De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit het kerkelijk leven.

24 minuten leestijd

In en om de Synode V.

V. De XXIIIste zitting (Maandag 11 Aug.) wordt geopend met het lezen van Ps. 103 en gebed van den Voorzitter. Mededeeling kan nu worden gedaan van een einduitspraak van een Synodus contraeta in de kwestie Hardenberg— Bergentheim. Bergentheim is nu tot een zelfstandige gemeente verklaard.

De Zaterdag j.l. ter tafel gebrachte moties van de classicale vergaderingen van Utrecht en Groningen en het adres van de predikanten van Hoorn, betrekking hebbende op den Volkerenbond, en op de bestrijding van het militarisme worden overgebracht naar dealgemeene synodale commissie.

Volledigheidshalve laten we hier het in de pers gepubliceerde adres van de predikanten van Hoorn volgen; het luidt:

„Van de synode ga uit een krachtige opwekking, eerst tot de gansche Christenheid in Nederland, dus niet alléén de Protest, maar ook de R.-Kath., om, op grond van de Christelgke gedachte dat allen, hoe ook verschillend van denkwijze, toch één gezamenlijke roeping hebben, uiting te geven aan het hartstochtelijk verlangen naar het tot standkomen van een volkerenbond, die een een oorlog tusschen de volkeren meer en meer onmogelijk maken zal. Daarna wende de synode zich mét een adres tot de Christelgke kerken van alle landen, ieder afzonderlijk; opdat uit gansch de Christenheid hetzelfde verlangen opklinke tot de regeeringen van alle landen, met de uitdrukkelijke verzekering, dat het allen ernst is met hun protest tegen al wat militairisme heet en met het verlangen naar een volkerenbond in idealen zin. Het moet aan de overheden blgken, dat het de wil der volkeren is, dat met alle militarisme (en imperialisme) gebroken worde en dat zulk een verbond, niet één, gesloten door eenige diplomaten van enkele landen, maar één van alle volkeren, tot stand kome en dat die wil gegrond is in het getuigenis van het Christelijk voelend geweten."

Afgewacht moet nu worden wat de Synodale Commissie verder in deze doen zal.

In behandeling komt een rapport van den heer Tammens over een voorstel van dr. Slotemaker de Bruine, dat hierop neerkomt, dat de eisch moet vervallen, dat leden van een provinciaal kerkbestuur eerst lid moeten zgn of moeten geweest zgn van het clasaikaal bestuur. Hierdoor zal ruimer keuze komen voor leden van het provinciaal kerkbestuur.

De minderheid der rapporteerende commissie is hiertegen, omdat in dat bestuur mannen noodig zgn, die ervaring hebben opgedaan betreffende de toepassing van de reglementen. Bovendien kan men ruimer keuze bevorderen door bg de keuze van leden der classikale besturen te breken met de gewoonte om dezelfde leden te herkiezen.

De conclussie van de meerderheid der commissie van rapport, om de bepaling, dat leden van het prov. kerkbestuur lid van een classicaal bestuur geweest zgn, te laten vervallen wordt aangenomen met 13 tegen 6 stemmen, zoodat in overeenstemming met den wensch van den voorsteller art. 5 al. 4 aldus wordt gelezen: „Tot leden van het provinciaal kerkbestuur zijn benoembaar predikanten, ouderlingen en oud-ouderlingen".

Een voorstel van den secretaris, om ook emeriti predikanten benoembaar te  verklaren, werd ingetrokken, omdat het door de meerderheid der commissie niet werd overgenomen.

De commissie, bestaande uit de heeren Tammens en Deeleman, tot het stellen van toelichting op het reglement voor het beheer, verklaart zich geheel te vereenigen met de toelichting van ds. Eilerts de Haan in het ontwerp 1914.

Vervolgens komt in behandeling het rapport over de Kieicolleges, in welk rapport 8 voorstellen waren verwerkten 9 conclusies getrokken.

De conclusie van twee leden der commissie om geen veranderingen te brengen in het pas in werking zijnde reglement op de benoemingen wordt eerst breedvoerig besproken. Opgemerkt wordt, dat de bezwaren tegen de kiescolleges in nog grootere mate gelden tegen het overbrengen van de taak dier colleges bg de stemgerechtigden, Verschillende leden zouden de beroeping van predikanten in elk geval door den Kerkeraad willen laten doen.

