Stichtelijke overdenking.
Maria dan genomen hebbende een pond zalf van onvervalschten zeer kostelijken nardus, heeft de voeten van Jezus gezalfd, en met haar haren Zijne voeten afgedroogd; en het huis werd vervuld van den reuk der zalf.« Johannes 12 vs. 3.
Zes dagen vóór het Pascha kwam de l Heere Jezus te Bethanië. De plaats, waar Lazarus woonde; Lazarus, dien Hg uit m de dooden had opgewekt. De Heere Jezus werd uitgenoodigd door Lazarus, d Maria en Martha bij hen het avondmaal te gebruiken. Als zij aanlagen tot het gebruik van het avondeten, kwam Maria achter den Heere Jezus met eene flesch met zalfolie. Zij brak den hals van de flesch, en goot van den onvervalschten nardus over de voeten des Heeren Jezus. Als de voeten des Heeren dropen van die zalfolie, maakte Maria haar haren los en bukte zich om aldus met haar haren de voeten des Heeren af te drogen. De Joodsche vrouw, Maria geheeten, toont ten duidelgkste dat zq een kind Gods is. De Heilige Geest had haar geest in beslag genomen, en nu was zij daardoor tot die heerlijke geloofsdaad in staat. Maria toonde, dat zij aan de voeten des Heeren Jezus Christus was gebracht. Want het beteekende wat, dat zg daar voor den Heere over had. Zij was toch maar eene eenvoudige joodsche vrouw, en gaat eens na, van hoe groote waarde die flesch met nardus was. Zulk eene flesch met een pond onvervalschten nardus heeft eene waarde van honderd zes en twintig gulden. Zij had dus, al zal zij niet den geheelen inhoud uitgegoten hebben, veel voor den Heere Jezus over. Ik zou u, mijn lezer en lezeres willen vragen: hebt gij als Gods kind ook zooveel over voor den Heere en Zqn dienst? Hoe komt Maria de gemeente van tegenwoordig te beschamen! Zq tracht er zich niet zoo goedkoop mogelqk af te maken. Het duurste is goed genoeg voor de Heere. Geen wonder dat een kind des Heeren er aldus aan toe is. Hq heeft ervaren aan zqne ziel, hoe de Heere Jezus ook het duurste voor hem heeft over gehad. De apostel mocht wel zeggen: „gij zijt duur gekocht". Denkt u eens in, wat de Heere Jezus voor de gemeente heeft gedaan. Hq heeft Zich Zelf laten kruisigen, ja, den dood des kruises heeft Hij voor haar gewild. Zou dan degene, die door Gods genade weet, dat Christus voor hem gestorven is, niet alles voor den Christus als zgn Heiland over hebben? Daarom moest Maria met die flesch met nardus tot den Heere Jezus komen. Wanneer wij ons er altgd nog met kleinigheden, naar verhouding van wat wq konden geven aan den Heere, hebben afgemaakt; waarlqk een bewqs, dat de liefde tot den Heere Jezus niet groot bq ons is. Wq verstaan nog niet voor ons zelven wat de dichter zegt: , deez' êéne zaak heb ik begeerd van God, daar zoek ik naar; dit zq mqn zalig lotl dat ik, zoolang mq 't levenslicht bescheen, in 's Heeren huis mocht wonen hier beneén".
Als wq dat verstaan hebben, dan gaat geheel ons uit naar den Heere Jezus, dan is voor Hem en Zijn dienst niets te veel. In dat geval gunnen wq Hem alles, het kostbaarste en hetgeen ons in de oogen van andere menschen misschien vernedert. Zooals Maria niet alleen den nardus den Heere aanbood, Daar ook haar haren losmaakte om de voeten des Heeren Jezus af te drogen. Deze daad zou zij nooit als eerbare vrouw gedaan hebben in tegenwoordigheid van anderen, als zij niet met geheel haar o hart uitging tot den Heere Jezus. Wanneer een slavenhouder eene zqner slavinnen de grootste vernedering wilde laten ondergaan, dan beval hq haar zijne voeten te wasschen, en ze daarna in met haar haren af te wisschen. Maria geeft dus hier een overtuigend bewqs, dat zij een kind des Heeren is. Ach, indien niet eerst de onvervalschte zeer kostelijke nardus des Heiligen Geestes onzen geest gezalfd heeft, zoolang zullen wij niet een pond zalf van onvervalschten zeer kostelijken nardus geven aan den Heere en Zqnen dienst. Maar als die kostelqke zalving des Heiligen Geestes heeft plaats gevonden, dan zullen wq als Gods kinderen de voeten des Heeren van Jezus begieten met den nardusolie onzes geloofs en onzer liefde. Als de Geest des Heeren onzen geest heeft aangeraakt, dan zullen wq ook als Maria de grootste nederigheid kennen. Gelqk de Heere Christus verstaat om Zich te vernederen, de dienstknechtsgestalte aangenomen hebbende, Zoo zal Gods volk ook zich volgaarne vernederen, daar de liefde tot Christus hen er toe dringt. Maar wanneer die Geest des Heeren ons niet heeft bewerkt, dan zullen wij de natuurlgke geneigdheid des harten volgen en als echte wereldlingen de waarde van den kostbaren