De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE UNIE „EEN SCHOOL MET DEN BIJBEL 1878 — 3 Augustus — 1920.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE UNIE „EEN SCHOOL MET DEN BIJBEL 1878 — 3 Augustus — 1920.

6 minuten leestijd

Opdat dit tot een teeken zij onder ulieden : wanneer uwe kinderen morgen vragen zullen, zeggende : wat zijn u deze steenen ? Jos. 4 vers 6.

Aankondiging van de 42ste jaarcollecte voor de Scholen met den Bijbel.

Unieblaadje No. 54.

TOT EEN TEEKEN.

Wij zijn nu, naar wij hopen, met onze scholen met den Bijbel aan het einde van de woestijnreize, die wel ongeveer tweemaal veertig jaar heeft geduurd. Wij staan gereed, Kanaan, het land waarop wij met onze scholen recht hebben, in te gaan. Onverwacht zijn wij door de Jordaan gegaan en op den effen rechtsbodem gekomen.

Wat zullen wij nu doen? Rusten? Ons legeren in de vlakke velden van Jericho, om daar te blijven en het land te laten in de handen van hen, die het verontreinigen ? Dat zij verre ! Nu moeten wij aan het veroveren. Met de geestelijke wapenen, die de Heere ons in Zijn Woord schenkt, moeten wij aan 't werk. Zelfs moeten wij niet lang wachten. Geen getalm. De politieke strijd is uit. De paedagogische vangt aan, zal wel langer dan 80 jaar duren, zal meer krachtsinspanning en zelfopoffering vragen dan de schoolstrijd tot nu toe van onze vaders en van ons heeft geëischt, en stelt ons en onze kinderen voor een heilige taak.

De vervulling van die taak zal ons noch onzen kinderen mogelijk zijn, indien wij vergeten wat God in het verleden gedaan heeft en de wegen verlaten, waarin onze ouders en grootouders hebben gewandeld. De zaak van de School met den Bijbel blijft de zaak des Heeren, die wij nooit anders dan in Zijne kracht kunnen verdedigen en bevorderen.

Te staan in des Heeren kracht, dét moeten wij en onze kinderen leeren. Dat wil de eere Gods. Daaraan herinnert ons het verleden. Dat predikt ons de Unie-collecte.

De herinnering aan het verleden en aan Gods daden in dat verleden heeft Gods volk altijd noodig gehad. Bij de instelling van het Pascha had de Heere er op gerekend. „Het zal geschieden, wanneer uwe kinderen tot u zullen zeggen : wat hebt gij daar voor een dienst ? Zoo zult gij zeggen : dit is den Heere een paaschoffer, die voor de huizen der kinderen Israels voorbijging in Egypte." Dat paaschlam zou de nieuwsgierigheid der kinderen opwekken, en de ouders nopen tot het verhaal van den dienst in en den uittocht uit Egypte. Behalve sacrament van het verbond Gods, was dat Pascha voor het volk tot een teeken van de daden Gods.

Zoo was het ook na den doortocht door de Jordaan. De steenen uit het midden der Jordaahbedding werden aan den rechteroever der Jordaan opgericht tot een teeken, een monument, dat sprak van de machtige daad Gods, die Israël binnen Kanaan bracht.

Zouden wij aan zoo'n teeken geen behoefte hebben ? Zouden wij er niet reeds een hebben ? Zouden wij het niet gaarne behouden, ja, behoorlijk onderhouden ?

Tot een teeken is ons de Unie-collecte.