Ds. Eilerts de Haan zou in gemeenten met één predikant de kiescolleges willen opheffen, maar ze in andere gemeenten laten bestaan, zoolang er geen parochiestelsel is. Hg is ook voor „vertrouwenscommissies" naast den Kerkeraad bg beroeping van predikanten, wijzende op het feit, dat dikwgls zeer bevoegde leden van de gemeente niet in den Kerkeraad zitting hebben — waartegen de president bezwaren heeft.

Ds. A. de Haan wil de rechten der gemeenteleden uitbreiden,

Ds. Franke en anderen voelen hier niet het verschil tusschen plaatsen met 1 en met 2 predikanten.

Nadat alle leden hun gevoelen hebben uitgesproken, wordt met 13 tegen 6 stemmen besloten thans geene veranderingen in het pas in werking gekomen reglement op de benoemingen te brengen.

De eindredactie van het reglement op het beheer wordt vastgesteld, waarbij de president den wensch uitspreekt, dat deze hoogstbelangrgke zaak tot een zegen voor de Kerk moge worden.

Goedgekeurd wordt een door ds. Eilerts de Haan ontworpen schrijven aan de kerkeraden omtrent de belegging van diakonie-gelden.

Het voorstel van ds. Bongers om een onderzoek in te laten stellen naar de tractementsliggers, wordt door dezen niet gehandhaafd, nadat uitdrukkelgk uitgesproken is, dat de kerkelgke besturen ook zonder aanschrijving toezicht op die liggers hebben te houden.

Wg moeten nog mededeelen, dat de Synode voldaan heeft aan een veraoek van de Synode der Evangelisch Luther-^ Bche Kerk om met haar en anderèt kerkgenootschappen in verbinding te treden ten einde bij de regeering aan te dringen op verhooging van de rijkstoelagen. Tot leden der commissie ad hoc zijn benoemd dr. J. R. Slotemaker de Bruine en A. A. Cremer Rz.

Dinsdag 12 Aug. in de 24ste zitting komt het rapport over voorstellen en verzoeken om maatregelen te nemen tot verbetering van predikantstractementen pensioenen in behandeling, waarbij het voornamelgk gaat om het ontwerp-reglement, dat namens den Bond van predikanten, door de heeren dr. de Vriger en ds. Boer bg de Synode is ingediend. 46 classicale vergaderingen en 1100 ringen en predikanten, hebben verzocht het bedoelde ontwerp-reglement in behandeling te nemen.

De commissie erkent ten volle de urgentie van de zaak, maar heeft tal van vragen gesteld, waarvan de voornaamste met de beide voorstellers in een samen-, komst te 's-Gravenhage zgn besproken. Die samenspreking heeft de commissie niet overtuigd, dat er kans bestaat, om zelfs op de basis van het aangeboden ontwerp een concept aan te bieden, waaraan de synode houvast zou hebben.

Vijf leden der commissie stellen daarom voor: „Om vanwege de synode eene co^imissie te benoemen, waarin behalve de ontwerpers zitting zullen hebben leden der synode en een of meer financieele specialiteiten, aan welke commissie wordt opgedragen een ontwerp-reglement op het predikants-tractement en pensioen samen te stellen, waarvan de uitvoerbaarheid en de rechtsgrond vaststaat, en dat aan de synode van 1920 kan worden aangeboden.

Eén lid der commissie van rapport wenscht, behoudens de noodige wgzigingen, voor te stellen het aangeboden reglement voorloopig vast te stellen en de consideratiën der kerk in te winnen. Mocht zijn wensch worden vervuld, dan zou de commissie in haar geheel voorstellen, een 17-tal wgzigingen aan te brengen in het concept.

