De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Feuilleton.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Feuilleton.

5 minuten leestijd

OMBRA.

VAN STERVEN EN LEVEN.

Een waar verhaal door JAN VELTMAN, 40)

Reeds had ze zich zelf al beschuldigd, dat ze meer dacht aan Wgnanddanaan God, en met die beschuldiging was ze voor God gekomen, en als ze gebeden had, meest met nog niet in woorden gevormde gedachten, werd het haar, of Wijnand zich verplaatste op de wgzerplaat van haar magneet, en kwam op de Iijn, waar de naald naar God wees. En ze dacht er aan, dat God den mensch had geschapen man en vrouw, en dat Hq reeds den eersten man en vrouw tot één vleesch had gesteld. H^ had niet alleen gezegd, dat het alleen zijn voor den mensch niet goed was, maar ook Adam doen inzien, dat hij alleen was.

Maar daartegenover kwam dan weer 't woord van den Heere Jezus, dat wie iemand liever had dan Hem, zgns niet waardig was. En dan ging ze zoeken en speuren en meten, en dan kwam ze tot de som, dat ze Wijnand liever had dan haar Heer, en dan weende ze en zei ze: „Maar Heere, Gij zijt toch mqn alles? En wees ook het alles van "Wiijnand"

Als ze — misschien reeds Zondag — Wgnand weer ontmoette, Zou ze hem — als 't pas gaf — allerlei zeggen en vragen; als voormalige dorpsgenooten hadden ze een zeker recht, om bij elkandier te staan, of samen naar huis of kerk te - wandelen I

En 't werd Zondag.

Ombra had de middagbenrt. Ze zag van verre Wgnand de kerk ingaan, en hoopte... dat zij daar elkander niet zouden zien, want zij vreesde dat hg — tusschen God en haar in —  haar in den weg zou zitten. Want zij wilde nu naar de kerk alleen om er God te hooren en in gebed en gezang tot Hem te spreken. En haar wensch werd vervuld: goed en wel gezeten, zochten — o zoo vermomd — haar oogen alle banken af, en vonden nergens Wgnand. Dan voelde ze spijt daarover, — en hoopte nog telkens, dat hg zgn hoofd van, achter een ander zou opheffen. En als, ze zich dat zoeken en hopen bewust werd, schaamde ze zich voor God en voor zichzelf, en dan was 't haar, of in haar ziel een paar gespierde en geharde ellebogen telkens iemand afweerden, als om pad en poort open te houden alleen voor den Meerdere, haar HeerI

En 't werd haar zóó gemakkelgk gemaakt, dat zij Wgnand vergat, geheel vergat, en maar luisterde, ongestoord, naar de Woorden des levens, zoodat ze, toen ze na 't einde bij 't heengaan tusschen de hekpalen tegen Wgnand geduwd werd, er van schrok, alsof hg daar plots uit de aarde was opgedoken.

„Hé, Ombra!" „Wgnand I"

Een eindje nog konden ze met heel den stroom mee langzaam naast elkander voortgaan.

„'t Was er goed vanmiddag, hé ? " zei hg. „Ja — zei ze — heerlgk!" „Je hebt hier een beste dominee!" „Zoo, denk je? " „Nou! — zei hg — maar jij hebt zeker nooit een anderen gehoord? " „Nee, nooit, Wgnand. Ik dacht, dat ze allemaal gelijk waren".

Aan den breeden weg splitste zich de menschenstroom, hoewel er altijd eenigen aan den overkant bleven staan, wachtend op wie nog komen moesten. Ombra en Wgnand toefden hier ook even,

„Als je er niet tegen hebt Ombra, wil ik wel een eindje met je oploopenl"

Zij voelde zich kleuren. „O, dat vind ik heel van je I" vriendelijk

Zij haar kerkboek met beide handen dragend, hg met de handen op den rug in elkander gehaakt, beiden steeds de oogen naar den grond gericht, stapten ze langzaam voort. Al de anderen kwamen hen voorbij, nu — omdat er zooveel menschen waren — zonder groet,

„'k Heb nog voor kort den baas 't zelfde hooren zeggen, wat de dominee vanmiddag zei over Christus' nederdaling ter hel, dat soms ook de kinderen Gods iets gevoelen van de ontzaglgke verlatenheid, waarin de Heere Jezus zich bevond, toen Hij uitriep: Mgn God! mgn God! waarom hebt Gg Mg verlaten! — En mgn baas zei ook, dat het een voorrecht was, om daar eens iets van te voelen, omdat het daardoor mogelijk werd, eenig begrip te krijgen van 's Heeren ontzagliijk zielelijden ...."

Ja, zij had dat ook wel gehoord in de kerk, maar 't niet te goed begrepen. En nu ineens begreep ze't wel, en kende ze maar al te goed die vreeselijk angstige verlatenheid, waar Roosje niets van wist, en ze met oom Johannes nog niet over durfde te spreken. En nu terstond zag ze verstandelijk, dat wat zg zoo menschelgk klein had gevoeld om eigen zonde, de Heere Jezus in al zgn ontzaglijkheid zoo Goddelijk groot had moeten Iijden om haar zonden en om de zonde van al zgn volk.

Zie, dat had Wijnand haar nu helpen duidelijk maken. Voorzeker was hg juist als oom Johannes!

„Wijnand,  zouden allen, die den Heere zoeken, dat niet soms voelen? " Beiden staarden maar steeds naar den grond, en hg scheen daar nu een antwoord te zoeken.„Ik denk, niet in dien zin als de dominee 't bedoelde, Ombra."

(Wordt vervolgd, )

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 september 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Feuilleton.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 september 1919

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's