Als in Augustus of September de collectanten bij u aan huis komen met de Unie-Collecte, dan zullen uwe kinderen vragen : „waarvoor dient toch die collecte ? wat is dat toch ? " En dan moet gij aan 't antwoorden. Dan zijt gij niet getrouw, als gij alleen zegt: dat is voor de School met den Bijbel. Gij moet méér gaan vertellen. Gij moet die kinderen vertellen van vóór 70 en 80 jaar, oe toen hun groot, en overgrootouders zijn verongelijkt en hebben moeten offeren en lijden om hun kinderen het eenig goede j onderwijs te doen genieten met gebed en dankzegging, met gezang en lezing van Gods : Woord, door onderwijzers, die den Heere ; Jezus liefhadden en dienden en die knap ' waren om de kinderen goed te onderwijzen. • Van dien schoolstrijd gaat gij hun dan wat' vertellen, en hoe God in Zijne ontferming de harten van de menschen zóó veranderd heeft, dat wij nu zooveel meer vrijheid hebben, evenveel als alle andere menschen in Nederland. Gij gaat dan uw kinderen zeggen, dat gij uit dankbaarheid aan uwen en hunnen God uw dankoffer in die collecte schenkt en dat zij uit hun spaarpot ook iets daarin geven mogen. Dan gaat gij met de uwen zingen :

God heeft bij ons waf groots verricht,

Hij zelf heeft onzen druk verlicht.

Dan kunt gij hen de namen noemen van Minister Mackay, Minister Kuyper, Minister De Visser, van De Savornin Lohman en Pierson en zoovelen meer. Gij krijgt door die collecte als door een teeken zooveel heerlijke dingen te vertellen, dat gij die Aügustus-collecte niet gaarne missen zoudt. Uw geloof wordt er door versterkt.

Al was zij maar een monument zonder meer, zooals die steenen van Josua, dan was zij reeds al de moeite waard, die hare organisatie eischt. Maar ook zakelijk beteekent zij veel en heeft zij terdege recht van bestaan.

Uw eigen school heeft mogelijk onder de nieuwe wet niet zooveel noodig, hoewel dat ook nog niet mee zal vallen, als gij de school haar karakter van School met den Bijbel wilt doen behouden. Uwe onderwijzers moe ten niet alleen willen, maar' ook kunnen Christelijk onderwijs geven, waarvoor zij ook eigenlijk een diploma moeten hebben. Dat is te krijgen. En als ze 't hebben, moeten ze er voor beloond worden. Maar die belooning moet gij als ouders geven, en dat kunt gij doen door de Unie-collecte.

Uwe onderwijzers moeten opwassen en toenemen in de kennis van de Christelijke opvoedingsleer. Daartoe moeten zij onderzoeken en studeeren. Gij behoort er voor te zorgen, dat aan uwe school een bibliotheek voor hen verbonden wordt. Daarvoor kunt gij uwe Unie-collecte voor een deel gebruiken.

Bovendien is er zooveel, waaraan de Unie-collecte noodig besteed moet worden. Mag ik het eens zóó zeggen : de Heere uw God zal niet verlegen staan met uw dankoffers, al waren ze nóg zoo groot! Laat de man, die in uwe plaats de collecte organiseert, alles 'wat hij niet aan eigen school besteedt, maar zenden aan den penningmeester der Unie. De algemeene vergadering der Unie van het volgend jaar zal dan wel beslissen, waarvoor dat geld het best besteed wordt.

Allerlei roept. Een leerstoel voor Hoogér Onderwijs in de Paedagogiek moet er komen ; die kost jaarlijks ettelijke duizenden. Daaraan moet de Unie meewerken. Voor de opleiding van onderwijzers zal wel flinke steun noodig blijven. Roepstemmen als uit Suriname, zullen wel niet zoo spoedig zwijgen. Waarlijk, de algemeene vergadering houdt keus genoeg.

Tot een teeken waren die steenen van Josua voor ieder, die ze zag. Dat monument werd niet bedekt. Laat zoo de Unie-collecte gerust publiek gehouden worden. Het danken voor de verkregen ruimte voor de Scho len met den Bijbel is een vrije zaak. Evenzoo het brengen van het dankoffer. Alleen vergete men niet, dat er zijn, die danken en offeren willen, en van wien gij dat niet verwacht had ; ook die niet danken en nog minder offeren, van wie gij het toch wel hadt mogen verwachten.

Tot welke behoort gij ? „Offert Gode dank en betaalt den Allerhoogste uwe geloften."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1920

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

DE UNIE „EEN SCHOOL MET DEN BIJBEL 1878 — 3 Augustus — 1920.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 augustus 1920

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's