Bij de bespreking legt dr. Slotemaker de Bruine er allen nadruk op, dat de kerk zeer ernstig het vreeselijk euvel der te lage bezoldigingen moet bestrgden. Set is voor hem een teleurstelling, dat wg een stuk ter tafel hebben, dat van redikanten afkomstig is. Deovergroote 1 eerderheid van kerkvoogdjgen en ker­ mgz eraden moet weten, dat zg hun predianten laten Iqden, In dit verband brengt ^„. pr. hulde aan den heer G. W. Mortier e.a., die met betrekking tot de predikants-d pensioenen het initiatief hebben genomen

Spr. moet zich, bg groote waardeering van het werk der heeren de Vrger en de Boer, aansluiten aan de conclusie van de meerderheid der rapporteerende commissie. Dit concept werpt drie quaesties op : van de zuivere berekening, van den rechtsgrond en de pastorale quaestie. Daarom kan spr. er niet voor zgn, dit concept aan de consideratiën te onderwerpen. Want de classicale vergaderingen kunnen die quaesties niet oplossen. Zg zullen het concept zeer toejuichen, maar zullen de leden dier vergaderingen, zullen de leden der gemeente in hun ziel geen reserve houden, als zg denken aan de wgziging van art, 8 van het reglement op de kosten, dat aldus zal luiden: „De bgdragen der leden bedragen 10 pCt. van hun aanslag in de rijksinkomstenbelasting" ? Die drie groote quaesties big ven dan onopgelost, en het odium der mislukking zal komen op de synode. En dit zou spr. gaarne voorkomen. Laten de leden der cl. vergaderingen echter eens persoonlgk stemmen over de vraag: , ben ik bereid 10 pOt. te geven van mgn inkomstenbelasting? "

Dr. van Veldhuizen bepleit ten zeerste het nemen van maatregelen. De secretaris heeft al in vroegere jaren gepleit voor een minimum-tractement, dat moet komen boven dat der schraalste predikantstractementen. Maar desondanks moeten wg weten wat kan en mag. Gelukkig is de synode bestuur der kerk en zg weet, dat men niet alleen een mooi beginsel mag hebben, maar het ook moet uitwerken en in praktijk brengen.

De vice-president, de heer Zoete, is van oordeel, dat het de kanker in de kerk is, dat sij teert op verkregen goed. Ook hij zou de menschen willen plaatsen voor de vraag : wat heb ik er voor over, omdat zg niet„ geleerd hebben een offer te brengen.

Daarna spraken alle leden hun gevoelen uit. Velen achten een hoof delg ken omslag voor alle leden der kerk, zooals door de heeren de Vrijer en de Boer wordt gewenscht, beslist noodig. De heer A. de Haan is het ééne lid der commissie, dat het concept onmiddellgk de kerk ter overweging wil geven. Maar de meeste leden achten de conclusie der meerderheid geraden.

Vooral de heeren Oremer en Eilerts de Haan hebben de finaDoieele grondslagen van het concept onderzocht en ze ten eenenmale onvoldoende bevonden. Met uitvoerige becijfering, bewijst in het bijzonder de heer Eilerts de Haan, dat de uitgaven veel te gering zgn geschat, en daarentegen de ontvangsten te hoog. Aan een post voor administratiekosten t hebben de samenstellers van het concept niet gedacht, en bg de berekening van de pensioenen ontdekt spr. een enorme misrekening, vooral ook doordien aan die pensioenregeling terugwerkende kracht wordt gegeven. Men wil den hoofdelijken omslag van 10 pOt. heffen van de inkomstenbelasting der leden, maar men vergeet, dat die belasting geheim is en dat zelfs bij benadering niet en kan worden becijferd hoe hoog de t opbrengst zal zijn, terwijl toch tenminste 3 millioen noodig zou wezen. Daarbij komt de vraag: Zal men dien hoofde-Igken omslag betalen? Zoo vraagt spr.; zoo vragen anderen met hem. Voor de bronnen van inkomsten wordt elke rechtsgrond gemist. Ook wordt er zoowel door dezen spreker als door anderen op gewezen, dat een dubbele omslag niet uitvoerbaar zal blijken. Spr. kan zich met het concept niet vereenigen, omdat de grondslag fout is, en de be­ , rekeningen onjuist zgn.

Na de pauze wordt de conclusie van de meerheid der commissie van rapport, eenigszins gewgzigd, aangenomen met algemeene stemmen (op één na).

Verworpen wordt een voorstel van dr. van Veen om reeds nu te besluiten tot het invoeren van een hoof delg ken omslag voor al de leden der kerk.

Aangenomen wordt een voorstel van dr. van der Beke Oallenfels, eenigszins gewgzigd door den president, om aan de synodale commissie te verzoeken een buitengewone vergadering van de synode te willen bijeenroepen, wanneer de commissie ad hoc (welke door het moderamen zal worden aangewezen) haar arbeid tgdig heeft kunnen volbrengen.

