Financiën.
Men spreekt er tegenwoordig wel eens' over dat het Studiefonds noodiger is en meer gesteund moet worden als het Leerstoelfonds. Ik bemerk dat ook wel aan sommige collecten die mij worden gezonden, waar uitdrukkelijk bij vermeld wordt dat ze uitsluitend voor het Studiefonds bestemd zijn. Nu zal ik de laatste zijn om te beweren dat 't Studiefonds niet in 'n zeer groote behoefte voorziet en aller steun ten volle en ten hoogste verdient Neen met innig genoegen zend ik elke maand of per drie maanden een bedrag aan onze jonge menschen die zich voor het predikambt bekwamen en die naar menschelijke berekening dit zouden moeten nalaten, zonder de steun van 't Studiefonds. Een heerlijke taak heeft het Studiefonds, en wij kunnen er niet dankbaar genoeg voor zijn dat het bestaat
Maar daarom behoeft men het Leerstoelfonds nog niet minder te achten en te denken dat dit het nu minder noodig heeft, althans minder dan het Studiefonds.
Het doel van 't Leerstoelfonds is zooals ge weet een kapitaal bijeen te brengen, uit welks rente 't honorarium zou kunnen worden betaald voor de instelling van een bijzonderen Leerstoel aan een onzer Universiteiten, bij voorkeur in Utrecht, om onze studenten-te onderwijzen in zaken waarvan 'n gewoon mensch zou zeggen : dat is natuurlijk nummer een wat ze moeten weten. De leer der zaligheid zal ik het maar noemen. In heel veel dingen worden ze onderwezen ; van allerlei moeten ze kennen waar wij eenvoudige menschen geen eens begrip van hebben, maar wat naar onze meening het noodigste is als onze jonge menschen de geestelijke leiding van een gemeente aanvaarden, om hun schapen den weg naar het eeuwige leven te wijzen : over zonde, genade, wedergeboorte, bekeering, zielestrijd, ellende, verlossing, dankbaarheid en wat dies meer zij, nagenoeg met geen woord wordt er over gerept. Als ze in al de andere wetenschappen maar goed thuis zijn, dan is het in orde en zoo komen dan onze leeraars in de gemeente die hen heeft geroepen.
. Als het menschen zijn die hun taak ernstig opvatten en zich hun roeping bewust zijn, zullen zij zeker onder biddend opzien tot Hem die hen roept, zich op de kennis van deze onontbeerlijke zaken toeleggen, natuurlijk, maar aan de Hoogeschool hooren ze daarvan zoo goed als niemendal.
Toen ik dat voor 't eerst hoorde dacht ik dat ze mij wat wijs wilden maken, zoo ongelooflijk kwam mij dit voor. Maar het is zoo en niet anders.
Een bijzonder hoogleeraar aan te stellen, die hierin onze studenten tot een leidsman en tot hand en voet kan zijn, die hen uit de schat van zijn ervaring en kennis kan onderwijzen ; welke gevaren en klippen zij op hun weg zullen ontmoeten en fien daarop te wijzen ; hen dieper in te leiden in 't geestelijk leven, dit is het heerlijke doel van het Leerstoelfonds. En dan vraag ik u : Is dat niet noodig ? Moeten wij niet alles doen om dat doel te bereiken ? Zoo'n professer had er al lang moeten zijn !
Praat er nu niet van dat onder de Gereformeerden geen geschikt persoon is aan te wijzen. Daar zouden wij op het oogenbiik ook nog niets mee kunnen doen, want wij zouden toch nog geen tractement kunnen aanbieden waar hij behoorlijk van zou kunnen leven. Maar bovendien zoo'n geschikte geleerdheid is er soms eer dat ge het denkt, want onder de jonge krachten van den laatsten tijd kunnen er zijn die zich ontwikkelen tot een hoogte, die verrassend is en waarvan men dit niet zou hebben vermoed. Dan zou het kunnen zijn dat wij moesten zeggen : Nu hebben wij een geschikt persoon, als 't ons nu maar niet ontbrak aan de middelen om hem te salariëeren Ziet, daar moeten wij voor oppassen. Dat mag niet! Daarom het Studiefonds steunen. Uitstekend !
