achterstand is.

Inderdaad, er ishier gevaar in talmen. De nood dringt.

De bloei, ja het bestaan der Kerk, die ons dierbaar is, staat hierbg op het spel.

Moge Gods verbeurde zegen in ruime mate rusten op al wat op dat gebied verricht is en nog zal worden gedaan!

Met dank voor de plaatsing, Uw abonné,

P. BONGERS.

Kamerik, 27 Mei '19.

Ned. Herv. Kweekschool op Geref. grondslag.

Mijnheer de Redacteur!

Met vreugde las ik dezer dagen het bericht, dat het plan tot stichting eener Herv, Kweekschool op Geref. grondslag vasteren vorm aanneemt. Wat is toch wenschelgker en begeerlijker, dan dat bij de opleiding onzer Chr, Onderwgzers ook onze Geref. beginselen tot grondslag mogen dienen van die opleiding. Wg, ouders, kunnen ook niet anders verlangen, dan dat onze kinderen worden onderwezen naar dezelfde beginselen, die ong lief en dierbaar %%n en die w^

door Gods vrije genade en ontferming mogen belijden. Wat is het heerlijk te weten, dat onze kinderen in gebed, en gezang, bij bijbelsche-, kerk-, zendings-, vad; geschiedenis, natuurk; kortom bij alle onderwijs en opvoeding het waarachtige onzer eigene beginselen mogen gevoelen. Immers dan alleen kan een vader of moeder de taak der opvoeding gerust overdragen aan den onderwijzer. Of deze overeenstemming in beginselen van groot belang is!

Het kind, dat vaak dieper voelt en denkt, dan wq vermoeden, heeft reeds spoedig het verschil gehoord, indien er geen overeenstemming is tusschen het gehoorde in school en dat in huis en bet is er al spoedig bij om te zeggen: „De meester of de juffrouw heeft het zóó verteld." En nu mag het ons toch lang niet onverschillig zijn, hoe de JBijb. gesch. b.v. Kaïn en Abel, Jacob en Ezau, Saul en David, (en voor de kinderen zeer aantrekkelijke) Jozef en De verloren zoon, worden verteld. Men behoeft daarbq niet dogmatisch boven de bevatting der kinderen te gaan, doch geloovende in de uitverkiezing en souvereine, vrije genade Gods, zien we de personen alleen bij dat licht en beelden ze ook zoo in eenvoudige taal den kinderen uit. Onze Qer, beginselen den grondslag vormende, zal het geheele onderwijs er intuitielf van doortrokken zijn.

 Daarom moeten alle Ned. Herv. Geref. ouders dit grootsche, schoone plan van harte toejuichen. Nagaande de oproepingen voor onderwijzer, is zoo telkens te zien, dat er verlangd wordt: „Ned. Herv. van Geref. beginselen."

Hieruit meen ik te mogen afleiden, dat de school in een behoefte zou voorzien, daar er immers nog geen Herv. Kweekschool op Geref. grondslag bestaat.

Laten allen, die kunnen bijdragen tot de verwezenlijking van dit plan, niet blijven toezien, maar zich gedrongen gevoelen, krachtens hun beginsel en roeping, mede te werken. En waaneer dan de commissie de gelegenheid open stelt om uw geldelijken steun te verleenen, help dan naar vermogen, draag steenen aan by dit bouwwerk. Dat het verrijzen moge tot Gods eer eu tot heil onzer kinderen.

Schenke de Heere Zijnen onmisbaren zegen aan het begonnen werk, opdat ook Zijne kracht in onze swakheid worde volbracht.

Raamsdonkveer,

O, STOFFELS.

Nu naar buiten.

. Nu moeten ze naar buiten, de „Vacantie Buiten"-kinderen. Bij honderden en honderden hebben ze zich bij ons aangemeld, de bleekneuzén van onze Christelijke volksscholen. De hoofdenen klasse-onderwijzers zeggen: Ze hebben het zoo noodig. De moeders klagen: 't Is toch zoo noodig. De huisdokters schrijven: buitenlucht dringend noodig. Mag men na zooveel getuigenis nog twijfelen? Wie helpt ons dan, dezen kinderen een verblijf buiten te verschaffen? Wie van onze gegoede medechristenen in de gezonde streken van one land wil zijn huis gastvrij openstellen, om één of meer dezer kleinen te ontvangen ? Een verblijf van zes weken in een gezonde streek beteekent voor hen een kapitaal aan weerstandsvermogen. Wie wil meehelpen, aan deze zwakke kinderen onder Gods zegen versterking van gezondheid te verschaffen ? Het zijn geen lastige kinderen, die wij uitzenden. .Qie blijven onverbiddelijk thuis. De hoofden van scholen eu klasse-onderwijzers staan ons bij de keuze der kinderen trouw ter zijde. Wie op» school zich ongehoorzaam toont, komt voor uitzending niet in aanmerking. Met vrijmoedigheid komen wq dus vragen: Wie heeft er een plaatsje voor één of meer onzer kleinen? Voor zes weken liefst. Dat is het tijdperk, 't welk ook de Centrale Commissie voor Uitzending van Nederlandsehe kinderen naar Buiten aangeeft, met welke Commissie wij samen­ werken. Kan men echter niet zoo lang de kindereu huisvesten, welnu dan wat korter. Van 't meeste belang is het, dal er. zooveel mogelijk kinderen uitgaan. Meer dan zeshonderd wachten op uitzending. De zomermaanden Juni, Juli en Augusius zijn wel 't meest geschikt. De tijd is dus daar. De kindpren zijn daar. Nu nog de gezinnen. Wie wil ons helpen ? Die wende zich tot onzen Secretaris, den heer G. Muys, Ie Hugo de Orootstraat 8, Amsterdam, die verder alle gewensehte inlichtingen verschaft.

Het Bestuur van „Vacantie Buiten", J. TH, R. SCHREUDER, Voorzitter.

H. A. SCHOLTZ, Vice-Voorzitter. G. MUYS, Ie Secretaris.

J. KLOPPER, 2e Secretaris.

J. v. D. SLUIS, Ie Penningmeester.

K. V. D. BERG, 2e Penningmeester.

Dr. W. J. KOLKERT Jr., Algem. Adjunct.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 juni 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Ingezonden.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 juni 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's