Ook wordt aangenomen een voorstel van dr. Slotemaker de Bruine, gesteund door den president, om aan de kerkeraden de beantwoording voor te leggen van deze beide vragen:

1. Zal het mogelijk en wenschelgk zgn, om een hoofdelgken omslag van de leden der kerk te heffen, ten einde uit de opbrengst daarvan de predikants-tractementen in de gansche kerk op peil te brengen?

2. Wat moet, naar het oordeel hunner vergadering, geschieden ter voorziening in den nood, indien ziij van oordeel zou zgn, dat een algemeene hoofdelgke omslag niet mogelgk of niet wenschelgk is?

De antwoorden zullen v66r 1 Januari [ 920 worden ingewacht en aan de commissie ad hoc ter overweging worden gegeven, zonder dat deze er door gebonden sal zgn in haar advies. .

Woensdag 13 Aug._(25ste zitting) is de laatste dag dat de Synode vergadert, Ds. A. de Haan is reeds vertrokken.

In behandeling komt het rapport van den heer Tammens, over een voorstel van dr. Slotemaker de Bruine tot wijziging van art. 5 al. 5 Alg. Rsgl. („de leden der Synode worden gekozen uit de predikanten en ouderlingen of oud-ouderlingen der kerk"). Doel van dit voorstel is, om — zooals met de leden van de prov. kerkbesturen is geschied in de voorloopig aangenomen wgziging van art. 5 al. 4 — de keuze van leden der Synode te verruimen. Terwgl één van de leden der commissie het artikel onveranderd wil laten, wenschen de andere leden het te wijzigen volgens het voorstel. Maar tevens willen zg dan ook in de reeds vroeger aangenomen voorloopige wgziging van art. 56 de woorden zien opgenomen: „uit haar ressort te kiezen".

De eerste conclusie wordt verworpen met 12 tegen 6 stemmen. De tweede conslusie wordt aangenomen met 12 tegen 6 stemmen.

De Synode benoemt tot leden uit haar midden in de commissie voor de predikantstractementen de heeren dr. 6. J. Weyland, president, D. Eilerts de Haan en H. Veenman. In die commissie zullen ook zitting hebben de heeren dr. Vrijer en de Boer, alsmede eenige financieele en juridische specialisten, welke de commissie zelve zal kunnen aanwijzen.

De commissie voor eind-redactie geeft de wijziging van art. 62 Alg. Regl. al. 2, 3e en 4e zinsnede en van de slotbepaling al, 1 (de opheffing van de eindstemming door de leden der prov. kerkbesturen en de vaststelling van wgzigingen in twee der instanties met meerderheid vanstemmendoor de Synode.)

Voorts de eind-redactie van de voorloopig aangenomen wgziging van art. 56, al. 1—4 (de gewijzigde samenstelling van de Synode). Evenzoo van art. 5 al, 4 en van art. 5 al. 5 van het Algemeen Reglement (art. 5 al. 4: „Tot ledenvan het Provinciaal Kerkbestuur zijn benoembaar predikanten, ouderlingen en oud-ouderlingen."

Art. 5 al. 5: „Tot leden van de Synode zijn benoembaar predikanten, ouderÜngen en oud-ouderlingen.")

Besloten wordt ter algemeene kennis te brengen, dat in art. 19 Reglement Vacatures „art. 4" moet worden veranderd in „art. 8" en dat in art. 49 Regl. Vac. in plaats van „artt. 3 en 4" moet worden gelezen „artt. 4 en 5, "De president richt een woord van afscheid tot dr, S. D. van Veen die de vergadering verlaat.

Behandeld wordt een verzoek van de cl. vergadering van Emmen om het godsdienstonderwijs aan een algemeene wet en aan toezicht te onderwerpen.

Met het oog op de as, enquête inzake het G. O. wordt hiertoe niet overgegaan.

Een schrgven van den heer D. Boeke te Schagen om eene commissie te benoemen tot bevordering van gemeentearbeid, wordt op voorstel van den president gesteld in handen van de Synodale Commissie.