Maar het Leerstoelfonds niet minder.
Gelukkig wij gaan hard vooruit met ons kapitaal, maar er is veel voor noodig. Het moest vlugger gaan. Groote bedragen moesten geen enkel jaar aan onze rekening ontbreken. Legaten moesten ons in meerdere mate geschonken worden. Er is haast bij. Bedenk dat toch.
Daarom wenschen wij voort te gaan uw belangstelling voor 't Leerstoelfonds gaande te houden. Het doel is dubbel waard er alle krachten voor in te spannen.
Met hartelijken dank ontvingen wij deze week uit :
Vlissingen, van A. Marinussen, penningmeester der afdeeling, de opbrengst van de collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. G. Lans, van Monster, ƒ 23.50, waarbij ƒ 5 voor de Bondskas, te zamen ƒ 28.50 ;
Kralingen. Waarde penningmeester. Met deze zend ik u ƒ 1 voor het Studiefonds, want ik heb verleden week tien gulden meer ontvangen daar ik niet op gerekend had. Dat was dus een meevaller. Nu dacht ik, daar is er een bij voor onzen penningmeester. Dat is 10 procent. Nu, penningmeester, de groete van Een werkman uit Kralingen.
Hartelijk dank voor dien tegenwoordig zoo zeldzamen klank uit deze kringen ;
Wijngaarden, afgezonden door I. Korevaar Az. ƒ 15. De opbrengst van de collecte gehouden voor de fondsen bij een spreekbeurt door ds. Kraay, van Gorkum. De opbrengst was niet groot door het slechte weer en een sterfgeval
Wilnis, ƒ 2.50 door A. Verijk, penningmeester van de Christ Jongelingsvereen. : „De Heere is onze Wetgever" uit busje 105;
De Bilt, door den heer S. H. van Rheenen ƒ 62.45, zijnde de opbrengst der collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. j, de Bruin, te Zeist, op 12 Febr.
Diri(sland, door ds. K. van As ƒ 5. Door een vorig inwoner van Dirksland aan Z.Eerw. ter hand gesteld. Te verdeden over de beide fondsen ;
Leerbroek, door den heer G. van Gent ƒ 62, te verdeden over de beide fondsen, zijnde de collecte gehouden bij een spreekbeurt van ds. de Geus uit Veenendaal ;
Kampen, door j. de Groot, penningm. van de vereen. „Uw Woord is de Waarheid" ƒ 10, zijnde de inhoud van busje no. 125 van de maand Januari ;
Hoogeveen, door ds. Gunning ƒ 56.50 voor de beide fondsen, zijnde de opbrengst der collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. Van Wijngaarden, van Den Ham ;
Maassluis, door ds. J. J. van der Grient ƒ 2.50 voor den Geref. Bond en ƒ 2.50 voor het Studiefonds, beide giften gevqnden in de kerkcollecte aldaar ;
IJsselmonde, door den heer C. in 't Veld, diaken, ƒ 2.50, gevonden in de collecte en bestemd voor het Leerstoelfonds ;
Ookkum, van M. Pekelsma Jr. ƒ 1 voor aangifte van lid als contributie voor 1920.
Tevens kan ik nog vermelden dat als nieuw lid zich opgaf ds. F. Anker, te Lopik ; verder dat ik tot mijn spijt niet meer kan voldoen aan aanvragen voor propagandablaadjes. Ik ben schoon uitverkocht Ik heb er geen enkele meer.
Het totale bedrag van deze week is ƒ 251.45. Voor deze belangrijke bijdrage aan allen hartelijk dank. Gebiede de Heere den zegen over gevers en gaven.
De penningmeester,
Arnhem, Pels Rijckenstraat 28.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 februari 1920
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 februari 1920
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's