Feuilleton.
OMBRA.
VAN STERVEN EN LEVEN.
Een waar verhaal door JAN VELTMAN. 50)
Tante Betje had sedert de begrafenis van haar eenige dochter het verlies bq den dag zwaarder voelen worden, en werd één stuk levende treurnis. Want waar ze in huis kwam, omhoog of omlaag, overal vond ze herinneringen aan haar Mina, en zoo werd de triestige leegheid al grooter en grooter. O, ze wist het zoo goed, dat Mina nu bij haar Jezus was, onuitsprekelqk rgk en gelukkig, eü zg misgunde haar dat niet, neen, met bovenaardschen glans in haar tranen sprak ze van 't eeuwig zalig leven barer dochter tot wie daarin belang stelden, maar — zg zelf was nu zoo arm, zoo dieptreurig arm, omdat ze dat lieve kind niet meer om zich heen had.
Ombra had telkens gehoopt, dat tante's treurigheid eindelgk iets zou minderen, maar gaf reeds die hoop op. En ze wist nu ook niet meer, waarmee ze haar zou troosten.
Oom Johannes scheen dezelfde van altijd, hij was alleen maar wat stiller dan voorheen en zuchtte soms diep; en zg vond dat er nog veel meer leven was in zgn bidden dan vroeger.
Zij trof nu beiden bg elkaar in de kamer en merkte aan alles, dat ze weer spraken over Mina. Tante schroefde nu telkens aan de lamp om meer licht te hebben bij 't kousenstoppen, en scheen niet te beseffen, dat 't tjiet aan de lamp, maar aan de tranen te wgten was, dat ze haar werk niet goed kon zien.
„Oom, weet u 't al, dat Andries van der Terp van Termole zoo haastig gestorven is? "
„Ja, Ombra, wij hebben bericht gehad. Ja, nu is mgn oude vriend Andries ook al thuis "
„En de weduwe wil de zaak niet aanhouden, "
„Dat hoeft ook niet. Zg kan er wel zonder leven., .."
„En nu zou ze heel de tuinderg willen overdoen aan Wijnand!"
„Wel, dat is mooi. Dat is juist iets voor WgnandI Wonder, zooals toch alles weer terecht komt. — Betje, hoor je dat? " Och, de vrouw was zóó ver weg, alleen met haar kind, dat ze van niets wist; en haar man scheen dit al gewend te zijn. Zg luisterde nu aandachtig naar wat beurtelings haar man en haar nicht vertelden, en dan in eens pakte ze Ombra bg den arm en haar wangen kwabbelden als voorheen.
„Kind, dat moet Wgnand doen! Dat is van den Heere. En dan kunnen juUui trouwen I Ooh, och, wat zou Mien daar big mee geweest zijn."
Eu terstond begon de vrouw weer te huilen.
„Ja, — zei de oom — dan was de aangewezen weg, dat je trouwde. Jg hier, en hg daar in Termole, dat zou geen aardigheid zijn."
Plots pakte tante weer Ombra's arm. „Maar kind, nee, — jg in Termole — dan zagen we je nooit meer. Mien weg — en jij ook weg...."
De tranen begonnen opnieuw te stroomen.
„Ik ben big, dat oom en tante beiden het goed vinden; dat zal Wgnand ook aangenaam zgn. Maar weet u, oom! — er is nog al wat geld voor noodig ... en omdat ik vader en moeder altgd geholpen heb, kon ik geen spaarpot maken. en Wgnand "
Tante had al weer haar arm gegrepen.
„Meid, maal daar niet om! WiiJ zullen je wel helpen. Niet waar, Johannes? En als Willem nu toch voor dominee leert hij is nu maar alleen alleen — — die lieve Mien zal nike meer noodig hebben och...."
Ombra zag wel, dat haar oom liever had dat tante er niet zoo alles uitflapte; ze werd er verlegen mee, en zei:
„Oom! — zou 't dan maar niet't best zgn, dat Wgnand eens hier komt, of wg samen? U kunt er dan ook eerst eens met tante over spreken."
„Ja, Ombra, dat ia heel goed. Komen jullie dan samen. Je kunt al vast wel aan Wgnand zeggen, dat het mg bgzouder goed zou aanstaan, als juist de man van mgn broers dochter...."
„Van onze Ombra!" viel tante hem in de rede.
..... op 't spul kwam van mijn ouden vriend. Wgnand zou daar den goeden 'naam van den ouden tuinbaas handhaven, en jg zoudt hem daarin trouw 'ter zgde staan."
-Als de Heere met ons is, oom!"
„Dat zal Hij, kind! Dat zal Hij zekerI" bevestigde tante met ernstige gebaren.
Ombra ging heen en toen was tante's laatste woord:
„Morgenavond samen langer komen, hoor. Dat doet mg goed, kind. O, 't doet zoo goed. — Ombra, ja krijgt een besten man; een man van den Heere!"
„Ja, tante." Ze schoot weg.
Wgnand kwam haar vlak bg 't dorp eeds te gemoet en samen gingen ze tot an „De Polen."
HOOFDSTUK XVII.
De plotseling opgekomen trouwplannen hadden niet alleen het innerlgk van Ombra met zulk een rommelige drukte vervuld, alsof 't daar aan de groote schoonmaak, of de voorbereiding van een verhuizing bezig was, waarbg geen ding op zgn plaats bleef en hier en daar veel stof en spinrag te voorschgn kwam; maar ook buitenwaarts veroorzaakten die plannen zooveel ongewone doening, dat ze de oogen niet alleen van Stientje, maai ook van mevrouw vragend op zich zag gericht.
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1919
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1919
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's