Een verzoek van de Ned. organistenvereeniging om verhooging van de salarissen der organisten te bevorderen, zal op voorstel van den president in het Weekblad ter kennisvan de gemee^ten worden gebracht.

Kennis wordt genomen van het verslag van den heer B. Kooyman te Duisburg en van de rekening der Hulpbeurs. Het blgkt dat het aantal leden van de hulpbeurs thans 557 bedraagt. De 5 leden van de commissie van bgstand worden herbenoemd. b i

De vice-president rapporteert over de registers van den secretaris. Sinds 16 Juli jl. zijn ingekomen 96 en uitgegaan 484 stukken. Aan den secretaris wordt dankbetuigd voor zgnen arbeid.

Vervolgens worden nog eenige conceptcirculaires ter tafel gebracht, welke worden goedgekeurd.

Vastgesteld wordt, welk gedeelte van het rapport van ds. Franke over de pensioenregeling der godsdienstonderwgzers in het Weekblad der Herv. Kerk zal worden opgenomen.

De president richt daarna een woord van afscheid aan de leden, die met zoo groote toewijding zooveel arbeid in betrekkelijk zeer korten tgd hebben verricht. Hg herinnert met het oog op dien arbeid aan het woord van een bekend Pransch sehrgver, dat wg moeten vasthouden aan het verleden; het is met het verleden dat de toekomst moet worden opgebouwd. Maar hoe op de toekomst te rekenen, indien onze verwachtingen niet steunen op God,

In 't bgzonder brengt hg dank aan de preadviseurs, aan secretaris en vicepresident. Nadat deze laatste en prof. v. Veldhuizen nog enkele woorden hebben gesproken, en ook de heer Oremer, die ten volgenden jare door een ouderling zal worden vervangen, een afscheidsgroet tot de leden gericht heeft wordt de 104de vergadering der Synode met dankzegging gesloten.

Wij willen ons hier gaarne homogeen erklaren met den Vooreitter en ondertreepen dus ook zqn woorden, dat door eze Synode in weinig dagen veel, héél veel werk — en belangrijk werk — verricht is. 

De agenda's van de eerst komende Olass. Vergaderingen zullen er nu wel anders uitzien dan dit jaar het geval was. Strekke de arbeid onzer Synode tot voordeel van de Kerk, die zoo noodig heeft, dat zg gesterkt worde tot vervulling van haar taak in het midden van ons volk. 

De heer W. H. van Loon, die in de Westfriesche Kerkbode onlangs iets mededeelde omtrent het kerkbezoek en 't kerkelijk levm in de Ned. Herv. Gemeente in de residentie, verstrekt in hetzelfde blad thans eenige gegevens omtrent de andere kerkgenootschappen in Den Haag, n.l. de Luthersche-, Remonstrantsche meenten. en Doopsgezinde.

„Het mag", zegt hij, „wel voldoende bekend heeten, dat 't kerkbezoek in de Evangelisch-Luthersche gemeente in de hofstad meer dan treurig is, 't heengaan van ds. Junod met October e, k. is er helaas wel een bewgs van. Onze Luthersche gemeente telt drie predikanten (thans één vacature Schade van Westrum), waarvan twee modern en één ethischorthodox. Het kerkbezoek nu bij den orthodoxen ds. Zwahler is wel iets beter dan bg diens vrijzinnige collega's, maar is toch ook lang niet bevredigend te noemen. Een goed deel der Luthersche gemeente is orthodox, maar er schuilen onder dat deel confessioneele elementen, die door den ethisch-orthodoxends. Zwahler maar matig kunnen worden gesticht. Mocht in verband met een aanhangig stemrecht-vraagstuk wellicht een rechtzinnig predikant in de komende vacature-Junod worden beroepen, dan is er groote kans, dat ds. Zwahler een confessioneel man naast zich krggt, die hem dan overvleugelen zal.

In de Remonstrantsch Gereformeerde gemeente is 't kerkbezoek ook gering en zoowel bij dr. Sparnaay als bij den joBgsten predikant zijn somwijlen heele vakken open. 

Een uitzondering maakt de Doopsgezinde gemeente in onze stad, alwaar het sohoone kerkje steeds geheel gevuld is, al moet worden opgemerkt, dat 't vriendelgk kerkgebouw niet groot is.