nardus liever gebruiken voor onszelven, voor weelde en wereldsche zaken. In dien staat zullen wij op zijn mooist een bedelaarsgift met de houding van den hoogmoedige den Heere in Zijn dienst gunnen; ja eerder nog zullen wq Hem onzen trotschen nek toekeeren. Dan wordt er geene enkele aanraking voor ons gevonden met den Heere Jezus; wq wenschen die ook niet te kennen. Verstaat echter, dat er dan voor ons ook geene aanraking zijn zal met den Heere, als de tqd verwisseld is met de eeuwigheid. Al zouden wq dan door berouw des harten gedreven, en door wroeging als 't ware er toe gedwongen, nog zoo gaarne onzen nardus geven aan den Heere; wij zijn er dan ten eenenmale niet meer toe in staat. Onze ziel is daar geheel door den Satan veroverd en het zal onmogelijk zqn den Heere ook maar iets meer te geven. De afstand is te groot geworden, er kan geene sprake meer zqn van overgang. Ach! dat gij dan nog met jaloerschheid aangedaan werdt; dat gij nog mocht kennen, dat staan als Maria bij de voeten des Heeren. Want waar is het beter dan bq de voeten des Heilands? Maria wist het. Zij had gezeten aan die zegenbrengende voeten, om zoo te hooren van de lippen des Heeren de woorden van wqsheid, den wil des Hemelschen Vaders. Daarom overgoot zij bq dat avondmaal die gezegende voeten des Heeren met hare olie des geloofs en der liefde. Daar is niets heerlqker dan dat werk van Maria.
Immers dan zqn wq zoo dicht mogelijk bq den Heere Jezus als het maar zqn kan. Dan zqn wq bezig God de eer te geven in Zqn Zoon Jezus Christus. Gevoelt gq wel, mijn lezer, mijne lezeres I dat gq niet klaar komt met dat halve werk, dat zoo vaak in de gemeente gevonden wordt; dat feitelqk is een dobberen tusschen God en de wereld? Dat gij niet klaar kom met het nederzitten, klagende over uwe zonde? Daar moet meer gebeuren. Gij moet in Gods kracht onder de leiding des Heiligen Geestes verstaan, dat de Heere Jezus ook van u is, omdat gij van den Heere Jezus zijt. Dan zult gij wel aan de eene zqde overtuigd zqn, dat gq niets zgt dan stof en asch, maar dan ook zult gq uw kracht vinden in den Christus en in Hem alleen.
Toen Maria die zalfolie over de voeten es Heeren uitgoot, werd het geheele uis vervuld van den reuk der zalf. De welriekende geur van de zalf verspreidde zich door het huis, zoodat alle aanwezigen konden genieten van die zalving van de voeten des Heeren, Zoo moet het ook zqn, als de nardus des geloofs en der liefde des harten van Gods kinderen den eere wordt gebracht. Dan moet dat eene zaak zijn, die zoo - gesteld is, dat ook anderen daardoor gesticht worden. En dat zal zoo wezen, als de offerande waarlqk ene zijn zal ter eere Gods. Zoo wil God het, dat Zqn volk openlijk uitkomt met hun offer des geloofs. Geloof en liefde laten zich niet opsluiten. Zq bedoelen Gods eer. En deze eer krijgt God in het midden van de wereld. De wereld moet doortrokken worden van het geloof en de liefde van Gods kinderen. En daarvoor zal God zorg dragen. Zooals Maria den Heere Jezus niet den ardus kon geven, dan in het midden der menschen, die mede aanlagen, zoo zal Gods volk niet in een hoek, in het verborgene tot den Heere Jezus kunnen komen, maar Hij zal zich laten vinden door hen in het midden der wereld, opdat de wereld wete, dat Hq een volk heeft op de aarde, dat Hem hun dienst des harten geeft. Kan het ook van u gezegd worden, mijn lezer, mqne lezeres dat het geheele huis vervuld is van den nardus des geloofs en der liefde door den Heere gegeven? Zoo moet het wezen. Wanneer het aldus nog niet is, dan staat het niet wel met u. Een godsienst onder stoelen en banken verborgen heeft geene waarde bij den Heere des hemels en der aarde. Hq heeft Zqne liefde voor u ook waarlijk niet verborgen, maar openlqk ten aanschouwe der gansche wereld aan den dag gebracht, nu vraagt Hg ook van u, Zgn eer openlqk in het midden der wereld; zoodat zq vervuld wordt door den geur van den nardus van uw geloof en uwe liefde voor den Heere Jezus, Dat gq dit verstaan moogt, als het zoo met u nog niet gevonden wordt, opdat ook gq als eene Mariagestalte uwe flesch met zalf van onvervalschten zeer kostelgken nardus komt uitgieten over de voeten des Zaligmakers en het geheele huis ook door uw werk des geloofs en der liefde als van een waar kind des Heeren vervuld wordt van den reuk der zalf.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 oktober 1919
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 oktober 1919
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's