In 't algemeen genomen kan dus worden geconstateerd, dat het kerkbezoek, zoowel bij de Ned. Hervormden als bij de andere kerkgenootschappen in den Haag merkbaar achteruit gaat en alleen confessioneele predikanten en enkele vrijzinnigen als de dss. Wuite en Wannee op een groot gehoor kunnen rekenen".

Kerkvisitatie. IIL* 1

In onderscheidene provinciën werd nu de Kerkvisitatie ingesteld, zooals in Friesland en Groningen, Drenthe en Utrecht. Noord-Holland verzette zich, zoodat daar vóór 1618 geen visitatie is gehouden. 1 1

Dit verzet — trouwens niet alleen bg de Noord-Hollanders voorkomend — kwam ook weer voort uit die zelfde 1 gedachte, dat door de visitatie zoo gemakkelijk een nieuwe macht in de Kerk kon binnemluipen en een vreemd ambt kon worden ingevoerd. Niettegenstaande deze bezwaren ging de invoering door en 1 bepaalde de Dordtsche Synode, 18—'19, in art. 44 der door haar vastgestelde Kerkorde: „Zal ook de Olasse eenige 1 barer Dienaren, ten minste twee van de oudste, ervarenste en geschikste autoriseeren, om in alle Kerken, van de steden zoowel als van het platteland, alle jaar visitatie te doen, en toe te zien, of de P Leeraars, Kerkeraden en Schoolmeesters hun ambt getrouwelgk waarnemen, bij de zuiverheid der leer verblgven, de aangenomen orde in alles onderhouden, en de stichting der Gemeente, mitsgaders der jonge jeugd naar behooren, zooveel hun mogelijk is, met woorden en werken bevorderen, teneinde zg diegenen, die nalatig in het een of ander bevonden worden, intgds broederlgk vermanen en met raad en daad alles tot vrede, opbouwing en 't meeste profijt der Kerken en Scholen helpen dirigeeren. En zal iedere Olasse deze Visitatoren mogen continueeren in hunne bediening, zoolang het haar zal goeddunken, ten ware dat de Visitatoren zelven, om redenen, van de welke de Olasse oordeelen zal, verzochten ontslagen te worden."

Zoo kwam de visitatie langzamerhand overal, alleen het continueeren der Visitatoren werd geen gewoonte.

Niet, dat men nu overal zoo gretig die visitatie ter hand nam. Want uit het midden der Kerken kwam telkens nog weer verzet, ook wel uit de verkeerde overwegingen, dat men im. eigen kriiig zelf wel zou torgen dat alles goed ging, — iets wat volstrekt niet altgd 't geval was en waarbij men verkeerdelijk ook redeneerde, dat het eene lid van het lichaam naast het andere lid staat. Hierin is de gulden middenweg, om eenerzgds indepententisme — het onafhankelijk van elkaar zich beschouwen — en anderzgds het hiërarchische — dat de een boven den ander staat, te vermgden, en hèt presbyteriaal karakter te bewaren!

Op de Synode te Delft, 1721, is het Visitatie-Reglement opgesteld, dat lang in gebruik geweest is (sinds 1730, nadat het door de volgende Synodes was „gg. evideert, gelimiteert en eindelgk gerestaureert.") We laten het hier grootendeels volgen; niet zoozeer omdat het ons een model lijkt voor de komende tijden maar meer om te zien, hoe men op 'het eind der 18de eeuw — niet de bloeitijd van onze Geref. Kerk! — over de Kerk. Visitatie dacht. Het Reglement bestaat uit 3 artikelen, waarvan artikel 2 het langste en het voornaamste is.

Art. I zegt: „Zeer nuttig en noodsakelijk wordt geoordeeld, dat het visiteren der Kerken jaarlgks in yder Kerke van yder plaatse, geen uytgesondeit rum pleno Synedrio worde gedaan, eu sulks wel voor het Classis Ante Synodaal, opdat in het selve van den staat en toestandt der Kerken rapport sou mogen gedaan worden en daarvan bericht aan de O. Synodus gegeven." Art. II, zijnde het eigenlgke Reglement, geeft tal van vragen. Allereerst die te doen zijn aan den vollen Kerkeraad en wel:

1. Of op des Heeren dag voor-en namiddag, wordt gepredikt, vooral des namiddags over de catechisnnus, en die ordentlgk achter den andere vervolgt, en daarna 's avonds ook over den zelven gecatechiseert ?

2. „Of de Predication geschieden na 't voorschrift van Gods Heilig Woord, begrepen in 't Oude en Nieuwe Testament zonder de Apocryphe Boeken? "

3. „Of het Heilig Avondmaal viermaal des jaars op behoorlgke tijd gehouden werd, na voorafgaande HuisbezoeUngi en Proef predikatie f"

4. „Of de jonge jeugd in de Scholen wel werd onderwezen, ende in goede tucht gehouden!"

5. „Of de Ouderlingen en Diaconen op hunnen gezetten tgd alle jaaren verandert werden"? (geregelde aftreding van Kerkeraadsleden dus).

6. „Of de Kerkeraad ter gezetter tgd en bg voorvallende gelegenheid ten minsten telkens voor de bedieninge des Avondmaals, 't zij op den dag des Heeren of in de weeke gehouden word met aanroepinge van des Heere Heilige Naame"?

7. „Of alle het noodige verhandelde in den Kerkeraad ordentelijk geboekt, en het geschreeven daar van zorgvuldiglp bewaard wordt"?

9. „Of wei alle kerkelgke zaken kerkelgk werden behandelt volgens ordre van de Synodus A». 1713—1721"!

10. „Of voor alle Nachtmaal-tijdt Cemun Morum omtrent de Leden der Kerkenraada werd gehouden"?

11. „Of de Kerkelgke Tucht en Discipline naar 't voorschrift van Gods Heilig Woord, door den Kerkeraad in goede ordre werd betragt tot weering van alle ergernis"?

12. „Of de visie van de aanteekeninge der Gedoopten, Ledematen en Getrouwden; (daar het laatste mogelgk is) aan de visitatores kan gegeeven worden"!

­ 13. „Of de Formulieren van eenigheid wel en betamelijk werden onderhouden en onderteekeut" ? 17. „Of de rekening der Diaconie ook alle jaaren gescbiedt"?

18. „Of er geen ongeoorloofde conventiculen gehouden worden? volgens Resolutie van de C. Synodus 1677 §44".

19. „Of niet ergens eenige onmin of onlust ontstaan zij; en daaromtrent voorzigtelijk en met bescheid te handelen".

Te vragen aan den Kerkeraad, terwijl é Predikant of Predikanten zullen buiten «tóod

_. Of de Predikant of Predikanten de deelen van hunnen dienst getrouw ende neerstiglijk bekleeden, ende onder het volk met Leeren en Leven stichtinge doen?

2. Of de manier van leeren die hij| waarneemt stigtelgk, eerlijk enprofyte^ Igk is, afgezondert van alle nieuwe, onschriftmatige en vreemde termen, insgelgks ook van alle menschelpe] fabelen, citatiën van nieuwe Scribenten, en veelvoudig invoeren van Heidensche Schriften.

4. Of hg den Catechismus leert en Heihge Sacramenten na de instellinge | des Heeren en gebruik der Gerefor-l meerde Kerken, zonder eenige nieuwe Ceremoniën daar onder te vermengeni bedient, en zulks alles ter behoorlijke tgd en plaatse?

5. Of de Predikant of Predikanten! niet schuldig maken veranderingen 1 aan te brengen in de Formulieren van Doop en Nachtmaal? (veranderde] redactie).

6. Of de Doop werd bediend in de Kerke zoo dikwijls voorwerpen', 't zg bejaarde of jonge kinderen zig daartoe aanbieden ; en dat na de gewoonte es j Formulieren, in onze Kerken gepracti zeert en gestatueert; vooral ook dei kinderen ten overstaan van Vader en | Getuigen?

7. Of ook in het voorleezen van het Formulier des Doops, vooral in het gebed, en de 3 Vragen aan de Ouders eenige veranderinge, 't zq door uitlatinge of inlassinge van woorden en gpreekwqzen werd gemaakt?

g Of hg de aankomelingen tot het \Avondmaal in den grond des geloofs onderzoekt? de Ledematen voor de bediening des Avondmaals bezoekt? de namen der Communicanten Gedoopte en Getrouwde luiden aantekent? de kranken beizoekt? op den armen agt neemt? de Schoolen behartigt? de kerkelijke bijeenkomsten waarneemt? de Discipline met zgnen Kerkenraad in goede ordre betragt?

9, Of hij zqne gaaven niet alleen met vlijtigheid in 't studeeren, maar ook Godzaligheid oefent? Op zqne huishoudiage goede agt neemt, zijne kindereu en huisgezinnen in de Godzaligheid optrekt, zig van 't frequenteeren (druk bezoeken) der herbergen en 't onnoodig absenteeren van zijne Kerke mijdt? hem niet bemöeyt met Politique zaken, voornamelijk niet met versoeninge over de doodslagen. Item of Hg eenige vreemden handel, schadelijk zijnen dienst, onder zijn Ampt vermengt? Hem in handel en wandel anders draagt dan een vroom en getrouw Dienaar des Heeren schuldig is te dragen?

Te vragen aan den Predikant of Predikanten m Diaconen, de Ouderlingen bestaande.

1. Dewijl de Ouderlingen en Diaconen den Dienaren des Woords gestelt zijn tot hulpe, soo sal men ook ondersoeken: a. Hoe dat haar verkiesinge geschiet zij. ö, Hoe sy hun in haare bedieninge en professie dragen ? De Ouderlingen of zg ook nevens de Dienaren zorge dragen over de kudde des Heeren ? goede ordre waarnemen ? arbeyden om alle ergernissen van de Kerk des Heeren sooveel het doenlyk is, weg te nemen? de swakke sterken, de gevallene tot bekeering vermanen, de ongeregelde bestraffen en daartoe trachten om alle twist en oneenigheyt onder de Ledematen ter neder te leggen? de Kerkelgke bijeenkomsten waarnemen ? en in haaren Kerkenraad notitie van haare Kerkelqke zaken houden?

i. Of de Ouderlingen in publieke Catechisatiën en Predikatiën tegenwoordig zijn en mede assisteren? ' Vooral op den dag des Heeren.

Te vragen aan den Predikant of Predikanten en de Ouderlingen, de ÏHaeo buyten staande.

1. Of zq den armen van haare Gemeente met een bewogen gemoed besorgen? en behoorlgke rekeninge doen van de administratie der penningen, bq hun ontfangen en uytgegeven?

2. Of de Diaconen de Diaconie-middelen wel en behoorlijk administreeren met kennisse en toestemming van Predikant of Kerkenraad onder wien sy staan en aan welke zij moeten rekeninge doen?

8. Of zq hunne jaarlijksche rekening doen naar de oude gewoonten der plaatsen? vooral in tegenwoordigheyt der Predikanten en Kerkenraad, en het slot der rekeninge jaarlyks gesuyvert ofte voldaan wordt, als geschieden moet?

4. Of de penningen, in de Kerk gecollecteerd in tegen woordigheyt van Predikant en Kerkenraad worden getelt en aanteekeninge daarvan gehouden?

Te vragen aangaande de Voorgangers Schoolmeesters.

1. Of zq ordentlijke en stichtelqke Ledematen zqn?

2. Of zq wettelijk en na de oude ordre zqn aangestelt?

3. Of dezelve de Formulieren van eenigheyt onderteekent hebben? en daar Latqnsche Scholen zqn, of zulks ook is geschiedt door Rectoren en Preceptoren, na de ordre van de Post-Acta Synodi Nationalis sess. 164.

4. Of zq in 't Schoolhouden zig neerstelqk bevlqtigen? en de gronden van de waare Ohristelqke Gereformeerde Keligie uyt den Heidelbergsche Catechismus onderwqzen en inscherpen, volgens het besluyt van de Nat. Syn. sess. 17 Nov. 130.

5. Of zq de schoolkinderen alleen re«htsinnige en stichtelqke boeken laten lezen en hun daaruit leeren? en ook dezelve in goede manieren en godsaligheyt onderwysen? en zq zig aan dezelve daarin qverige voorgangers en voorbeelden betoon en?

6. Of zq het geheele jaar tot onderwqs der jeugt school houden, daar het mogelqk is?

7. Of zq in de ordres des Kerkenraads na hun plicht, dezelve ten dienste zijn?

(Wordt vervolgd.


") Zie de Nos. 22 « Mei) en 24 (16 Mei).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit het kerkelijk leven.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 augustus 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's